Schatjes Prive

Gedwongen Klaarkomen

Pijpen tiener negerinnen kutjes

pijpen tiener negerinnen kutjes

.

Lesbische sex zittend neuken

Een doelpunt in de herhaling missen is nooit grappig dynamite. Met een parachute van het tapijt moeten springen is nooit grappig dynamite. Zelfmoord strafbaar maken is nooit grappig Gerald Hampsink.

Vaste klant zijn in een bruidsmode zaak is nooit grappig! Een boom die geen blad voor de mond neemt, is nooit grappig. Het licht in een doodlopende tunnel zien is nooit grappig truus. Een hoer met een wipneus, is nooit grappig. Een voetballer die het ver schopt is nooit grappig Ramon. Een Lama die het achterste van zijn tong laat zien, is nooit grappig. Een terrorist die airmiles verzamelt, is nooit grappig Piet.

Grappig uit de hoek komen waar de klappen vallen, is nooit grappig. In slaap vallen op een mistbank, is nooit grappig Piet.

Een cactussenkweker in een netelige situatie is nooit grappig Martin Koers. Een konijn met een hazelip is nooit grappig Matigoal. Een gynaecoloog met een muisarm, is nooit grappig. Een vibrator met een druiper, is nooit grappig Piet. Een koor dat voor het zingen de kerk uit gaat, is nooit grappig Piet.

Achter in de kerk zeggen dat je de kogel hebt gevonden, is nooit grappig Japiejoo. Een begrafenisondernemer op reis uitzonderlijk noemen is nooit grappig. Kim van der Velden. Tegen een eendagsvlieg zeggen dat hij morgen jarig is, is nooit grappig Piet. Ze wel op een rijtje hebben maar niet in de juiste volgorde, is nooit grappig Heerle B2 Justin.

Je nachtmerrie een baal hooi geven is nooit grappig pinokkio. Een bloemist die niet geschikt is, is nooit grappig Ralphfx. Een schoonmaakster die bleek ziet is nooit grappig koeke bru. Een paard dat het even niet meer trekt is nooit grappig koeke bru. Een skileraar die op de ski piste is nooit grappig Egbert. De slavenhandel een zwarte periode uit onze geschiedenis noemen is nooit grappig. Tegen een necrofiel zeggen dat zijn vriendin een beetje bleek ziet is nooit grappig.

Niet aan de vuile vaat beginnen omdat het al afwas, is nooit grappig zwitus. Een blinde vragen naar zijn kijk op het leven, is nooit grappig miss. Een begrafenisondernemer die zich doodverveeld is nooit grappig Marcel.

Een junkie naar zijn dopenaam vragen is nooit grappig Vink. Een mank persoon die als een blok voor je valt, is nooit grapig WB. Een slippertje maken in de auto is nooit grappig anymous chaeter. Een hele goeie houthakker een kapster noemen, is nooit grappig Ivar. Aan een dove vragen of dat zo hoort, is nooit grappig Ivar. Je afvragen wat er met de eerst 6 ups gebeurt is nooit grappig miss. Een verwarmingsketel die je in de kou laat staan is nooit grappig Harry van Essen.

Een huisarts die de boel verziekt is nooit grappig LeenJan. Een ballon met dynamiet opblazen is nooit grappig Marcel. Met een lijkwagen een doodlopende straat inrijden, is nooit grappig.

Een roodborstje met een Dcup is nooit grappig Smeetz. Een cactus die prikkelbaar is, is nooit grappig Smeetz. Klein Duimpje op zoek naar zevenmijlssteunzolen is nooit grappig Smeetz.

Een dwergkonijn in een reuzenrad is nooit grappig mus. Een tuinkabouter verkopen aan een dwerg is nooit grappig Smeetz. Een huismus die in een caravan woont, is nooit grappig mus.

Een poema met een tijgerslipje is nooit grappig Smeetz. Een vis in je netpanty is nooit grappig Francis meyners. De telefoniste van een datingservices een contactdoos noemen is nooit grappig. Een instructeur op de KMA die een kadetje soldaat maakt is nooit grappig. Een paashaas die zijn ei niet kwijt kan is nooit grappig. Een nicht die zijn poot breekt is nooit grappig Jeroen Bogaers.

Een praatgroep met een spreekverbod is nooit grappig North®. Een voetzoeker die een hand vindt is nooit grappig Smeetz. Op de top van de Mount Everest staan en toch niet je hoogtepunt bereiken, is nooit grappig Michabens. Verboden vruchten opdienen op een verbodsbord is nooit grappig. Tegen een lilliputter zeggen dat hij lang van stof is, is nooit grappig. Een auteur die zijn boekje te buiten gaat is nooit grappig JB. Je hoofd stoten als je voor paal staat is nooit grappig Pim Verheugt.

De kreukelzone van je auto strijken is nooit grappig DePaasHaas. Een loodgieter met een waterhoofd is nooit grappig Blinkiebil.

Een bankier met weinig credit is nooit grappig Blinkiebil. Een wit voetje halen bij Patrick Kluivert is nooit grappig. Koos Alberts op een voetstuk zetten is nooit grappig WB.

Je gekloonde kind Pipo noemen is noot grappig Ronald van de Haterd. Drinken alsof je lever er vanaf hangt, is nooit grappig Ro. Je fiat geven aan de reparatie van je Ford is nooit grappig John Werkhoven. Een muis in je kamer hebben maar geen p. Een fysiotherapeut met een muisarm is nooit grappig Appie. Een strooiwagenchauffeur die er als een zoutzak bij zit is nooit grappig Dre.

Voor een lopend buffet een warmingup doen is nooit grappig peewee. Een systeembeheerder met een virus is nooit grappig Frank. Aan je moeder vragen of hij weet wat een travestiet is, is nooit grappig. Een afwasser vragen of hij er al schoon genoeg van heeft, is nooit grappig Daam en Johan.

Een modderfiguur slaan in een kuuroord is nooit grappig. Een notenkraker die verliefd is op je ballen is nooit grappig voltage again.

Stemmen in je hoofd hebben die nooit wat zeggen, zijn nooit grappig Michiel ten Kleij. Een vluchtstrook in de gevangenis is nóóit grappig Koelio. Een criminele organisatie die in zijn personeel gaat snijden, is nooit grappig Jurian Vernooij. Een timmerman die aan de grond genageld staat is nooit grappig. Een militair in een burgeroorlog is nooit grappig.

De schone slaapster uit de droom helpen is nooit grappig. Een uitsmijter van een discotheek opeten is nooit grappig! Een schrijver die een boekje open doet is nooit grappig. Een piloot die uit de hoogte doet is nooit grappig. Een tijdschrift vragen hoe laat het is, is nooit grappig. Als student bokser worden omdat de kans op slagen dan groter is, is nooit grappig Ivar. Een wegwerpcamera tegen je hoofd krijgen is nooit grappig Erik B. Op een elfenbankje gaan zitten, is nooit grappig..

Tegen een hekje schuttingtaal uitslaan, is nooit grappig. Een theelepel gebruiken om de koffie te roeren, is nooit grappig. Een wandelende tak die van de hak op de tak springt, is noooit grappig vicenzo. Met een tank de weg van de minste weerstand in rijden is nooit grappig. Rijk de Gooyer die de pijp aan Maarten geeft is nooit grappig. Anky van Grunsven op een luipaard is nooit grappig. Marco Borsato uit de droom helpen is nooit grappig. Een spooktrein op een dwaalspoor zetten is nooit grappig.

Een papiervernietiger die zegt dat ie elke dag een snipperdag heeft is nooit grappig. Een vrijgezel een trekpop kado geven is nooit grappig. Zonder ondergoed op een antislipcursus komen is nooit grappig. Hoog van de toren blazen in madurodam is nooit grappig. Een gabber vragen of hij vrienden heeft, is nooit grappig.

Een buikdanseres met gordelroos is nooit grappig. Om escortservice vragen in een Ford garage is nooit grappig. Een olifant een domoor noemen is nooit grappig. Als dove een carbaret voorstelling bekijken is nooit grappig. Soep koken in je hersenpan is nooit grappig. Een kapitein die buiten de boot valt is nooit grappig. Een mongool die zich down voelt is nooit grappig.

Als met kerst je zus wordt geboren is dat nooit grappig. Een loodgieter die de leiding neemt is nooit grappig. Een kraanwagen bestellen als je water is afgesloten is nooit grappig.

Een bokser die een gek figuur slaat is nooit grappig. Wij wensen iedereen een fijne jaarwisseling en een "Nooitgrappig" Kortom keep up the good work! Een moslimvrouw die een tipje van de sluier oplicht is nooit grappig. Te laat thuis komen omdat je bij het knutselen bent blijven plakken, is nooit grappig. Een kangeroe die diep in de buidel moet tasten is nooit grappig.

Een honingbij die freebees spaart is nooit grappig. Een tv gids de weg wijzen is nooit grappig. Iemand met een bloemetjesjurk water geven, is nooit grappig. Nog lang niet jarig zijn op je eigen verjaardag is nooit grappig. Een tovenaar die geen hoge hoed van zichzelf op heeft is nooit grappig. Met een knallend uiteinde op de wc zitten, is nooit grappig. Een schilder met een druiper is nooit grappig. Tegen een beeldhouwer zeggen dat hij zijn beeld niet mag houden, is nooit grappig.

Een gitarist die ontstemd is, is nooit grappig. Een monteur die een sleutelpositie inneemt is nooit grappig. Rekenen op je taalvaardigheid is nooit grappig. Een shovelmachinist die veel opschept is nooit grappig. Nooitgrappigs overtikken uit het archief is nooit grappig, stay original!!!!!!!!!!!! Een chirurg die thuis het vlees snijdt met een scalpel, is nooit grappig.

In bordeel vragen om kinderkorting, is nooit grappig. Aan een klopgeest vragen of hij in het vervolg eerst wil aanbellen, is nooit grappig. Een vette rekening krijgen bij de snackbar is nooit grappig. Een Herniaoperatie die 3 ruggen kost is nooit grappig. Een uitgebluste brandweerman is nooit grappig. Een pedicure die nagels bijt, is nooit grappig. Een euro op de kerstboom zetten omdat je geen piek meer hebt, is nooit grappig.

Iemand die 's winters schaatst met klapschaatsen, zomers laten fietsen met een klapband, is nooit grappig. Een gepensioneerde kapper die nog steeds met zijn handen in het haar zit is nooit grappig. Een gitarist met een gevoelige snaar is nooit grappig. Een lel krijgen van iemand met grote oren, is nooit grappig. Een stier die oude koeien uit de sloot haalt is nooit grappig. Dichters bij een feestelijke opening is nooit grappig.

Een Chinees die bamiballen ophangt in zijn kerstboom is nooit grappig. Je ogen dicht doen in de kijkshop is nooit grappig. Een kleermaker die thuis de broek aan heeft is nooit grappig. Wagenziek worden van je eigen rijgedrag is nooit grappig. Een klokkenmaker die niet bij de tijd is is nooit grappig.

Bij een internet abonnement een surfplank krijgen, is nooit grappig. Een vrouw bij de gynaecoloog een kijkdoos noemen, is nooit grappig.

Een jonge haring naar een school sturen is nooit grappig. Een weekdier met een weekendtas is nooit grappig. Een schroef die geen moer doet, is nooit grappig. Een vibrator die je eerst moet opwinden, is nooit grappig. Een eekhoorn die op zijn eikel bijt, is nooit grappig. Een keeper die er geen bal aan vindt, is nooit grappig.

Een schildersezel die balkt is nooit grappig. Een routeplanner die de weg kwijt is, is nooit grappig. Een coke snuiver een witte kerst toe wensen is nooit grappig. Iemand die al voor zijn crematie een beetje verstrooid is, is nooit grappig. Een blinddate met een dove hebben, is nooit grappig. Een dode beer een wasbeer noemen is nooit grappig.

Een clown die alleen zijn pak vermaakt, is nooit grappig. Als fotograaf geflitst worden is nooit grappig. Je vriend zonder benen een driekwartsmaat noemen, is nooit grappig. Een tandarts die onder de plak zit is nooit grappig. Een werelddeel waar het relatief veel regent, een incontinent noemen, is nooit grappig. Met drank op een Bobslee besturen is nooit grappig.

Frits Spits in de file is nooit grappig. Met een zaklamp kijken of de verlichting uit is is nooit grappig. Een potloodventer een puntenslijper geven is nooit grappig. Een pantoffeldiertje met koude voeten is nooit grappig. Een zwerver van het dak lozen is nooit grappig.

Als kerstpakket een sigaar uit eigen doos krijgen, is nooit grappig. Een potloodventer die met een pen schrijft, is nooit grappig. Een vogel die zich in de nesten werkt,is nooit grappig. In de Spits de Metro lezen is nooit grappig. De spermabank bellen dat je je pincode bent vergeten is nooit grappig.

Een cocaïneverslaafde die z'n neus poedert, is nooit grappig. Een telefoniste aan het lijntje houden, is nooit grappig. Een solliciterende loodgieter met een slechte c. Tatjana Simic op een flatscreen is nooit grappig. Een lilliputter in Madurodam tegenkomen is nooit grappig. Als piraat je houten been breken is nooit grappig.

Op je ligfiets in slaap vallen is nooit grappig. Een hovenier om de tuin leiden is nooit grappig. Een lezing houden over dyslexie, is nooit grappig. Een vrouwelijke drugsverslaafde plat spuiten is nooit grappig. Een alcoholist die een nuchtere opmerking maakt, is nooit grappig.

Een atheïst met een bijgeloof is nooit grappig. Een kompas die de weg kwijt is, is nooit grappig. Een Fries in de kou laten staan, is nooit grappig.

Een stotteraar vragen of hij beter wil articuleren is nooit grappig. Een mooie vrouw met een vibrator een stroomstoot noemen is nooit grappig. Iemand die verkouden is een rare snuiter noemen is nooit grappig.

Een zebra en een pad kruisen tot een zebrapad is nooit grappig. Een biologieproefwerk over voortplanting verneuken is nooit grappig. Zeggen dat de beveiliging van Pim Fortuyn tekort schoot is nooit grappig.

Een medewerker van een kerncentrale met een stralende glimlach is nooit grappig. Soldaten die een uur lang kwartier maken zijn nooit grappig. Er gekleurd op staan op een zwartwit foto, is nooit grappig. Samen met een junk ezeltje prikje spelen is nooit grappig.

Een chirurg die zichzelf lelijk in de vingers snijdt, is nooit grappig. Gearresteerd worden omdat je even een bioscoopje hebt gepikt is nooit grappig. Een slager met een geslachtsziekte is nooit grappig. Rob van Eigen Huis en Tuin die de ziekte van vijver heeft is nooit grappig.

Iemand die incontinent is in de zeik nemen is nooit grappig. Iemand uit moskou die in amsterdam naar de hoeren gaat een walrus noemen, is nooit grappig. Tijdens het hooien een baaldag nemen is nooit grappig. Rundvlees met koeienletters schrijven is nooit grappig. Een zwarte piet die het eten van de Sint laat verpieteren is nooit grappig. Op de kunstijsbaan in een wak rijden is nooit grappig. Je baas die je op maandag al een prettig weekend wenst, is nooit grappig.

De Kuip schoonmaken met Ajax is nooit grappig. Een filelezer die zegt dat de spits op gang komt is nooit grappig. Een Jaknikker in de ontkenningsfase is nooit grappig. Maandverband dat gesponsord wordt door Red Bull is nooit grappig.

Verdrinken tijdens surfen op internet is nooit grappig. Een depressie de kop indrukken is nooit grappig. Een postzegel op een voice mail plakken is nooit grappig. Een ballon hebben als blaas is nooit grappig. Na je ontbijt niks uitvreten, is nooit grappig. Bloemen kweken in je oogkassen, is nooit grappig. Jomanda die het hoog in haar bol heeft is nooit grappig. Je badeend bijvoeren in de winter is nooit grappig.

Een waterlelie water geven is nooit grappig. Een flipperkast in het dolfinarium zetten is nooit grappig. In een doodlopende tunnel het licht zien is nooit grappig Jankees Dekker. Een misdadiger die het aan zijn rug heeft omdat hij zwaar crimineel is, is nooit grappig Elmer Tan. Als je bezig bent met logisch nadenken en dat ontgaat je een beetje, is dat nooit grappig Jan Doldersum.

Bergbeklimmen met een gouden gids is nooit grappig Rob Colle. Een kever die met carnaval als monitor verkleed gaat, is nooit grappig Dennis Massop. Als vrijgezel een pik van hout en een hand van schuurpapier hebben is nooit grappig Tarik el Hamdaoui. Houten krukken maken van kreupelhout is nooit grappig Jeroen Spruit. Een geoloog die zijn eigen niersteen onderzoekt is nooit grappig Dennis Mekel. Dagdromen tijdens een cursus tegen slapeloosheid is nooit grappig Ruud Slewe.

Een verhuizer die bij de pakken gaat neerzitten is nooit grappig Jan Doldersum. Anton Geesink op het matje roepen is nooit grappig Rob Colle. Paintballen met onzichtbare inkt is nooit grappig Arthur en Paul. Een skater die staat te ruften op een scheetbord, is nooit grappig Dennis Massop. Een bakker die in een Kadettje rijdt is nooit grappig Salto van der Maal. Zoeken naar de poezenbuurt in Katwijk is nooit grappig Rob Colle. In een Nissan keer niks rijden, is nooit grappig Dennis Massop.

De pijp aan Maarten geven in een niet-rokersruimte is nooit grappig Arthur en Paul. Yvon Breuer heeft het weekend goed besteed, kijk maar:. Je realiseren dat Adam en Eva nooit een navel gehad kunnen hebben, is nooit grappig.

Een bolletjesslikker waarbij de tulpen uit z'n broek groeien omdat 'ie de verkeerde heeft geslikt, is nooit grappig. Je afvragen welke kleur een smurf krijgt als je hem wurgt, is nooit grappig. Brandweerlieden die laaiend enthousiast worden van een brandschone brandweerauto, zijn nooit grappig. Je afvragen waarom Noach die twee muggen niet gewoon heeft doodgemept, is nooit grappig. Dat mannen geen last hebben van cellulites, is voor vrouwen nooit grappig.

Een vrouw die een man vindt, die zichzelf succesvol vindt, omdat hij meer verdient dan zij kan uitgeven, succesvol noemen, is nooit grappig. Chinese katten die de hele nacht onder je raam zitten te Mao-en zijn nooit grappig Cor van Dam. Een boom het bos insturen is nooit grappig Dick Krukkeland. Een ophaalbrug die opgehaald is als je iemand op wilt halen is nooit grappig Patricia Pynaert.

Je klote voelen in een homobar is nooit grappig John Trechsel. Een grillige sfeer in een steakrestaurant, is nooit grappig. Een schoolgebouw met een lessenaarsdak, is nooit grappig. Een vereniging van vrachtwagenchaffeurs met veel aanhangers, is nooit grappig. Klaarkomen in poedervorm als toppunt van aderverkalking, is nooit grappig. Een vluchteling die zich vastrijdt op een vluchtheuvel, is nooit grappig.

De Grote Donderglas uit het prachtige Groningen heeft eens zijn best gedaan. Van je seksuoloog horen als je een afspraak maakt: Een zeeman die zijn zwangere vrouw aanzet tot woelig baren is nooit grappig. Een behendige messenwerper een werpster noemen, is nooit grappig.

Na je dood reincarneren als eendagsvlieg is nooit grappig. Voor een dubbeltje geboren worden terwijl we al lang met euro's betalen, is nooit grappig. Als je alter ego aan schizofrenie lijdt, is dat nooit grappig.

In een restaurant het tafelwater afkeuren omdat het "kurk" heeft, is nooit grappig. Op je verjaardag een geslachtsziekte krijgen van je partner, is nooit grappig. Als man een date hebben met een vrouw met ballen, is nooit grappig. Zelfmoord plegen na het eten van een Happy Meal is nooit grappig. Tijdens je begrafenis ontdekken dat je aan claustrofobie lijdt, is nooit grappig. Tegen een depressieve postbode zeggen dat hij zichzelf eens een leuke dag moet bezorgen, is nooit grappig.

Een Duplodocus die vraagt of hij met een Legosaurus mag spelen is nooit grappig Cor van Dam. Speaken bij een mondelinge overhoring Engels is nooit grappig Jaap van Wingerden.

Een strand vol Connie Palmen is nooit grappig Dennis Mekel. Een tolk die zijn vak niet verstaat, is nooit grappig Mark Stunnenberg. De penvriendin zijn van een potloodventer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een wesp "een strontvlieg met een Vitesse-shirt aan" noemen, is nooit grappig Jan Rupke. Een travestiet die aan een hell's angel vraagt "heb ik wat van je aan? Je hard maken voor condoomgebruik is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Joep Zaad, die zijn achternaam spelt 'met de d van donor' is nooit grappig Ives van Leth.

Als hetero bij Gaytronics werken is nooit grappig Jan Rupke. Je radio aanzetten tot zinloos geweld is nooit grappig Hans van Vugt. Philip Frederiks -pardon- Freriks die de hele lijsten -neemt u mij niet kwalijk- lijst van ooit -sorry- nooit grappigs moet voorlezen in het zuiden van Israël -dit is een ander bericht denk ik- is -eeuuhh- niet- oh nee- nooit grappig Cor Dam -pardon- van Dam.

Een advocaat die, als hij zijn kantoor verlaat, tegen z'n secretaresse zegt dattie pleite gaat, is nooit grappig Nico Bosman. Na het uitgaan nog lang blijven hangen in de garderobe, is nooit grappig Hans van Vugt. Een cardioloog die "hier klopt iets niet" zegt is nooit grappig Tim Bakker. Een wesp met bijverschijnselen, is nooit grappig Bart van de Beek. Een hongerstaker die een brok in zijn keel krijgt tijdens een gesprek is nooit grappig Maurice Bekkema.

In de file rechts ingehaald worden door een lifter is nooit grappig Carin Nix. Een geboortegolf op het strand is nooit grappig Nico Bosman. Een inlegkruisje met klittenband is nooit grappig Harry van Ineveld. In een pijnboom pitten, is nooit grappig Hans van Vugt.

Elke week een jaarmarkt is nooit grappig Robert Bakker. Aan een tandarts vragen of hij bij zijn vrouw ook de gaatjes vult zonder dat ze er wat van voelt, is nooit grappig Peter Korenhof. Met z'n allen in de eerste klas wagons gaan zitten omdat elk spoor van de conducteur ontbreekt, is nooit grappig Yvon Breuer. Een parkeerwachter met klem verzoeken je overtreding ongedaan te maken is nooit grappig Harry van Ineveld.

Op je werk kijken of www. Gas geven terwijl je diesel rijdt, is nooit grappig Jeroen Jongebloed. Lrs v3rv4n93n d00r c1jf3r5 15 n 9r4pp19 J Nl.

Je telefoon op laten nemen in het ziekenhuis, is nooit grappig Hans van Vugt. Een seriemoordenaar die om jouw serienummer vraagt is nooit grappig Mischa de Muynck. In een vegetarisch restaurant klagen dat het eten vlees noch vis is is nooit grappig Cor van Dam. Smeerkaas uit het vuistje, is nooit grappig Peter v. In een topless-bar aan alles een puntje willen zuigen, is nooit grappig Yvon Breuer.

In een Duitse schoenenwinkel zeggen dat je maat hebt, is nooit grappig Joost Ekkelboom. Bij de verkiezingen je stem kwijt zijn is nooit grappig Joost Nagtegaal. Een stoplicht op groene stroom is nooit grappig Arthur Alphenaar.

Fiscuswerpen opde Olympische Spelen is nooit grappig Joost Nagtegaal. Een asielzoeker de weg naar een kennel wijzen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een rechter wiens broer linker is, is nooit grappig Stefan Aarts. Een missionaris die zich geen houding weet te geven is nooit grappig Cor van Dam. Een spin die zijn web afragt, is nooit grappig Dimitri Drijver.

Een vriend die pas meevalt als je uitglijdt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Jan Steengoed vinden, is nooit grappig Hans van Vugt. Een geestelijke die er alleen nog maar lichamelijke contacten op na houdt is nooit grappig Ivo Rouwhorst.

Vergeten dat gisteravond je cursus geheugentraining was, is nooit grappig Nico Bosman. Spijkerschrift ontcijferen met een hamer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Succes boeken bij een reisbureau is nooit grappig Stefan Aarts.

Een blaadje sla dat zijn frustraties opkropt, is nooit grappig Arno Theijs. Een cocaïneverslaafde die zijn gram haalt bij de rechtbank is nooit grappig Chabro Mos. Homo's die op een ventweg rijden zijn nooit grappig Eric Consemulder. Een aap die eens niet uit de dwangbuis-mouw komt, is nooit grappig René Veltman. Een bij die blij is dat ie ergens bij is is nooit grappig Erik Kruyzen.

Een acteur met een rolberoerte is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een pyromaan die zijn eten laat aanbranden is nooit grappig Erik Kruyzen. Het bij de dierenarts over koetjes en kalfjes hebben, is nooit grappig Thijs Willink. Je eigen nooit grappigs nooit kunnen vinden in de nooit grappig-lijst is nooit grappig en Dick Krukkeland die mij weer zijn naam laat overtypen, omdat hij niet heeft gelezen dat ik heb verzocht zelf je naam achter je nooit grappig te zetten is nooit grappig.

Een Gangbang met Heinz sandwichspread als hoofdsponsor, is nooit grappig Arno Theijs. In een homobar een biertje drinken uit een fluitje, is nooit grappig Arno Theijs.

Een punt zetten op de stippelzone is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Op een onbewoond eiland wonen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een dyslecticus een boek met spelregels geven, is nooit grappig.

Een scheepsbouwer die naar de manicure gaat voor z'n klinknagels is nooit. Een hoer die er gelikt uitziet, is nooit grappig Hans van Vugt. Een wegatlas die je niet kunt vinden is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. In de bananenbar uitglijden over een schil, is nooit grappig Arno Theijs. Een colombiaan bij een alcoholcontrole over een witte lijn laten lopen is. Een bloedvergiftiging oplopen omdat je har-kiri pleegde met een roestig zwaard is nooit grappig Bert Dobben. Een inlegkruisje met een maximale inleg van euro, is nooit grappig Arno Theijs.

Een geldautomaat, waar je geld voor een snelheidsovertreding moet halen, die. Een weg zonder klkrs, is nooit grappig Hans van Vugt. Een Nederlandse agent die een Duitse automobiliste laat 'blasen', is nooit grappig Fabian Buiter.

Één-Gay-per-reet organiseren, is nooit grappig Hans van Vugt. In slaapvallen tijdens een pitstop, is nooit grappig Hans van Vugt. Een vrouwelijke potloodventer een puntenslijper noemen is nooit grappig. Harry Potter vertellen dat hij sprekend op Balkenende lijkt, is nooit grappig Arno Theijs. Tijdens een bijeenkomst van Weight-Watchers hapjes rondbrengen op een. Een kapperszaak die permanent gesloten is, is nooit grappig Hans van Vugt.

Iemand die last heeft van haaruitval een kalender cadeau geven is nooit. Een porno-acteur die overal zijn neus insteekt is nooit grappig. Tegen de ruiten van een kaartenhuis schoppen is nooit grappig. Een piloot die iemand naar de keel vliegt is nooit grappig. Een nudist die bloot staat aan kritiek is nooit grappig. Pieter van Vollenhoven vleugellam maken is nooit grappig.

Zuurkool inmaken met een nulletje of tien is nooit grappig. Luier dan een pamper zijn is nooit grappig Hans van Vugt. Een dokter die in een zaal gaat staan en vraagt of er misschien een acteur op het toneel is, is nooit grappig Arno Theijs. Een kapper met een onderscheiding is nooit grappig Oscar Kars. Een fotograaf van onderbelichten is nooit grappig Jerremy Dalman. Een studente die goed kan leren een blokkendoos noemen is nooit grappig Jerremy Dalman. Een doodgraver een schop geven is nooit grappig Edwin Coster.

Een papegaai "niks" laten zeggen is nooit grappig Jan Doldersum. Hennie Huisman die bij de buren aan belt is nooit grappig Frank Beentjes. Een exporteur die niets uitvoert is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een pony met hooikoorts is nooit grappig Dimitri Drijver. Je schuldig maken aan witteboordencriminaliteit als je bij Omo werkt is nooit grappig Jerremy Dalman. Achterin de kerk roepen dat je de kogel hebt gevonden is nooit grappig Frank Beentjes.

Een doopgezinde drugsverslaafde is nooit grappig Milo Pieters. Je bij een drumband aanmelden met een koektrommel is nooit grappig Jerremy Dalman. Een eskimo met een waterhoofd is nooit grappig Marc Bos. Een trucker een trucje flikken is nooit grappig Mayelle. Een barman die met consumptie praat is nooit grappig Jerremy Dalman. Een k-mailtje ontvangen uit het Verre Oosten is nooit grappig Rob Schoon. Een lezing over dyslexie is nooit grappig. Iemand die incontinent is in de zeik zetten is nooit grappig Jerremy Dalman.

Een nooit grappig die nooit grappig is, is nooit grappig Siep. Een wolk van een baby die van tijd tot tot een bui geeft is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een zakkenroller in de sauna, is nooit grappig Nico Bosman. Dood gaan en wakker worden in een hemelbed is nooit grappig René Overkleeft. Een dokter die tegen je schreeuwt "het klinkt misschien hard, maar u bent doof!! Een junk vragen naar zijn dopenamen is nooit grappig Cor van Dam. Als excuus voor het te laat zijn bij de tandarts zeggen "sorry, m'n brug stond open" is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een automobilist die in een deuk ligt door een flauwe bocht is nooit grappig Chris. Een Zwarte Piet die de zak krijgt, is nooit grappig Bart van de Beek. Een brood terugbrengen naar Leen Bakker is nooit grappig Hans van Vugt.

Een snipperdag opnemen op video is nooit grappig Hans van Vugt. Een stinkende grijze zak als vuilnisman is nooit grappig Niels. Een kannibaal die nadat hij zijn vriendin heeft gedumpt z'n achterste afveegt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Sinterklaas telkens de zwarte Piet toespelen is nooit grappig Jan Doldersum. Af en toe sex met Klaas Vaak, is nooit grappig Michael Groenendijk. Berdien Stenberg begroeten met een fluitconcert is nooit grappig.

Een dokter die tegen een overspannen stripteasedansers zegt, kleedt u zich maar uit is nooit grappig. Met een steekwagen de oversteek wagen is nooit grappig. In de file je motor afzetten tot ie is opgelost is nooit grappig. Een mobiele vibrator zonder trilfunctie is nooit grappig. Een boktor die uit het goede hout gesneden is is nooit grappig. Met je jachthond een wetsontwerp door 't Parlement jagen is nooit grappig. Je vriendin bij de bewaking een waakvlam noemen is nooit grappig.

In een antiekwinkel vragen of ze nog iets nieuws hebben, is nooit grappig Nico Bosman. Een blaasorkest bij de alcoholcontrole is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een stewardess die zwanger is van de automatische piloot is nooit grappig Walter Boekestein. Babi gangbang bestellen bij de chinees is nooit grappig Jerremy Dalman.

Een schoppenboer van harte door een ruit schoppen is nooit grappig Jan Hoogendoorn. Je schoonmoeder opnieuw aansteken als ze uitgaat, is nooit grappig Nico Bosman. Wanneer de postbode je een natte doos bezorgt is dat nooit grappig Jerremy Dalman. In de schaduw de boekhouding doen is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een ladykiller bij wie relaties altijd doodbloeden is nooit grappig Elvin P.

Incognito naar het carnaval gaan is nooit grappig Rob Colle. Een boswachter die een uiltje knapt, is nooit grappig René Veltman. René Veltman die heel hardleers 'niet grappig' blijft typen terwijl het 'nooit grappig' is, is nooit grappig. Stotteren in gebarentaal, is nooit grappig Leon van der Wulp.

Als tuinier achter de geraniums zitten is nooit grappig Jerremy Dalman. Het glazen muiltje van Assepoester dat door de vinder in de glasbak wordt gegooid, is nooit grappig René Veltman. Een luchtbed opblazen met dynamiet is nooit grappig Dirk Peters. Hans Roodrijtjeshorst heeft het weekend weer overleefd. Nu kan hij zich weer helemaal storten op de Nooit Grappige week! En dit kwam er vandaag uit:.

Door de woestijn kruipen met een waterhoofd is nooit grappig. Een manueel therapeut die lid is van de kraakbeweging is nooit grappig. Een dienstverlener die je naar de andere kant van de wereld helpt is nooit grappig.

In de kerk een ham-kaas hostie bestellen is nooit grappig. Een homo aanrijden en daarna een ster in je voorruit, is nooit grappig Arno Theijs. Tegen je kind zeggen dat hij over 3 nachtjes slapen gisteren jarig was is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Sita die helemaal zichself ish, is nooit grappig Rick Strong.

Een imker bij je houden is nooit grappig Karin Pellekooren. Tegen je vriendin "m'n duifje" zeggen als die beesten weer je auto hebben ondergescheten is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Volkert van der G. Muntthee trekken van je kleingeld is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Een busje van "Diana's Dildo's" dat bij jou een pakje komt bezorgen is nooit grappig Desirée Köhler. Een oppasser die moet oppassen waar hij op past, is nooit grappig Hans van Vugt.

Tegen je gymleraar zeggen dat je aan denksport doet is nooit grappig Sjon Oudejans. Tegen een Hell's Angel 'ga es opzij met je brommer! Een dove vragen wat beffen is, is nooit grappig hij heeft er nog nooit van gehoord Patrick Geelen.

Maxima vragen of ze vaker kikkers kust, is nooit grappig Rinie Raymakers. Aan iemand met geheugenverlies vragen wat hij nou eigenlijk precies vergeten is is nooit grappig Karin Pellekooren. In de boot genomen worden door een matroos is nooit grappig Tom Veldhuis. Als postbode je eigen bekeuring bezorgen is nooit grappig Jan van der Veen.

Een sadist die zijn aan SM verslaafde vriendin niet wil slaan, is nooit grappig Irene Groeneveld. Als ik iets op mijn eigen eigenwijze wijze wijze doe, is het nooit grappig Jan Hoogendoorn. Een loodgieter vragen of hij een lekkage kan maken is nooit grappig fam. Niet in een pashokje passen, is nooit grappig René Veltman. De mededeling 'roken is minder dodelijk dan het oprichten van een politieke partij', is nooit grappig René Veltman.

Een tandarts vragen of hij nog een gaatje heeft is nooit grappig Bastiaan Roubos. Maxima vergelijken met boerenkool omdat die pas echt lekker is als de vorst er over heen is geweest is nooit grappig ene Wim. Tegen Rick Engelkes zeggen dat je hem nog moest bedanken van je vrouw is nooit grappig Danny Bouman.

Een effectenhandelaar die z'n brood belegt is nooit grappig Sjon Oudejans. Een Australiër die op z'n kop staat, nooit grappig Hans van Vugt. Een vat bier leegdrinken en daarna fustfucken, is nooit grappig Arno Theijs. Een heroinehoertje op naaldhakken is nooit grappig Desirée Köhler. Zeggen dat de Gazastrook op een steenworp afstand ligt is nooit grappig Sjon Oudejans. Peter de Groot, je weet wel, die van het Rotterdamse literaire tijdschrift Krakatau, heeft weer een lijstje gestuurd:.

Stalkers die ver voor je uit lopen zijn nooit grappig. In je autobiografie een figurantenrol spelen is nooit grappig. Een balletje opgooien waar je zak omheen zit is nooit grappig. De krant halen, omdat hij niet gebracht wordt, is nooit grappig. Een schouderklopje die roos doet opwaaien is nooit grappig. Een geboortegolf met stuurbekrachtiging is nooit grappig.

Een dokter die zieke grappen beter maakt, is nooit grappig. Tegen iemand met hernia zeggen dat hij geen ruggengraat heeft is nooit grappig. Een onbetaalbare nacht een goedkoop avontuurtje noemen is nooit grappig Moederkoekhappen op andermans verjaardag is nooit grappig.

Mensen die kippenvel krijgen van haantjesgedrag zijn nooit grappig. Haat zaaien waar de oogst van mislukt is nooit grappig. Kinderporno in een tekst verwerken om meer bezoekers op je site te krijgen is nooit grappig. Verzuipen in de Stille Oceaan, omdat je een zee van rust verwachtte, is nooit grappig. Een Gouden Regen bestellen en dan één en al gezeik over je heen krijgen, is nooit grappig.

Ruzie krijgen met je partner, omdat je dacht dat je een slipperdag moest nemen, is nooit grappig. Een boomerang die even een pakje sigaretten gaat halen en niet meer terugkomt is nooit grappig. Bij de Ikea informeren naar een zandbank van het type Smotse is nooit grappig. Met je fiets rijden waar je maar 80 mag, is nooit grappig. Een man die op straat per ongeluk yes roept als er een vrouw met grote borsten langsloopt is nooit grappig.

Een chagrijnige klootzak gezellig vinden omdat ie dik is is nooit grappig. Luieruitslag die eindigt in een gelijkspel is nooit grappig. Een genetisch gemanipuleerde banaasappel is nooit grappig. Fellatio pijpen in de volksmond noemen is nooit grappig. Een student die wiet verbouwt een teelbal noemen is nooit grappig. Vlak voor je dood je hele leven als een film voorbij zien komen en er achter komen dat het boek beter is, is nooit grappig Ron Bulters.

Vervoer hebben zodat je tòch nog naar de verjaardag van je schoonmoeder kan, is nooit grappig Susan Logher. Nooit grappige items schrijven in de kroeg terwijl je vrienden vrouwen versieren is nooit grappig Jerremy Dalman. Spaarloon naar werken krijgen, is nooit grappig Lars Mosch. De slaap niet kunnen vatten omdat je buren sinds kort een dakkapel hebben, is nooit grappig René Veltman.

Een nichtje dat alleen solliciteert voor nevenfuncties, is nooit grappig Lars Mosch. De Metro in de spits lezen en de Spits in de metro is nooit grappig Luuk Heuker. Ministers met Berouwfraude zijn nooit grappig Sjard v.

Van een straatkrantverkoper in 1 keer al zijn krantjes kopen zodat hij lekker bijtijds naar huis kan is nooit grappig Desiree Voulon. Een lijkwagen met een lekker rouwband is nooit grappig Dimitri Drijver.

Iemand die denkt dat de overeenkomst tussen de Bijlmer-bajes en de hersenmassa van een Belg een cellentekort is, is nooit grappig René Veltman.

Een flater die terug slaat is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Bij een pedicure een broodje nagelkaas bestellen, is nooit grappig Nienke van Keimpema. Dart Vader op de Embassy aantreffen is nooit grappig jerremy Dalman.

Een werper die de schijn ophoudt, is nooit grappig Marco en Dennis. Zonder cape naar de supermarkt is nooit grappig Amanda Tuma. Een zure Melkertbaan hebben is nooit grappig Marijke Leising. Een homofiele uil die de hele dag "Joehoe" in het bos roept is nooit grappig Ron Bulters. De roman Lijmen ligt ons overigens ook na aan het hart omdat we hem in ons eigen leven al meer dan één keer in het echt zijn tegengekomen.

Na onze legerdienst werkten wij gedurende enkele maanden voor het Antwerpse, in transport gespecialiseerde vaktijdschrift Transport Echo en dat was eigenlijk het Algemeen Wereldtijdschrift revisited. En dan was er [ gecensureerde passage ] In een interview met De Morgen uit zei dochter Ida De Ridder in dat verband over de tijd toen zij op het atheneum zat:.

Villa des Roses , Een ontgoocheling , De verlossing en Lijmen. Tussen vuiligheid en rommel. Nee, hij had afscheid genomen. Dat is de overschot, moet hij hebben gedacht. Er werd nooit meer over Elsschot gesproken. Hij was zich goed bewust van zijn kunnen en de grootheid van zijn werk.

Maar het verkocht niet. Guido Goedemé heeft misschien een verklaring: Deze roman, reeds in geschreven volgens de inzichten van de Nieuwe Zakelijkheid, wekt vooralsnog bevreemding; het boek staat buiten een Vlaamse traditie. Daarom wordt het vrij laat algemeen als waardevol erkend. En wellicht speelden anno ook de sneren naar Christus en God zie de citaten hierboven een belemmerende rol bij de receptie.

Vandaag zijn Elsschot en zijn Lijmen echter terecht al lang gecanoniseerd. Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige literatuur na , november , pp. Ofschoon de film bijna drie uur duurt, is de plot naar verluidt gebaseerd op een stripreeks van Julie Maroh redelijk eenvoudig en rechtlijnig. De vijftienjarige Adèle, die op de middelbare school vooral in literatuur is geïnteresseerd, ontdekt na haar eerste seksuele ervaring dat ze meer van meisjes dan van jongens houdt en dat gevoelen wordt bevestigd als ze een tijdje later verliefd wordt op de enkele jaren oudere kunststudente Emma, een tomboy met blauw geverfde haren.

Tussen Adèle en Emma ontstaat een relatie vol liefde, passie en lichamelijk genot die jaren blijft voortduren. Emma is ondertussen schilderes geworden en Adèle eerst kleuterjuffrouw, dan onderwijzeres. Al durft Adèle noch tegen haar ouders, noch op school iets verklappen over haar lesbische geaardheid: Tot meer en meer blijkt dat de sociaal-culturele context van Adèle en Emma toch nogal verschilt.

Als Emma dat ontdekt, gooit ze Adèle — tot grote wanhoop van deze laatste — zonder pardon op straat. Jaren later spreken ze nog eens een keer af in een restaurant, waar ze aan een vrijpartij beginnen want Emma heeft Adèle al lang vergeven en verlangt nog naar haar die echter halverwege door Emma afgebroken wordt want ze is nu met iemand anders.

Een vriendelijke allochtoon, waarmee ze op een feestje al een keer een goed gesprek had, loopt haar zoekend achterna, maar Adèle is reeds om de hoek verdwenen.

Zou Abdellatif Kechiche, wiens vierde film dit is, zich met zijn Tunesische roots in dat allochtone personage geprojecteerd hebben? Het heeft weinig belang, net zomin als het feit dat de plot zich afspeelt in het Noord-Franse stadje Lille, waar wij toch een zekere band mee hebben, al was het slechts omdat het oorspronkelijk een Vlaamse stad was kijk maar naar de straat waar Adèle op het einde doorloopt: Twee maal zagen wij een zeer degelijke prent die volledig — maar dan ook volledig — gedragen wordt door de uitstekende acteerprestaties van de twee hoofdrolspeelsters, Léa Seydoux als Emma en Adèle Exarchopoulos als Adèle.

We moeten dit gegeven nogmaals beklemtonen, omdat Kechiche het hen niet gemakkelijk heeft gemaakt. En we hebben het dan niet over de twee veel te lang durende seksscènes met Emma en Adèle in het midden van de film, maar wel over het feit dat de regisseur niet alleen een voorkeur blijkt te hebben voor abrupte cuttings, maar ook voor het gebruik van de close-up.

Wat van de hoofdactrices bijna constant het uiterste vergt, maar hun mimiek beheersen ze méér dan perfect. Léa Seydoux met haar zelfverzekerde glimlachjes die ze afwisselt met van die wazige en halfverslaafd ogende blikken opzij, maar vooral ook Adèle Exarchopoulos met haar onzeker heen en weer schietende oogopslagen en dat beteuterd openhangende mondje waardoor haar volle, sensuele lippen nog meer opvallen.

Zouden sommigen deze film zo hoog aanslaan omdat ze heimelijk een crush hebben op deze Adèle? En als dat zo is, waarom ook niet, zoiets is toch niet verboden? Feit is dat zowel Emma als Adèle prima gecast zijn. En ook al gebeurt er niet echt zo heel veel in de film, vooral op het einde, tijdens dat lange tafelgesprek in het café wanneer Emma en Adèle weer even nader tot elkaar komen maar Emma van haar hart een steen maakt, zal menige toeschouwer het lastig krijgen om zijn of haar eigen emoties onder controle te houden, want die sequens is me eventjes ontroerend!

Wat natuurlijk een pluim is op de hoed van de regisseur met tegelijk een dikke proficiat richting beide hoofdactrices. Niet alles in dit coming-of-age-verhaal ja, het is er wéér een heeft even veel impact en sommige scènes hadden korter gemogen, maar anderzijds is er toch over vele dingen nagedacht in het begin het lezen van een boek van Marivaux bijvoorbeeld waarin op zoek wordt gegaan naar de psyche van de vrouw, of het lezen in de klas van een gedicht waarbij de vraag aan bod komt of de natuur slecht of goed is en zitten er behalve die caféscène op het einde nog enkele onvergetelijke momenten in de film Adèle die tegen haar zin oesters eet bij de ouders van Emma, de ruzie tussen Emma en Adèle.

We blijven vinden dat de film met zijn minuten iets te lang duurt en geven dus drie-en-een-halve ster. Op een winteravond vindt Seligman, een Joodse vijftiger, de in elkaar geslagen nimfomane vrouw Joe in een steeg in de buurt van zijn huis en neemt haar mee naar binnen, waar hij luistert naar haar levensverhaal.

De film is verdeeld in hoofdstukken, waarvan de titels telkens expliciet op het scherm verschijnen. In hoofdstuk I The complete angler zien we hoe Joe als vijftienjarige op haar eigen verzoek haar maagdelijkheid verliest bij een of andere nozem en hoe zij op de trein een wedstrijdje doet met haar vriendin B: Wie wint, krijgt een zakje snoep. Dit hoofdstuk wordt telkens onderbroken door Seligman die dan het dient gezegd: In hoofdstuk II Jerome wordt Joe lid van een nimfomanenclubje met als motto mea vulva, mea maxima vulva af en toe is Von Trier inderdaad wel eens koddig en komt ze als secretaresse terecht in het drukkersbedrijfje van ene Jerome, een vroeger neukvriendje dat nu plots geen seks met Joe mag hebben en op wie ze een beetje verliefd wordt.

Jerome trouwt echter en trekt naar het buitenland. In hoofdstuk III Mrs. H krijgen we een lange scène die op zich niet zou misstaan in een of ander provinciaal toneelstukje. Joe, die hele reeksen mannen neukt, geeft een getrouwde man om halfzeven de bons want om zeven uur komt er een andere kandidaat, maar de getrouwde laat een kwartier later zijn vrouw zitten en wil intrekken bij Joe. Een minuut later staat zijn vrouw daar met hun drie zoontjes en terwijl die andere kandidaat een jonge kerel er ook nog bijkomt, steekt die bedrogen echtgenote een lange, cynische litanie af die iedereen inclusief de toekijkende filmzaal met dichtgeknepen billen zit te bekijken.

Hoofdstuk IV Delirium is plots gefilmd in zwartwit en hier maken we mee hoe de vader van Joe in het hospitaal sterft aan een delirium. Die vader, die ook in andere hoofdstukken van de film regelmatig begint te zeuren over bomen vooral over de es en de eik en over hoe ze in de winter op zielen lijken, doet heel de filmzaal keihard schrikken door plots heel hard en onverwacht de naam van zijn vrouw te roepen, maar even later nadat Joe nog een paar werknemers van het ziekenhuis heeft gevogeld is hij toch dood.

In hoofdstuk V The Little Organ School worden de seksavontuurtjes van Joe op een verschrikkelijk pedante en artificiële manier vergeleken met polyfone muziek, maar uiteindelijk ontmoet zij Jerome opnieuw en zij vormen een koppel. Deel I eindigt met een seksscène waarin Joe huilend zegt: Ondanks enkele opmerkelijke en zelfs niet onaardige sequensen de zaadman in de trein, Mrs. H en de muziek van Rammstein in de begin- en eindgeneriek maakt dit eerste deel een bijzonder onsamenhangende en gaandeweg meer en meer vervelende indruk.

Dat die Seligman met zijn irritante, pseudo-diepzinnig en pseudo-filosofisch geneuzel het verhaal voortdurend onderbreekt, is daar zeker niet weinig debet aan. Von Trier tracht de kijker wel wakker te houden via allerlei cinematografische gimmicks die deels afgekeken zijn van Quentin Tarintino: Een briljante indruk maakt het nochtans allemaal niet, en dan zwijgen we nog over het in flitsen tonen van — zonder uitzondering bijzonder lelijke — pornografische beelden, wat verschrikkelijk branieachtig-puberaal overkomt.

Dat Charlotte Gainsbourg die de volwassen Joe speelt en Stacy Martin de jonge Joe allebei onaantrekkelijke magere sprieten zijn en op een ontzettend enerverend lijzig toontje praten, daar kunnen zij natuurlijk niet aan doen, maar alles tezamen maakte dat wel dat we na onze bioskoopvisie van deel I in januari nog weinig zin hadden om aan een bioskoopvisie van deel II ook nog eens geld te besteden.

In deel II is er plots van Rammstein of van die cinematografische gimmicks geen sprake meer. Hoofdstuk V loopt nog even door. Joe is nog steeds samen met Jerome en betreurt dat ze geen orgasmes meer kan krijgen. In een flashback zien we hoe Joe tijdens een schoolreisje op twaalfjarige leeftijd leviteert terwijl ze een spontaan orgasme krijgt en tegelijk een visioen van Messalina vrouw van keizer Claudius en de Hoer van Babylon.

Joe ontdekt ook dat Seligman een maagd is. The silent duck steekt Joe, die samen met Jerome een restaurant bezoekt, eerst een resem lepels in haar vagina, later wordt ze zwanger en baart met een keizersnede een zoontje Marcel. Jerome vraagt Joe of ze ook andere mannen wil neuken en dan zijn we plots drie jaar later vanaf nu neemt Charlotte Gainsbourg het over van Stacy Martin, wat de pornoscènes betreft natuurlijk met stand-in.

Joe heeft op een hotelkamer halve seks met twee negers die echter in een of ander koeterwaals ruzie beginnen te maken met elkaar een grappige scène, ondanks het brutaal in beeld brengen van de erecte zwarte lullen , we krijgen ook nog wat saaie gesprekken tussen Joe en Seligman en dan gaat Joe een aantal malen op bezoek bij een kerel die blijkbaar gratis en op afspraak masochistische vrouwen van het nodige geweld voorziet.

Joe moet van hem een paardenzweepje kopen en krijgt ook nog een ander soort zweep als kerstcadeau en als zij op een keer veertig Romeinse slagen op haar billen krijgt, bereikt zij eindelijk weer een orgasme. Marcel ligt echter alleen thuis, Jerome ontdekt dat en gooit Joe buiten, het kind komt in een pleeggezin terecht.

In het achtste en laatste hoofdstuk The Gun wordt ze een soort van criminele deurwaarder die op illegale wijze en met de hulp van geweld schuldenaars tot betalen moet dwingen. Eén van die schuldenaars is een pedofiel die Joe op de knieën krijgt door hem een verhaaltje te vertellen, waarna ze hem pijpt, want ze had medelijden met hem.

Via één van de gesprekken met Seligman geeft Von Trier Joe dan de kans om een lans te breken voor alle pedofielen in de wereld die wel pedofiel zijn, maar daar een heel leven lang tegen vechten en niemand kwaad doen. Iemand van slechte wil zou kunnen vermoeden dat het een oratio pro domo is.

Joe wordt stilaan rijker van haar job maar haar grote baas raadt haar aan een opvolgster te zoeken. Dat wordt een jong meisje uit een kapot gezin. Op een andere keer blijkt Jerome de schuldenaar van dienst te zijn.

Joe laat het vuile werk over aan P zoals het meisje genoemd wordt omdat zij nog verliefd is op Jerome, maar als P seks blijkt te hebben met Jerome, besluit Joe hem te doden met het wapen van P. De moordpoging in de steeg bij Seligmans huis mislukt echter omdat Joe het pistool vergat op te spannen en zij wordt door Jerome in elkaar geslagen. Vóór haar ogen neukt Jerome P nog even hier zijn de cijfertjes weer: Joe besluit dat ze in haar verdere leven geen seks meer nodig heeft, Seligman zegt dat ze opgekomen is voor haarzelf als een man en een voorbeeld is voor alle verdrukte vrouwen in de wereldgeschiedenis en dan gaat Joe slapen.

Wat later komt Seligman in zijn hemd opnieuw de kamer binnen en tracht Joe te penetreren. Joe schiet hem neer met het pistool dat ze nu niet vergeet op te spannen. Alleen al de samenvatting van de plot van deze film toont aan dat alles met haken en ogen aan elkaar hangt, van de hak op de tak springt en dus op de duur in het tweede deel nog veel meer dan in het eerste mateloos gaat vervelen, ondanks de constante pogingen van de regisseur om de toeschouwer te epateren met pornografische scènes en situaties die overigens ofwel genant, ofwel puberaal overkomen, nooit opwindend.

Von Trier die de plot zelf verzonnen heeft toont hier volgens ons nogmaals dat hij een warhoofdige sofnar is die weliswaar af en toe wel een leuk narratief of visueel ideetje heeft, maar niet in staat blijkt daar een kunstig geheel mee te breien.

Bovendien werpen sommige elementen uit deze film onvermijdelijk de vraag op of die Lars Von Trier ze wel allemaal op een rijtje heeft in zijn bovenkamer.

Of is het gewoon zo dat hij in deze film brutaalweg een aantal van zijn persoonlijke seksuele frustraties en obsessies geventileerd heeft en blijft hij uiteindelijk toch genoeg gezond verstand overhebben om dat allemaal lekker commercieel uit te buiten? Haar hees gefluisterde versie van Hey Joe in de eindgenerieken heeft overigens wel iets, daar niet van.

In verband met dat als actrice gevraagd worden door Von Trier nog iets grappigs nou ja, grappigs. We hadden indertijd toch opgevangen dat onze Vlaamsche Lien Van De Kelder ook zou optreden in deze prent? Wel, wat lezen we in de kleine lettertjes van de aftiteling? Clerk in horse shop: Lien Van De Kelder. Het grappige is dan dat die scène nergens in de film te bekennen is, ongetwijfeld geschrapt door Von Trier. Misschien krijgen we die scène alsnog te zien in de langere, ongecensureerde versie van Nymphomaniac die ons nog te wachten staat.

Als we die ooit te zien krijgen, want wie interesseert het in feite nog? De zoveelste van Brusselmans, want wie kan ze nog tellen, het zijn er vast al meer dan zestig. Dat speelt allemaal onmiskenbaar mee in dit boek al heet Tania deze keer Poppy, Eddie is het hondje en de journaliste wordt Manon genoemd.

Maar levert het ook een goede roman op? Op pagina staat: De eerste vier hoofdstukken bladzijden kan je beschouwen als een vlucht van de auteur, weg van de pijnlijke realiteit, richting fictie en fantasie. Helaas kiest Brusselmans hier voor een onsamenhangende, absurdistische schrijfstijl, zoals hij ook regelmatig doet in zijn columns voor kranten en tijdschriften wanneer hij weer eens niet weet wat schrijven. Je krijgt dan een aaneenrijging van non-sequiturs en eindeloos geleuter met een heel dunne verhaaldraad die nauwelijks of niet waarneembaar is.

In het eerste hoofdstuk trekt de ikpersoon een tijdje op met een slecht zingende negerin, Paraplubak Bongo Bongo, die moet gaan optreden in Waarloos, en in de volgende hoofdstukken passeren nog een aantal meisjes, maar boeien doet het allemaal niet, door die van de hak op de tak springende stijl verloopt de leesact bijzonder moeizaam wat zeker niet altijd het geval is in andere boeken van Brusselmans en helaas nogmaals zijn de links en rechts ondernomen pogingen tot humor ronduit abominabel.

We herinneren ons nog dat de recensent van Knack Focus omtrent dat laatste hoofdstuk iets schreef in de trant van we hebben de tekst niet meer bij de hand: Dat laatste hoofdstuk is gelukkig iets leesbaarder dan de vorige vier en het mag dan al een delicate thematiek aanraken met kanker en met liefde valt nooit te spotten , maar literair gezien staat het op een even laag niveau als de rest van het boek.

Wij hebben het al meer gezegd en we blijven erbij: Dit keer heeft Brusselmans in elk geval bladzijden bagger geproduceerd. Edited with and English translation. Liefde of De retorica van de verleiding. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien. In boek I I. Een Latijns prozatraktaat over de liefde. De meest voorkomende titel in de handschriften is De amore Over de liefde. Andere titels zijn Tractatus de amore , Liber de amore , Galteri de amore en Liber amoris [1].

Hoogstwaarschijnlijk werd deze tekst geschreven rond het midden van de jaren [2]. Walsh vermeldt twaalf bewaarde handschriften []. Acht hiervan dateren uit de vijftiende eeuw, drie uit de veertiende eeuw en één uit de dertiende eeuw. Afgezien van enkele inleidende hoofdstukken, waarin onder meer gesteld wordt dat liefde alleen kan bestaan tussen personen van verschillend geslacht en dat mannen ouder dan zestig en vrouwen ouder dan vijftig nog wel seks kunnen hebben, maar geen liefde meer kunnen ervaren, bestaat dit eerste boek hoofdzakelijk uit acht lange en ook bijzonder langdradige modelconversaties tussen verschillende soorten koppels.

Aan bod komen gesprekken tussen een gewone man en een gewone vrouw, tussen een gewone man en een edeldame, tussen een gewone man een dame van hogere adel, tussen een edelman en een gewone vrouw, tussen een edelman en een edeldame, tussen een man van hogere adel en een gewoon meisje, tussen een man van hogere adel en een edeldame, en tussen een man van hogere adel en een dame van hogere adel. Opmerkelijk in dit laatste gesprek is dat op een bepaald moment de vraag wordt gesteld wat een minnaar het eerst moet nastreven in de liefde, het bovenste of het onderste gedeelte van zijn geliefde, en dat het dan de edelman is die zegt: In deze laatste dialoog gaat het ook over de vraag of liefde kan bestaan binnen het huwelijk.

Voor het antwoord raadpleegt men per brief Marie van Champagne, die als haar oordeel geeft dat liefde en huwelijk onverenigbaar zijn. In de laatste hoofdstukjes wordt gesteld dat klerken zich beter niet met de liefde bezighouden, en wordt het beminnen van nonnen, van vrouwen die op geld uit zijn, van te veel op seks beluste vrouwen, van boerinnen en van hoeren afgekeurd. Dit hele eerste boek maakt, afgezien van een enkele passage zoals die over het onder- en het bovenlijf , een uitermate vervelende indruk.

Het eerste boek behandelde de vraag hoe de liefde kan gewonnen worden, het tweede boek behandelt eerst de vraag hoe de liefde kan bewaard en verdiept worden. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag hoe de liefde vermindert en ten slotte eindigt. Aan bod komen ook de vragen hoe men wederzijdse liefde kan herkennen en hoe het zit met minnaars die elkaar ontrouw zijn.

Grote wijsheden of interessante wetenswaardigheden zijn ook in dit deel niet te vinden. Het laatste deel bestaat uit een heel kort Arturromannetje dat eindigt met 31 liefdeswetten. Ook dit tweede boek maakt een erg saaie totaalindruk. Het derde boek is plots compleet anders van toon dan de twee voorgaande: Liefde en seks buiten het huwelijk worden scherp veroordeeld: Een heleboel slechte eigenschappen en nadelen van de liefde worden opgesomd.

Vervolgens wordt bladzijden lang uitgevaren tegen de slechtheid en de ondeugden van de vrouwen, waarbij Andreas werkelijk alle registers van de middeleeuwse misogynie opentrekt. Dat gaat dan bijvoorbeeld zo: Maar hoe daadkrachtig een man op dat terrein ook is, nooit zal hij de potentie hebben om de lust van welke vrouw dan ook te doen afnemen'. De lyriek van de troubadours heeft bijvoorbeeld manifest invloed op hem uitgeoefend. Men is het er echter niet langer over eens of het concept van de hoofse liefde wel echt leefde in de twaalfde eeuw.

Men is van oordeel dat de amour courtois wel bestond als literair fenomeen, maar dat het geen echte levenshouding was. De ontkenning van het bestaan van echte liefde binnen het huwelijk is duidelijker aanwezig bij Andreas zie b. De De amore is in de eerste twee boeken een merkwaardige mengeling van bekende ideeën en vormen, samengeraapt uit verschillende bronnen Ovidius, Arturromans, debatten in de volkstaal, geleerde Latijnse poëzie, troubadourspoëzie.

De harde veroordeling van de liefde in het derde boek staat in de traditie van de christelijke apologetische auteurs [12]. Dit derde boek verschilt niet alleen van de eerste twee qua inhoud, maar is ook totaal anders van toon agressiever. Andreas spreekt zelf van een duplicam sententiam twee verschillende visies [III. Het is nochtans merkwaardig dat zijn naam na verdwijnt in de documenten van het hof van Champagne te Troyes, wat zou kunnen duiden op een breuk met Marie de Champagne [].

De amore is gericht aan een vriend van Andreas, een zekere Gualterus Walter , maar men is er niet in geslaagd deze te identificeren. Misschien gaat het hier om een literair trucje. Aangezien Marie de Champagne vermoedelijk niet zo goed Latijn kon, is het onwaarschijnlijk dat het boek rechtstreeks voor haar geschreven is, al zijn er duidelijk een aantal elementen die verwijzen naar het hof van Champagne.

Aannemelijk is in elk geval dat Andreas zijn De amore in de eerste plaats schreef voor een publiek van klerken dat zijn niet altijd eenvoudig Latijn kon appreciëren []. We hebben hier dus blijkbaar te maken met hofliteratuur, maar met een sterk klerikaal accent. Onze verwachting dat De amore zou kunnen gelezen worden als een soort handleiding bij de hoofse liefde, is niet uitgekomen.

Zoals Joachim Bumke in al stelde: Dat vermindert zijn betekenis weliswaar niet. Geen ander literair werk uit deze tijd geeft ons zulke nauwkeurige informatie over de grote rol die de discussie van liefdesvragen in de Franse hofhouding van de 12e eeuw heeft gespeeld'.

De manier waarop in het derde boek met de vrouwen de vloer aangeveegd wordt, is zó bij de haren getrokken, dat hier toch nog enig leesplezier te rapen valt. De volkomen tegengestelde visie van enerzijds boek I en II, en anderzijds boek III, roept natuurlijk de vraag op wat nu eigenlijk het standpunt van Andreas zelf was. Men mag daarbij niet uit het oog verliezen, zoals Bumke reeds signaleerde, dat Andreas het thema van de liefde behandelt op scholastieke wijze, wat betekent dat men een onderwerp uitgebreid bekijkt vanuit twee verschillende standpunten zonder dat daarbij het ene als juist en het andere als fout wordt voorgesteld.

Er is veel maar toegegeven: In het derde boek zou hij dan, als priester, het traditionele standpunt van de Kerk hebben vertolkt. Op de internetsite http: Delahoyde citeert in dit verband E. Nou ja, zeker zullen we het wel nooit weten. Net zoals bij de Roman de la Rose moet men in elk geval zeer voorzichtig zijn bij het citeren van puntige uitspraken in verband met liefde en seks uit De amore , zeker wanneer het gaat om die dialogen uit boek I: En eigenlijk geldt hetzelfde voor de rest van het boek.

Literatuur en samenleving in de volle Middeleeuwen. Een alien komt terecht op de aarde meer bepaald in Schotland en neemt daar de gedaante aan van een knappe aardse vrouw meer bepaald Scarlett Johansson. Zij rijdt rond in een van en pikt mannen op.

De eerste twee lokt zij mee naar ergens binnenshuis waar zij achter haar aanlopen en langzaam verdwijnen in de blubberachtige, viskeuze vloer. De derde is een man met een elefantiasiskop en die komt eerst naakt in een veld buiten de stad terecht om dan in de koffer van een auto te verdwijnen.

Laat u alstublief niet misleiden door snobistische recensenten die deze film drie, vier of zelfs vijf sterren cadeau geven want Under the skin is echt waar niet meer dan een onvervalste vervelende kutfilm alhoewel sommigen er misschien ten onrechte een cultfilm van zouden willen maken met een scenario dat compleet staat als een tang op een varken: Heeft deze prent dan helemaal niets te bieden?

Bovendien hebben wij dankzij deze film meer kunnen zien van Schotland dan toen we er in juli zelf drie weken ronddwaalden, want toen regende het bijna de hele tijd. Maar om daarom nu dit pretentieuze, arty-farty rotding meer dan twee sterren te geven, nee! The Juliette Society , ]. Sasha Grey ° is een Amerikaanse ex-pornoactrice zij was actief tussen en die nu een erotische roman heeft geschreven.

Ja, zo is het natuurlijk gemakkelijk om een uitgever te vinden! Nochtans doet Sasha op de achterflap flink haar best om er zo braaf en truttig mogelijk uit te zien en ook de cover oogt eerder onschuldig: De uitgeverij zal gedacht hebben: Nu, wij hebben geen werkimmanent onderzoek gedaan naar de verzamelde filmografie van Miss Grey, we kennen haar enkel van een via cyberspace tot ons gekomen gespecialiseerde vignette uit , waarin zij samen met ene Kelly Divine in volle glorie te bewonderen is.

Ofschoon de achterflap bazuint dat Greys carrière in de pornowereld flitsend was en dat haar klim naar de top van de erotische ladder werd bijgehouden door een groeiend aantal media, blijkt er noch in verband met haar ontblote fysiek noch naar aanleiding van haar erotische prestaties vóór de camera iets speciaals te melden, of het moest zijn dat ze een aardig potje kan vuilbekken en dat ze geen bezwaar lijkt te maken tegen anaal verkeer. In een interviewtje met Jan Herregods dat op 14 februari verscheen in Metro, zegt Grey: Alsof dat verleden in dit geval een hinderpaal zou zijn!

En bovendien is Greys zonet vernoemde talent om te vuilbekken haar goed van pas gekomen in deze roman, want zij neemt hoegenaamd geen blad voor de mond en menige passage in haar boek kan niet anders dan hardcore porno genoemd worden, ook al zijn die passages een stuk gesofistikeerder en fijner geslepen dan het o yes, fuck my ass -niveau uit het filmpje dat wij zagen.

Dat Grey moeite heeft gedaan om de loutere trivialiteit van een simpel pornoromannetje te overstijgen, blijkt overigens niet alleen uit het plotje dat zij heeft verzonnen en de dosis cultuur vooral filmcultuur die zij in haar tekst heeft geïnjecteerd, maar eveneens uit bladzijden waarin zij het vrouwelijke hoofdpersonage als het ware laat filosoferen in de breedste zin van het woord over pikante dingen, zoals bijvoorbeeld haar voorliefde voor en omgang met sperma bijna vier bladzijden lang, van pagina 62 tot 65 en internetporno van pagina 78 tot Verfrissend om zulke zaken uit de pen van een vrouwelijke auteur te horen vloeien, en men heeft werkelijk de indruk dat het hier niet gaat om een commerciële pose, maar dat zij het echt meent.

En ook de onverholen satire op sensatiegerichte Amerikaanse emoshows in hoofdstuk 17 geeft het verhaal een zekere meerwaarde. Dat vrouwelijke hoofdpersonage is overigens een zekere Catherine die studeert aan de filmschool, samenwoont met haar vriendje Jack en bevriend is met collega-studente Anna.

Bundy komen ze terecht op een orgie van het Juliette-genootschap, een geheime vereniging van rijke en belangrijke personen die ongestoord hun lusten botvieren. Tegen betaling, zoals Catherine tot haar ontsteltenis achteraf merkt er zit een bundeltje geld in haar tas. In de tweede helft van het boek blijkt echter dat Grey totaal incompetent is om een overtuigende romanstructuur op poten te zetten.

Om een onduidelijke reden verdwijnt Anna en met Jack, op wie Catherine blijkbaar echt verliefd is, komt het weer goed. Zij gaan samen logeren bij Bob DeVille thuis, alwaar zij tijdens de afwezigheid van de gastheer en zijn vrouw naaktzwemmen en anale seks bedrijven. Wat we nog niet vermeld hebben, is dat de loop van het verhaal regelmatig onder meer in de hoofdstukken 13, 14 en 19 onderbroken wordt door erotische droomfantasieën van Catherine die narratologisch gezien de plot alleen maar verwarrend maken en eigenlijk alleen maar bedoeld lijken om nog wat meer seks in het boek te pompen.

Het wordt allemaal nog verwarrender wanneer Catherine in het lange voorlaatste hoofdstuk 21 op zoek gaat naar Anna en terechtkomt in een villa van het Juliette-genootschap. Deze bevindt zich boven een soort onderwereldgrot, een soort mengeling van een vals paradijs en de hel, waarin Catherine afdaalt en allerlei kinky erotische taferelen aanschouwt, tot zij uiteindelijk seks heeft met Bob DeVille en zij elkaar beurtelings om een of andere reden proberen te wurgen.

Hoofdstuk 21 zou op zichzelf wellicht dienst kunnen doen als script voor een arty-farty pornofilm, maar binnen deze roman slaat het niet weinig als een tang op een varken en komt het alleen maar nodeloos ontregelend over. Dat de achternaam van Bob DeVille expliciet in verband wordt gebracht met het woord devil komt de hele zaak nog wat wolliger maken, net als Bobs uitleg op pagina Horen we daar zowaar een echo van Jeroen Bosch?

In het laatste hoofdstukje, dat de indruk maakt snel even een slot te willen breien aan alle daarvoor verzamelde ongein, wint Bob de verkiezingen en heeft Jack uitzicht op een mooie functie, op voorwaarde dat Catherine haar mond houdt over Bobs geheime uitspattingen.

Dat moet dan uitmonden in een soortement diepere thematiek. Met de woorden van ikverteller Catherine: En ik ben nog jong.

Maar ik zal ook mijn hele leven met dit besef moeten leven. Ik kan niet zeggen dat ik blij ben met dat vooruitzicht. Seks en macht, samen vormen ze een niet onaardig motiefkoppel, maar de wijze waarop het hier door Grey vorm werd gegeven, is — no pun intended — om met ballen naar te gooien. In verband met de zwakke structuur van deze roman zouden we ook kunnen signaleren dat er weinig of niets functioneels gedaan wordt met die droomfantasieën of met die filmdocent Marcus, die in het begin nogal veel te veel aandacht krijgt en op het einde compleet achter de horizon verdwijnt, maar Het Juliette Genootschap wordt geplaagd door nog andere minpunten.

Grey produceert voortdurend van die eenvoudige korte zinnetjes die in een kleuterboek niet zouden misstaan. In de marge van zijn interview noteerde Jan Herregods: Veel humor hebben we nochtans niet kunnen ontdekken.

Op pagina misschien, waar Catherine in die onderwereldgrot een beeld beschrijft van een sater die een geit neukt: Ze ligt op haar rug, met de poten in de lucht. De geitman neukt haar en trekt tegelijkertijd aan de baard.

En de geit, nou, die lijkt niet verschrikkelijk blij te zijn met de hele situatie. Dat moet ik er wel bij zeggen. Ze ziet er zelfs doodsbang uit. Vermeldenswaard is ten slotte ook de aandacht die Catherine en via haar de auteur besteedt aan films. Het geeft niet enkel zowaar een intellectualistisch cachet aan het verhaal want de films die vermeld worden, zijn niet zomaar de eerste de beste: Grey verknoeit deze gimmick echter doordat ze geen maat weet te houden: Men leze bijvoorbeeld de laatste bladzijde waar de tekst voor bijna negentig procent alleen maar bestaat uit verwijzingen naar twee verschillende films, vlak achter elkaar.

Op die manier sluit Het Juliette Genootschap manifest aan bij het rijtje erotische romans van vrouwelijke auteurs die de laatste jaren op het lezerspubliek werden losgelaten à la Het seksuele leven van Catherine M. Net zomin als Catherine Millet en E. James is Sasha Grey een dommerdje en het is verre van onaangenaam te merken dat ook vrouwelijke auteurs op een bevrijdende en ongeremde wijze over seks kunnen schrijven, maar helaas blijkt nogmaals dat voor het schrijven van een geslaagde erotische roman nog wat meer vereist is dan een geile fantasie en een vuilbekkend smoeltje.

Deze derde film van de in in Arkansas geboren Jeff Nichols zijn vorige films waren Shotgun Stories uit en Take Shelter uit begint boeiend, intrigerend en zelfs ietwat geheimzinnig.

Twee veertienjarige jongens, Ellis en Neckbone, ontdekken op een eilandje in de Mississippi een kerel die blijkbaar op de vlucht is voor de politie en een voorlopige schuilplaats heeft gevonden in een bootje dat daar in een boom hangt het gevolg van een overstroming.

Hij zegt dat hij Mud heet en beweert dat hij zit te wachten op zijn vriendin. De nieuwsgierigheid van de kijker is gewekt wie is die met een revolver gewapende man en zijn de jongens, die hem eten bezorgen, wel veilig bij hem?

Mud blijkt ook een beetje spiritueel, of is het eerder bijgelovig, te zijn: Gaandeweg krijgt de film ook een duidelijke thematiek mee, die draait rond liefde en geborgenheid in het gezin. Mud wordt nu niet alleen gezocht door de politie maar ook door de familie van die vermoorde kerel en wanneer Juniper in het dorpje arriveert, verschijnt ook al snel die familie, op zoek naar bloedwraak.

Mud beweert dat hij net als Neckbone zijn ouders nooit heeft gekend, maar aan de overkant van de stroom woont een oude man, Tom Blankenship, van wie we kunnen vermoeden dat hij de vader van Mud is. Hij wil nochtans zijn zoon niet helpen, omdat hij teleurgesteld in hem is. Ellis, die duidelijk belangrijker is in het verhaal dan Neckbone, wil Mud wel helpen, omwille van diens liefde voor Juniper. Het in de boom hangende bootje wordt met de hulp van de jongens hersteld en op een dag zullen zij Juniper naar het eilandje brengen, zodat zij met Mud kan vluchten.

Zij is echter niet op de afspraak en wordt door de jongens betrapt als zij hangt te flirten in een of andere bar. Mud laat haar dan een briefje bezorgen waarmee hij een einde maakt hun relatie, tot grote teleurstelling van Ellis die terug op het eiland kwaad wegloopt van Mud, in een beek valt en gebeten wordt door één van die slangen. Mud redt Ellis door hem snel naar een ziekenhuis te brengen, maar moet zich op die manier blootgeven.

Als hij bij Ellis thuis afscheid komt nemen, heeft de familie van de vermoorde kerel hem te pakken, met een vuurgevecht tot gevolg, dat echter dankzij Muds vader aan de overkant ooit scherpschutter bij de Marines eindigt met de dood van die hele familie. Zoals de lezer misschien zelf al gemerkt heeft, begint naar het einde van de film toe, wanneer de losse draadjes aan elkaar geknoopt moeten worden, de plot een beetje te wankelen.

Terwijl het filmverhaal daarvoor langzaam en aangenaam voortkabbelde, wordt het nu plots allemaal wat rommelig en hektisch die vriendin die plots niet op de afspraak is, die val in een beek, dat vuurgevecht en zelfs wat ongeloofwaardig waarom moet die Mud perse nog afscheid komen nemen van Ellis, niet erg slim toch want hij weet dat die familie op hem loert.

Het einde van de film kan dan ook niet echt overtuigen. Zijn vader zet hem af met de auto, aan de overkant stappen drie tienermeisjes en één van hen wuift naar Ellis. Die wuift even terug, staat wat te denken, begint dan te glimlachen en gaat naar binnen. Waarschijnlijk bedoelt Jeff Nichols hier dat Ellis nog altijd gelooft in liefde en geborgenheid, maar door dat uit te beelden via dat wuivende tienermeisje, komt het wat raar over, zo kort nadat Ellis nog een pijnlijk blauwtje heeft gelopen met een gelijkaardig tienermeisje.

Laatste sequens van de film: Hij gaat in de kajuit Mud halen die daar ligt te genezen van een schotwond en zegt: De camera draait dan en wij zien wat zij zien: Het is een prachtig eind beeld, maar dit keer zouden we bij God niet weten wat Jeff Nichols ermee bedoelt. Lijkt ons een kandidaat voor filmforums op middelbare scholen. Don Juan en de laatste nimf is de novelle waarmee Hubert Lampo in debuteerde.

Het werk werd geschreven in , middenin de oorlogsjaren, en dient dan ook gezien als een vlucht uit de grauwheid van het dagdagelijkse bestaan. Toch heeft de oorlog invloed gehad op de auteur en meer bepaald bij zijn keuze om het verhaal te situeren in het door Spaanse troepen bezette Vlaanderen van de zestiende eeuw. Wegens zijn uitspattingen met de Spaanse vrouwtjes en wegens een ongelukkig afgelopen twist met een jaloerse echtgenoot, werd hij door Filips II als commandeur van één van zijn legers naar de Lage Landen bij de Zee gestuurd.

Bij het begin van de novelle rukt Don Juan aan de leiding van zijn soldaten op naar het kettersnest Antwerpen. Herfst en winter reiken elkaar de hand en de Spaanse edelman ziet in de troosteloze, mistige en vochtige natuur het heimwee en de droefheid van zijn nevelige gedachten weerspiegeld. De novelle bestaat dan inderdaad ook uit één lange monologue intérieur waarbij door het hoofd van Don Juan de herinneringen spelen aan vroeger, vooral dan aan de grote, onweerstaanbare verleider die hij toen was.

Op de eerste bladzijden wordt ons de reden verklaard van zijn aanwezigheid in Vlaanderen en daarbij aansluitend krijgen we een raak getekend portret van Filips II, de eenzame, verbitterde Spaanse heerser [pp. De rest van het boek bestaat dan voor het overgrote deel uit flashbacks die hem terugbrengen bij de duizend vrouwen wier schoonheid hem onthuld werd, afgewisseld met kleine gebeurtenissen uit het heden.

Ten slotte bereiken ze een landhuis, waar ze halt houden. Don Juan laat zich aandienen bij de meesteres, wier man naar de oorlog is vertrokken. Ze weigert echter zich aan hem te vertonen. Ondertussen mijmert Don Juan verder over het verleden en zelfs wanneer hij zich persoonlijk naar haar vertrekken begeeft en zij zich koel en gelaten aan hem geeft, komt er nog geen einde aan de stroom van gedachten in zijn oude geest.

Toch heeft zich in hem een verandering voltrokken: Met zijn ponjaard opent hij zich de aderen en terwijl hij in haar armen sterft, verklaren zij elkaar hun liefde. Lampo beschrijft dit alles in korte, meestal leesbare zinnen, gedragen door vele adjectieven die de leesact soms wel eens willen vertragen. Met zijn aandacht voor de natuur, voor het individuele gevoel en voor de verbeelding die terugkeert naar het verleden, is deze novelle duidelijk gedrenkt in een poëtische, neoromantische sfeer.

Als een rode draad loopt door het verhaal Don Juans zoeken naar het geluk, naar de grootste waarheid. Net als in het volgende werk van Lampo Hélène Defraye valt ook hier een evolutie waar te nemen in de opvattingen van de hoofdpersoon omtrent het geluk.

Misschien is die beperktheid ons geluk: Waarom nog hopen en zoeken, als na al die dagen onze handen even leeg en nutteloos blijven? Voor deze wereld, die wij gedurende enkele luttele jaren betreden, is de waarheid een te zuivere wezenlijkheid, die bestendig door duizend oorzaken vertroebeld wordt.

De enige afglans dier waarheid, ons als een aalmoes geschonken, is die der menselijke lotsbestemming. Nu weet ik het. Zo werd dit debuut van Lampo het droevige verhaal van een man die zijn leven lang het absolute geluk zocht in de vrouwen die hij veroverde en verleidde, maar die hem nooit de liefde schonken. Wanneer de laatste nimf, de blonde Vlaamse noorderlinge, hem deze wel schenkt, is het reeds te laat want dan heeft Don Juan reeds ingezien dat het geluk niet op deze al te stoffelijke, aardse plaatsen gevonden kan worden.

Dat is het tragische besluit van een fijngevoelige novelle waarin een elegante erotiek zeker geen gezochte seks de boventoon voert. Klik hier om dit blog bij uw favorieten te plaatsen! Zeik en het lijk op de dijk Herman Brusselmans Studies Germaanse Filologie - Universiteit Antwerpen. In gepromoveerd aan de KU Brussel. Vrouwen zonder kleren Jackie Dewaele Divisament dou monde Marco Polo Geraadpleegde lectuur Behalve van het nawoord van de vertaler in de editie hebben wij gebruik gemaakt van de volgende secundaire literatuur… - Amber Verrycken, De middeleeuwse wereldverkenning.

De leeuwentemmer Willem Elsschot Het tankschip Willem Elsschot Het been Willem Elsschot Pensioen Willem Elsschot Ipso Facto Iegor Gran Ipso Facto , ] Over deze Iegor Gran bezitten wij bedroevend weinig informatie. Willem Elsschot - Man van woorden Martine Cuyt Tsjip Willem Elsschot De Verlossing Willem Elsschot Geraadpleegde lectuur - Garmt Stuiveling, Willem Elsschot. Lijmen Willem Elsschot Reeds op de derde bladzijde van het boek wordt dit fenomeen bij de nog niet begrijpende lezer geïntroduceerd:



pijpen tiener negerinnen kutjes

.


Een kraanwagen bestellen als je water is afgesloten is nooit grappig. Een bokser die een gek figuur slaat is nooit grappig. Wij wensen iedereen een fijne jaarwisseling en een "Nooitgrappig" Kortom keep up the good work!

Een moslimvrouw die een tipje van de sluier oplicht is nooit grappig. Te laat thuis komen omdat je bij het knutselen bent blijven plakken, is nooit grappig. Een kangeroe die diep in de buidel moet tasten is nooit grappig. Een honingbij die freebees spaart is nooit grappig. Een tv gids de weg wijzen is nooit grappig. Iemand met een bloemetjesjurk water geven, is nooit grappig.

Nog lang niet jarig zijn op je eigen verjaardag is nooit grappig. Een tovenaar die geen hoge hoed van zichzelf op heeft is nooit grappig. Met een knallend uiteinde op de wc zitten, is nooit grappig. Een schilder met een druiper is nooit grappig. Tegen een beeldhouwer zeggen dat hij zijn beeld niet mag houden, is nooit grappig.

Een gitarist die ontstemd is, is nooit grappig. Een monteur die een sleutelpositie inneemt is nooit grappig. Rekenen op je taalvaardigheid is nooit grappig. Een shovelmachinist die veel opschept is nooit grappig. Nooitgrappigs overtikken uit het archief is nooit grappig, stay original!!!!!!!!!!!! Een chirurg die thuis het vlees snijdt met een scalpel, is nooit grappig.

In bordeel vragen om kinderkorting, is nooit grappig. Aan een klopgeest vragen of hij in het vervolg eerst wil aanbellen, is nooit grappig. Een vette rekening krijgen bij de snackbar is nooit grappig. Een Herniaoperatie die 3 ruggen kost is nooit grappig. Een uitgebluste brandweerman is nooit grappig.

Een pedicure die nagels bijt, is nooit grappig. Een euro op de kerstboom zetten omdat je geen piek meer hebt, is nooit grappig. Iemand die 's winters schaatst met klapschaatsen, zomers laten fietsen met een klapband, is nooit grappig. Een gepensioneerde kapper die nog steeds met zijn handen in het haar zit is nooit grappig. Een gitarist met een gevoelige snaar is nooit grappig. Een lel krijgen van iemand met grote oren, is nooit grappig.

Een stier die oude koeien uit de sloot haalt is nooit grappig. Dichters bij een feestelijke opening is nooit grappig. Een Chinees die bamiballen ophangt in zijn kerstboom is nooit grappig. Je ogen dicht doen in de kijkshop is nooit grappig.

Een kleermaker die thuis de broek aan heeft is nooit grappig. Wagenziek worden van je eigen rijgedrag is nooit grappig. Een klokkenmaker die niet bij de tijd is is nooit grappig. Bij een internet abonnement een surfplank krijgen, is nooit grappig. Een vrouw bij de gynaecoloog een kijkdoos noemen, is nooit grappig.

Een jonge haring naar een school sturen is nooit grappig. Een weekdier met een weekendtas is nooit grappig. Een schroef die geen moer doet, is nooit grappig. Een vibrator die je eerst moet opwinden, is nooit grappig. Een eekhoorn die op zijn eikel bijt, is nooit grappig.

Een keeper die er geen bal aan vindt, is nooit grappig. Een schildersezel die balkt is nooit grappig. Een routeplanner die de weg kwijt is, is nooit grappig. Een coke snuiver een witte kerst toe wensen is nooit grappig. Iemand die al voor zijn crematie een beetje verstrooid is, is nooit grappig. Een blinddate met een dove hebben, is nooit grappig. Een dode beer een wasbeer noemen is nooit grappig. Een clown die alleen zijn pak vermaakt, is nooit grappig.

Als fotograaf geflitst worden is nooit grappig. Je vriend zonder benen een driekwartsmaat noemen, is nooit grappig. Een tandarts die onder de plak zit is nooit grappig. Een werelddeel waar het relatief veel regent, een incontinent noemen, is nooit grappig. Met drank op een Bobslee besturen is nooit grappig.

Frits Spits in de file is nooit grappig. Met een zaklamp kijken of de verlichting uit is is nooit grappig. Een potloodventer een puntenslijper geven is nooit grappig. Een pantoffeldiertje met koude voeten is nooit grappig.

Een zwerver van het dak lozen is nooit grappig. Als kerstpakket een sigaar uit eigen doos krijgen, is nooit grappig. Een potloodventer die met een pen schrijft, is nooit grappig.

Een vogel die zich in de nesten werkt,is nooit grappig. In de Spits de Metro lezen is nooit grappig. De spermabank bellen dat je je pincode bent vergeten is nooit grappig.

Een cocaïneverslaafde die z'n neus poedert, is nooit grappig. Een telefoniste aan het lijntje houden, is nooit grappig. Een solliciterende loodgieter met een slechte c. Tatjana Simic op een flatscreen is nooit grappig. Een lilliputter in Madurodam tegenkomen is nooit grappig. Als piraat je houten been breken is nooit grappig. Op je ligfiets in slaap vallen is nooit grappig.

Een hovenier om de tuin leiden is nooit grappig. Een lezing houden over dyslexie, is nooit grappig. Een vrouwelijke drugsverslaafde plat spuiten is nooit grappig. Een alcoholist die een nuchtere opmerking maakt, is nooit grappig.

Een atheïst met een bijgeloof is nooit grappig. Een kompas die de weg kwijt is, is nooit grappig. Een Fries in de kou laten staan, is nooit grappig. Een stotteraar vragen of hij beter wil articuleren is nooit grappig.

Een mooie vrouw met een vibrator een stroomstoot noemen is nooit grappig. Iemand die verkouden is een rare snuiter noemen is nooit grappig. Een zebra en een pad kruisen tot een zebrapad is nooit grappig. Een biologieproefwerk over voortplanting verneuken is nooit grappig. Zeggen dat de beveiliging van Pim Fortuyn tekort schoot is nooit grappig. Een medewerker van een kerncentrale met een stralende glimlach is nooit grappig. Soldaten die een uur lang kwartier maken zijn nooit grappig.

Er gekleurd op staan op een zwartwit foto, is nooit grappig. Samen met een junk ezeltje prikje spelen is nooit grappig. Een chirurg die zichzelf lelijk in de vingers snijdt, is nooit grappig. Gearresteerd worden omdat je even een bioscoopje hebt gepikt is nooit grappig. Een slager met een geslachtsziekte is nooit grappig. Rob van Eigen Huis en Tuin die de ziekte van vijver heeft is nooit grappig.

Iemand die incontinent is in de zeik nemen is nooit grappig. Iemand uit moskou die in amsterdam naar de hoeren gaat een walrus noemen, is nooit grappig. Tijdens het hooien een baaldag nemen is nooit grappig. Rundvlees met koeienletters schrijven is nooit grappig.

Een zwarte piet die het eten van de Sint laat verpieteren is nooit grappig. Op de kunstijsbaan in een wak rijden is nooit grappig. Je baas die je op maandag al een prettig weekend wenst, is nooit grappig.

De Kuip schoonmaken met Ajax is nooit grappig. Een filelezer die zegt dat de spits op gang komt is nooit grappig.

Een Jaknikker in de ontkenningsfase is nooit grappig. Maandverband dat gesponsord wordt door Red Bull is nooit grappig. Verdrinken tijdens surfen op internet is nooit grappig. Een depressie de kop indrukken is nooit grappig. Een postzegel op een voice mail plakken is nooit grappig. Een ballon hebben als blaas is nooit grappig. Na je ontbijt niks uitvreten, is nooit grappig.

Bloemen kweken in je oogkassen, is nooit grappig. Jomanda die het hoog in haar bol heeft is nooit grappig. Je badeend bijvoeren in de winter is nooit grappig. Een waterlelie water geven is nooit grappig. Een flipperkast in het dolfinarium zetten is nooit grappig. In een doodlopende tunnel het licht zien is nooit grappig Jankees Dekker. Een misdadiger die het aan zijn rug heeft omdat hij zwaar crimineel is, is nooit grappig Elmer Tan.

Als je bezig bent met logisch nadenken en dat ontgaat je een beetje, is dat nooit grappig Jan Doldersum. Bergbeklimmen met een gouden gids is nooit grappig Rob Colle. Een kever die met carnaval als monitor verkleed gaat, is nooit grappig Dennis Massop. Als vrijgezel een pik van hout en een hand van schuurpapier hebben is nooit grappig Tarik el Hamdaoui. Houten krukken maken van kreupelhout is nooit grappig Jeroen Spruit.

Een geoloog die zijn eigen niersteen onderzoekt is nooit grappig Dennis Mekel. Dagdromen tijdens een cursus tegen slapeloosheid is nooit grappig Ruud Slewe. Een verhuizer die bij de pakken gaat neerzitten is nooit grappig Jan Doldersum. Anton Geesink op het matje roepen is nooit grappig Rob Colle. Paintballen met onzichtbare inkt is nooit grappig Arthur en Paul.

Een skater die staat te ruften op een scheetbord, is nooit grappig Dennis Massop. Een bakker die in een Kadettje rijdt is nooit grappig Salto van der Maal. Zoeken naar de poezenbuurt in Katwijk is nooit grappig Rob Colle.

In een Nissan keer niks rijden, is nooit grappig Dennis Massop. De pijp aan Maarten geven in een niet-rokersruimte is nooit grappig Arthur en Paul.

Yvon Breuer heeft het weekend goed besteed, kijk maar:. Je realiseren dat Adam en Eva nooit een navel gehad kunnen hebben, is nooit grappig. Een bolletjesslikker waarbij de tulpen uit z'n broek groeien omdat 'ie de verkeerde heeft geslikt, is nooit grappig. Je afvragen welke kleur een smurf krijgt als je hem wurgt, is nooit grappig. Brandweerlieden die laaiend enthousiast worden van een brandschone brandweerauto, zijn nooit grappig.

Je afvragen waarom Noach die twee muggen niet gewoon heeft doodgemept, is nooit grappig. Dat mannen geen last hebben van cellulites, is voor vrouwen nooit grappig. Een vrouw die een man vindt, die zichzelf succesvol vindt, omdat hij meer verdient dan zij kan uitgeven, succesvol noemen, is nooit grappig. Chinese katten die de hele nacht onder je raam zitten te Mao-en zijn nooit grappig Cor van Dam. Een boom het bos insturen is nooit grappig Dick Krukkeland.

Een ophaalbrug die opgehaald is als je iemand op wilt halen is nooit grappig Patricia Pynaert. Je klote voelen in een homobar is nooit grappig John Trechsel. Een grillige sfeer in een steakrestaurant, is nooit grappig. Een schoolgebouw met een lessenaarsdak, is nooit grappig. Een vereniging van vrachtwagenchaffeurs met veel aanhangers, is nooit grappig. Klaarkomen in poedervorm als toppunt van aderverkalking, is nooit grappig.

Een vluchteling die zich vastrijdt op een vluchtheuvel, is nooit grappig. De Grote Donderglas uit het prachtige Groningen heeft eens zijn best gedaan. Van je seksuoloog horen als je een afspraak maakt: Een zeeman die zijn zwangere vrouw aanzet tot woelig baren is nooit grappig.

Een behendige messenwerper een werpster noemen, is nooit grappig. Na je dood reincarneren als eendagsvlieg is nooit grappig. Voor een dubbeltje geboren worden terwijl we al lang met euro's betalen, is nooit grappig. Als je alter ego aan schizofrenie lijdt, is dat nooit grappig. In een restaurant het tafelwater afkeuren omdat het "kurk" heeft, is nooit grappig.

Op je verjaardag een geslachtsziekte krijgen van je partner, is nooit grappig. Als man een date hebben met een vrouw met ballen, is nooit grappig. Zelfmoord plegen na het eten van een Happy Meal is nooit grappig. Tijdens je begrafenis ontdekken dat je aan claustrofobie lijdt, is nooit grappig. Tegen een depressieve postbode zeggen dat hij zichzelf eens een leuke dag moet bezorgen, is nooit grappig. Een Duplodocus die vraagt of hij met een Legosaurus mag spelen is nooit grappig Cor van Dam.

Speaken bij een mondelinge overhoring Engels is nooit grappig Jaap van Wingerden. Een strand vol Connie Palmen is nooit grappig Dennis Mekel. Een tolk die zijn vak niet verstaat, is nooit grappig Mark Stunnenberg. De penvriendin zijn van een potloodventer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een wesp "een strontvlieg met een Vitesse-shirt aan" noemen, is nooit grappig Jan Rupke. Een travestiet die aan een hell's angel vraagt "heb ik wat van je aan? Je hard maken voor condoomgebruik is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Joep Zaad, die zijn achternaam spelt 'met de d van donor' is nooit grappig Ives van Leth.

Als hetero bij Gaytronics werken is nooit grappig Jan Rupke. Je radio aanzetten tot zinloos geweld is nooit grappig Hans van Vugt. Philip Frederiks -pardon- Freriks die de hele lijsten -neemt u mij niet kwalijk- lijst van ooit -sorry- nooit grappigs moet voorlezen in het zuiden van Israël -dit is een ander bericht denk ik- is -eeuuhh- niet- oh nee- nooit grappig Cor Dam -pardon- van Dam.

Een advocaat die, als hij zijn kantoor verlaat, tegen z'n secretaresse zegt dattie pleite gaat, is nooit grappig Nico Bosman. Na het uitgaan nog lang blijven hangen in de garderobe, is nooit grappig Hans van Vugt. Een cardioloog die "hier klopt iets niet" zegt is nooit grappig Tim Bakker. Een wesp met bijverschijnselen, is nooit grappig Bart van de Beek.

Een hongerstaker die een brok in zijn keel krijgt tijdens een gesprek is nooit grappig Maurice Bekkema. In de file rechts ingehaald worden door een lifter is nooit grappig Carin Nix. Een geboortegolf op het strand is nooit grappig Nico Bosman.

Een inlegkruisje met klittenband is nooit grappig Harry van Ineveld. In een pijnboom pitten, is nooit grappig Hans van Vugt. Elke week een jaarmarkt is nooit grappig Robert Bakker.

Aan een tandarts vragen of hij bij zijn vrouw ook de gaatjes vult zonder dat ze er wat van voelt, is nooit grappig Peter Korenhof. Met z'n allen in de eerste klas wagons gaan zitten omdat elk spoor van de conducteur ontbreekt, is nooit grappig Yvon Breuer. Een parkeerwachter met klem verzoeken je overtreding ongedaan te maken is nooit grappig Harry van Ineveld.

Op je werk kijken of www. Gas geven terwijl je diesel rijdt, is nooit grappig Jeroen Jongebloed. Lrs v3rv4n93n d00r c1jf3r5 15 n 9r4pp19 J Nl. Je telefoon op laten nemen in het ziekenhuis, is nooit grappig Hans van Vugt.

Een seriemoordenaar die om jouw serienummer vraagt is nooit grappig Mischa de Muynck. In een vegetarisch restaurant klagen dat het eten vlees noch vis is is nooit grappig Cor van Dam. Smeerkaas uit het vuistje, is nooit grappig Peter v. In een topless-bar aan alles een puntje willen zuigen, is nooit grappig Yvon Breuer. In een Duitse schoenenwinkel zeggen dat je maat hebt, is nooit grappig Joost Ekkelboom.

Bij de verkiezingen je stem kwijt zijn is nooit grappig Joost Nagtegaal. Een stoplicht op groene stroom is nooit grappig Arthur Alphenaar. Fiscuswerpen opde Olympische Spelen is nooit grappig Joost Nagtegaal. Een asielzoeker de weg naar een kennel wijzen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een rechter wiens broer linker is, is nooit grappig Stefan Aarts. Een missionaris die zich geen houding weet te geven is nooit grappig Cor van Dam.

Een spin die zijn web afragt, is nooit grappig Dimitri Drijver. Een vriend die pas meevalt als je uitglijdt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Jan Steengoed vinden, is nooit grappig Hans van Vugt.

Een geestelijke die er alleen nog maar lichamelijke contacten op na houdt is nooit grappig Ivo Rouwhorst. Vergeten dat gisteravond je cursus geheugentraining was, is nooit grappig Nico Bosman. Spijkerschrift ontcijferen met een hamer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Succes boeken bij een reisbureau is nooit grappig Stefan Aarts. Een blaadje sla dat zijn frustraties opkropt, is nooit grappig Arno Theijs. Een cocaïneverslaafde die zijn gram haalt bij de rechtbank is nooit grappig Chabro Mos. Homo's die op een ventweg rijden zijn nooit grappig Eric Consemulder. Een aap die eens niet uit de dwangbuis-mouw komt, is nooit grappig René Veltman. Een bij die blij is dat ie ergens bij is is nooit grappig Erik Kruyzen.

Een acteur met een rolberoerte is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een pyromaan die zijn eten laat aanbranden is nooit grappig Erik Kruyzen. Het bij de dierenarts over koetjes en kalfjes hebben, is nooit grappig Thijs Willink. Je eigen nooit grappigs nooit kunnen vinden in de nooit grappig-lijst is nooit grappig en Dick Krukkeland die mij weer zijn naam laat overtypen, omdat hij niet heeft gelezen dat ik heb verzocht zelf je naam achter je nooit grappig te zetten is nooit grappig.

Een Gangbang met Heinz sandwichspread als hoofdsponsor, is nooit grappig Arno Theijs. In een homobar een biertje drinken uit een fluitje, is nooit grappig Arno Theijs. Een punt zetten op de stippelzone is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Op een onbewoond eiland wonen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een dyslecticus een boek met spelregels geven, is nooit grappig. Een scheepsbouwer die naar de manicure gaat voor z'n klinknagels is nooit.

Een hoer die er gelikt uitziet, is nooit grappig Hans van Vugt. Een wegatlas die je niet kunt vinden is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. In de bananenbar uitglijden over een schil, is nooit grappig Arno Theijs. Een colombiaan bij een alcoholcontrole over een witte lijn laten lopen is. Een bloedvergiftiging oplopen omdat je har-kiri pleegde met een roestig zwaard is nooit grappig Bert Dobben.

Een inlegkruisje met een maximale inleg van euro, is nooit grappig Arno Theijs. Een geldautomaat, waar je geld voor een snelheidsovertreding moet halen, die.

Een weg zonder klkrs, is nooit grappig Hans van Vugt. Een Nederlandse agent die een Duitse automobiliste laat 'blasen', is nooit grappig Fabian Buiter. Één-Gay-per-reet organiseren, is nooit grappig Hans van Vugt. In slaapvallen tijdens een pitstop, is nooit grappig Hans van Vugt. Een vrouwelijke potloodventer een puntenslijper noemen is nooit grappig.

Harry Potter vertellen dat hij sprekend op Balkenende lijkt, is nooit grappig Arno Theijs. Tijdens een bijeenkomst van Weight-Watchers hapjes rondbrengen op een. Een kapperszaak die permanent gesloten is, is nooit grappig Hans van Vugt.

Iemand die last heeft van haaruitval een kalender cadeau geven is nooit. Een porno-acteur die overal zijn neus insteekt is nooit grappig. Tegen de ruiten van een kaartenhuis schoppen is nooit grappig. Een piloot die iemand naar de keel vliegt is nooit grappig.

Een nudist die bloot staat aan kritiek is nooit grappig. Pieter van Vollenhoven vleugellam maken is nooit grappig. Zuurkool inmaken met een nulletje of tien is nooit grappig. Luier dan een pamper zijn is nooit grappig Hans van Vugt. Een dokter die in een zaal gaat staan en vraagt of er misschien een acteur op het toneel is, is nooit grappig Arno Theijs. Een kapper met een onderscheiding is nooit grappig Oscar Kars.

Een fotograaf van onderbelichten is nooit grappig Jerremy Dalman. Een studente die goed kan leren een blokkendoos noemen is nooit grappig Jerremy Dalman. Een doodgraver een schop geven is nooit grappig Edwin Coster.

Een papegaai "niks" laten zeggen is nooit grappig Jan Doldersum. Hennie Huisman die bij de buren aan belt is nooit grappig Frank Beentjes. Een exporteur die niets uitvoert is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een pony met hooikoorts is nooit grappig Dimitri Drijver. Je schuldig maken aan witteboordencriminaliteit als je bij Omo werkt is nooit grappig Jerremy Dalman. Achterin de kerk roepen dat je de kogel hebt gevonden is nooit grappig Frank Beentjes. Een doopgezinde drugsverslaafde is nooit grappig Milo Pieters.

Je bij een drumband aanmelden met een koektrommel is nooit grappig Jerremy Dalman. Een eskimo met een waterhoofd is nooit grappig Marc Bos. Een trucker een trucje flikken is nooit grappig Mayelle. Een barman die met consumptie praat is nooit grappig Jerremy Dalman. Een k-mailtje ontvangen uit het Verre Oosten is nooit grappig Rob Schoon. Een lezing over dyslexie is nooit grappig. Iemand die incontinent is in de zeik zetten is nooit grappig Jerremy Dalman. Een nooit grappig die nooit grappig is, is nooit grappig Siep.

Een wolk van een baby die van tijd tot tot een bui geeft is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een zakkenroller in de sauna, is nooit grappig Nico Bosman. Dood gaan en wakker worden in een hemelbed is nooit grappig René Overkleeft. Een dokter die tegen je schreeuwt "het klinkt misschien hard, maar u bent doof!! Een junk vragen naar zijn dopenamen is nooit grappig Cor van Dam. Als excuus voor het te laat zijn bij de tandarts zeggen "sorry, m'n brug stond open" is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een automobilist die in een deuk ligt door een flauwe bocht is nooit grappig Chris. Een Zwarte Piet die de zak krijgt, is nooit grappig Bart van de Beek. Een brood terugbrengen naar Leen Bakker is nooit grappig Hans van Vugt. Een snipperdag opnemen op video is nooit grappig Hans van Vugt. Een stinkende grijze zak als vuilnisman is nooit grappig Niels. Een kannibaal die nadat hij zijn vriendin heeft gedumpt z'n achterste afveegt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Sinterklaas telkens de zwarte Piet toespelen is nooit grappig Jan Doldersum. Af en toe sex met Klaas Vaak, is nooit grappig Michael Groenendijk. Berdien Stenberg begroeten met een fluitconcert is nooit grappig. Een dokter die tegen een overspannen stripteasedansers zegt, kleedt u zich maar uit is nooit grappig. Met een steekwagen de oversteek wagen is nooit grappig.

In de file je motor afzetten tot ie is opgelost is nooit grappig. Een mobiele vibrator zonder trilfunctie is nooit grappig. Een boktor die uit het goede hout gesneden is is nooit grappig.

Met je jachthond een wetsontwerp door 't Parlement jagen is nooit grappig. Je vriendin bij de bewaking een waakvlam noemen is nooit grappig. In een antiekwinkel vragen of ze nog iets nieuws hebben, is nooit grappig Nico Bosman. Een blaasorkest bij de alcoholcontrole is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een stewardess die zwanger is van de automatische piloot is nooit grappig Walter Boekestein. Babi gangbang bestellen bij de chinees is nooit grappig Jerremy Dalman.

Een schoppenboer van harte door een ruit schoppen is nooit grappig Jan Hoogendoorn. Je schoonmoeder opnieuw aansteken als ze uitgaat, is nooit grappig Nico Bosman. Wanneer de postbode je een natte doos bezorgt is dat nooit grappig Jerremy Dalman. In de schaduw de boekhouding doen is nooit grappig Stefan Elsendoorn.

Een ladykiller bij wie relaties altijd doodbloeden is nooit grappig Elvin P. Incognito naar het carnaval gaan is nooit grappig Rob Colle.

Een boswachter die een uiltje knapt, is nooit grappig René Veltman. René Veltman die heel hardleers 'niet grappig' blijft typen terwijl het 'nooit grappig' is, is nooit grappig.

Stotteren in gebarentaal, is nooit grappig Leon van der Wulp. Als tuinier achter de geraniums zitten is nooit grappig Jerremy Dalman. Het glazen muiltje van Assepoester dat door de vinder in de glasbak wordt gegooid, is nooit grappig René Veltman. Een luchtbed opblazen met dynamiet is nooit grappig Dirk Peters. Hans Roodrijtjeshorst heeft het weekend weer overleefd. Nu kan hij zich weer helemaal storten op de Nooit Grappige week! En dit kwam er vandaag uit:.

Door de woestijn kruipen met een waterhoofd is nooit grappig. Een manueel therapeut die lid is van de kraakbeweging is nooit grappig. Een dienstverlener die je naar de andere kant van de wereld helpt is nooit grappig.

In de kerk een ham-kaas hostie bestellen is nooit grappig. Een homo aanrijden en daarna een ster in je voorruit, is nooit grappig Arno Theijs. Tegen je kind zeggen dat hij over 3 nachtjes slapen gisteren jarig was is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Sita die helemaal zichself ish, is nooit grappig Rick Strong. Een imker bij je houden is nooit grappig Karin Pellekooren. Tegen je vriendin "m'n duifje" zeggen als die beesten weer je auto hebben ondergescheten is nooit grappig Jean Luc Huguenin.

Volkert van der G. Muntthee trekken van je kleingeld is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Een busje van "Diana's Dildo's" dat bij jou een pakje komt bezorgen is nooit grappig Desirée Köhler.

Een oppasser die moet oppassen waar hij op past, is nooit grappig Hans van Vugt. Tegen je gymleraar zeggen dat je aan denksport doet is nooit grappig Sjon Oudejans. Tegen een Hell's Angel 'ga es opzij met je brommer! Een dove vragen wat beffen is, is nooit grappig hij heeft er nog nooit van gehoord Patrick Geelen. Maxima vragen of ze vaker kikkers kust, is nooit grappig Rinie Raymakers.

Aan iemand met geheugenverlies vragen wat hij nou eigenlijk precies vergeten is is nooit grappig Karin Pellekooren. In de boot genomen worden door een matroos is nooit grappig Tom Veldhuis. Als postbode je eigen bekeuring bezorgen is nooit grappig Jan van der Veen. Een sadist die zijn aan SM verslaafde vriendin niet wil slaan, is nooit grappig Irene Groeneveld. Als ik iets op mijn eigen eigenwijze wijze wijze doe, is het nooit grappig Jan Hoogendoorn.

Een loodgieter vragen of hij een lekkage kan maken is nooit grappig fam. Niet in een pashokje passen, is nooit grappig René Veltman. De mededeling 'roken is minder dodelijk dan het oprichten van een politieke partij', is nooit grappig René Veltman. Een tandarts vragen of hij nog een gaatje heeft is nooit grappig Bastiaan Roubos.

Maxima vergelijken met boerenkool omdat die pas echt lekker is als de vorst er over heen is geweest is nooit grappig ene Wim. Tegen Rick Engelkes zeggen dat je hem nog moest bedanken van je vrouw is nooit grappig Danny Bouman. Een effectenhandelaar die z'n brood belegt is nooit grappig Sjon Oudejans.

Een Australiër die op z'n kop staat, nooit grappig Hans van Vugt. Een vat bier leegdrinken en daarna fustfucken, is nooit grappig Arno Theijs. Een heroinehoertje op naaldhakken is nooit grappig Desirée Köhler. Zeggen dat de Gazastrook op een steenworp afstand ligt is nooit grappig Sjon Oudejans. Peter de Groot, je weet wel, die van het Rotterdamse literaire tijdschrift Krakatau, heeft weer een lijstje gestuurd:. Stalkers die ver voor je uit lopen zijn nooit grappig. In je autobiografie een figurantenrol spelen is nooit grappig.

Een balletje opgooien waar je zak omheen zit is nooit grappig. De krant halen, omdat hij niet gebracht wordt, is nooit grappig. Een schouderklopje die roos doet opwaaien is nooit grappig. Een geboortegolf met stuurbekrachtiging is nooit grappig. Een dokter die zieke grappen beter maakt, is nooit grappig. Tegen iemand met hernia zeggen dat hij geen ruggengraat heeft is nooit grappig. Een onbetaalbare nacht een goedkoop avontuurtje noemen is nooit grappig Moederkoekhappen op andermans verjaardag is nooit grappig.

Mensen die kippenvel krijgen van haantjesgedrag zijn nooit grappig. Haat zaaien waar de oogst van mislukt is nooit grappig. Kinderporno in een tekst verwerken om meer bezoekers op je site te krijgen is nooit grappig.

Verzuipen in de Stille Oceaan, omdat je een zee van rust verwachtte, is nooit grappig. Een Gouden Regen bestellen en dan één en al gezeik over je heen krijgen, is nooit grappig. Ruzie krijgen met je partner, omdat je dacht dat je een slipperdag moest nemen, is nooit grappig. Een boomerang die even een pakje sigaretten gaat halen en niet meer terugkomt is nooit grappig. Bij de Ikea informeren naar een zandbank van het type Smotse is nooit grappig.

Met je fiets rijden waar je maar 80 mag, is nooit grappig. Een man die op straat per ongeluk yes roept als er een vrouw met grote borsten langsloopt is nooit grappig. Een chagrijnige klootzak gezellig vinden omdat ie dik is is nooit grappig. Luieruitslag die eindigt in een gelijkspel is nooit grappig.

Een genetisch gemanipuleerde banaasappel is nooit grappig. Fellatio pijpen in de volksmond noemen is nooit grappig. Een student die wiet verbouwt een teelbal noemen is nooit grappig. Vlak voor je dood je hele leven als een film voorbij zien komen en er achter komen dat het boek beter is, is nooit grappig Ron Bulters.

Vervoer hebben zodat je tòch nog naar de verjaardag van je schoonmoeder kan, is nooit grappig Susan Logher. Nooit grappige items schrijven in de kroeg terwijl je vrienden vrouwen versieren is nooit grappig Jerremy Dalman. Spaarloon naar werken krijgen, is nooit grappig Lars Mosch. De slaap niet kunnen vatten omdat je buren sinds kort een dakkapel hebben, is nooit grappig René Veltman. Een nichtje dat alleen solliciteert voor nevenfuncties, is nooit grappig Lars Mosch.

De Metro in de spits lezen en de Spits in de metro is nooit grappig Luuk Heuker. Ministers met Berouwfraude zijn nooit grappig Sjard v. Van een straatkrantverkoper in 1 keer al zijn krantjes kopen zodat hij lekker bijtijds naar huis kan is nooit grappig Desiree Voulon. Een lijkwagen met een lekker rouwband is nooit grappig Dimitri Drijver. Iemand die denkt dat de overeenkomst tussen de Bijlmer-bajes en de hersenmassa van een Belg een cellentekort is, is nooit grappig René Veltman.

Een flater die terug slaat is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Bij een pedicure een broodje nagelkaas bestellen, is nooit grappig Nienke van Keimpema. Dart Vader op de Embassy aantreffen is nooit grappig jerremy Dalman. Een werper die de schijn ophoudt, is nooit grappig Marco en Dennis.

Zonder cape naar de supermarkt is nooit grappig Amanda Tuma. Een zure Melkertbaan hebben is nooit grappig Marijke Leising. Een homofiele uil die de hele dag "Joehoe" in het bos roept is nooit grappig Ron Bulters.

Dwars door je loopbaan heenfietsen, is nooit grappig Lars Mosch. Een Dikke die aan de Dunne is, is nooit grappig Arno Theijs. Alimentatie betalen voor een ex-vrouw die niet alleen samenwoont maar ook wordt "uitgewoond" is nooit grappig Michel Niks. De omroepster van de Hema die zegt "Nu 3 beha's voor een tientje, daarvoor laat je ze niet hangen " is nooit grappig Gerben van der Snel. Tegen de lamp lopen in de kruipkelder is nooit grappig Dennis van Zijverden.

Een gepeperde rekening krijgen voor de montage van je kruidenrek in de keuken is nooit grappig Harry van Bourgondiën. Met steil haar de zee ingaan en er met watergolven weer uitkomen, is nooit grappig Marco en Dennis.

Stiekem 's middags ontbijtkoek eten is nooit grappig Rob Colle. Te laat op de klok kijken is nooit grappig Luuk Heuker. Je neven die nichten zijn zijn nooit grappig Martin Sla.

Ontslag nemen tijdens je sollicitatiegesprek is nooit grappig Luuk Heuker. Een bordeel vol met zuurpruimen is nooit grappig Desirée Köhler.

Een avondje doorzakken op een kapotte barkruk is nooit grappig Amanda Tuma. Een chinees die in de snoepwinkel een Snickels koopt is nooit glappig Rob Colle. Een masochist die de hand aan zichzelf slaat is nooit grappig.

Op de theaterschool leren hoe je een sigaret moet uitdrukken is nooit grappig. Je schaamhaar kammen met een hanekam is nooit grappig. Een moordenaar die met hangen en wurgen iemand ombrengt is nooit grappig.

Een lilliputter die het hoogste woord heeft is nooit grappig. De moeder van Pieter van Vollenhoven een vleugelmoer noemen is nooit grappig. Als artiest tijdens een benefietconcert voor de leprastichting het podium oprennen met de kreet "Waar zijn die handjes!!?? De kaft van de Koran scheiden is nooit grappig Arno Theijs. Een terrorist een opblaaspop geven, is nooit grappig Hans van Vugt.

Meer ongewenste email, dan gewenste femail is nooit grappig Sjard v. Een onderzoeker die homofiel gedrag anaalyseert is nooit grappig Cor van Dam. Een Chinese invalide in een lolstoel is nooit grappig Peter Groenendijk. Een nudist die pas over een uurtje uit de kleren gaat, is nooit grappig René Veltman. Een magere dinosaurus een ano-t-rexia noemen is nooit grappig Cor van Dam.

In Ethiopië een hongerstaking uitroepen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een chemisch bedrijf na een reorganisatie een boete geven voor werk lozen is nooit grappig Cor van Dam. Iemand met dislec, dislex, dislekt Sex op TV en eraf vallen is nooit grappig Bianca van den Broek. Vallende sterren op de 'walk of fame' zijn nooit grappig Cor van Dam. Succes boeken, terwijl je niet kunt lezen is nooit grappig Arno Theijs.

Tegen een deurwaarder 'pak een stoel' zeggen, is nooit grappig Hans van Vugt. Jezelf blind staren op een helderziende is nooit grappig Cor van Dam. Ik ontving ook een lijstje Nooit Grappigs van Peter de Groot, toevallig hoofdredacteur van het onvolprezen literaire tijdschrift Krakatau:.

Met andermans eer de tweede viool strijken is nooit grappig. Klokkenluiders die niet weten waar de klepel hangt zijn nooit grappig. Veilig vrijen omdat je bang bent voor je geslacht is nooit grappig. De draad kwijt raken terwijl het eind zoek is, is nooit grappig. Doorzichtig zijn en er met zelfreflectie niet achterkomen, is nooit grappig.

In verwachting zijn van je vijfde, terwijl de eerste niet eens de was kan doen, is nooit grappig. Eindelijk peper in je reet hebben terwijl je darmen rommelen, is nooit grappig. En natuurlijk ook een lijstje van Hans Roodhorst, die de Nooit Grappige erepenning mag opgespen:.

Een striptease-danseres die uit haar kleren groeit is nooit grappig. Bij Mick Jagger aan z'n lippen hangen is nooit grappig. In de oorlog een ondergronds verzetje zoeken is nooit grappig. Een maandverband een gleufhoed noemen is nooit grappig. Een zwemmer die een badslippertje maakt is nooit grappig.

Een Jehova als getuige op je bruiloft is nooit grappig Edwin Oostra. Een hond als baas hebben is nooit grappig Jerremy Dalman. Een mol platrijden met de auto en 'm nog hoop geven, is nooit grappig Sjard v.

Saddam vragen Houssein nucleaire wapenprogramma ervoor staat is, is nooit grappig Edwin Oostra. De stijve lach hebben is nooit grappig Bob 'Beukum' Leentvaar. Een kale 'gelukkig nieuwhaar' wensen op 1 januari, is nooit grappig Sjard v. Een komma zetten achter haar in de zin: In het ziekenhuis vragen of je geslaagd bent voor je bloedproef is nooit grappig Desirée Kohler. Aan een eskimo vragen of je het ijs tussen jullie mag breken is nooit grappig Jerremy Dalman.

Aan een homo vragen of hij het kontje van het brood wil is nooit grappig Desirée Kohler. Met een stifttand op muren kalken is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Als voetballer door je vriendin buitenspel worden gezet is nooit grappig Jerremy Dalman. Ik zeg het nog één keer: Schreeuwende schapen met weinig wol zijn nooit grappig. Een anorexia-patient die zijn gewicht in de schaal legt is nooit grappig. Michael Jackson verdenken van gezichtsbedrog is nooit grappig. Een scherpschutter die uit zijn slof schiet is nooit grappig.

De Mount Everest beklimmen met een Mikro-gids is nooit grappig. Een gitarist die het op een akkoordje gooit is nooit grappig. Een haring die van zijn graatje gaat is nooit grappig. Je dobbelstenen tegen het plafond gooien omdat je denkt dat de hoogste mag beginnen, is nooit grappig Yvon Breuer. Een roos naar Raymond van Barneveld noemen is nooit grappig Jerremy Dalman.

Erachter komen dat in de zin "reken maar uit" dezelfde letters zitten als in "ruik aan m'n reet", is nooit grappig Marco en Dennis van De Regt Financiële Planning. De haringen van een vistent pikken is nooit grappig Tim Crince. Denken dat je uniek bent, zoals iedereen, is nooit grappig Yvon Breuer. In een vliegtuig naast een negerin gaan zitten omdat men bij een ongeluk als eerste naar de zwarte doos zoekt, is nooit grappig Marco en Dennis van De Regt Financiële Planning.

De herkomst van bronwater niet weten, is nooit grappig Lars Mosch. Joop Braakhekke die kookt van woede, is nooit grappig René Veltman. Melker-banen bij de boer, zijn nooit grappig Lars Mosch. Een vrouw twee keer laten gillen door haar eerst van achteren te nemen en 'hem' daarna aan de gordijnen af te vegen, is nooit grappig Yvon Breuer. Een n-toets die blijft vastzittennnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnnn Lars Mosch.

Een verkoopster van parfumerie Douglas die haar stinkende best doet jouw aankoop mooi te verpakken, is nooit grappig René Veltman. Een homo die nog maagd is anaalfabeet noemen, is nooit grappig Yvon Breuer. Tegen iemand zeggen dat je nooit een gezicht vergeet, maar voor hem graag een uitzondering maakt, is nooit grappig Marco en Dennis. Met je brillenkoker teruggaan omdat je bril niet gaar wordt, is nooit grappig Jef Nikkelen.

In een vrieskast gaan zitten om kauwgom uit je haar te krijgen is nooit grappig Tim Vrince. Een gospelkoor dat voor het zingen de kerk uitgaat, is nooit grappig Marco en Dennis. De manen van een paard die door de bomen schijnen, zijn nooit grappig Lars Mosch.

Een spin die wordt afgewezen als webdesigner is nooit grappig Ron van der Lugt. Een transsexuele lolbroek die nu een grapjurk is, is nooit grappig Oscar Kars. Een bolhoed die in een deuk ligt is nooit grappig Cor van Dam. Denken dat de voornaam van E. Jodela is, is nooit grappig Yvon Breuer. Een collega die bij de pakken neer gaat zitten terwijl jij zegt "Laad maar! Ontdekken dat oude vrouwen een navel tussen hun borsten hebben, is nooit grappig Yvon Breuer.

De hele dag 'sensationeel' roepen met een polygoonnieuws-stemmetje is nooit grappig Jerremy Dalman. Een vriendje met fotografisch geheugen een kameraatje noemen is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een computermuis die zich niet kan voortplanten omdat 'ie maar één bal heeft, is nooit grappig Yvon Breuer. Een verwarmingsapparaat dat op alcohol loopt kachel noemen is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Per ongeluk de express-trein nemen is nooit grappig Oscar Kars.

In de herfst 's morgens je eikel naast je bed vinden, is nooit grappig Yvon Breuer. Een ober die een steakje laat vallen is nooit grappig Elvin P. Als boomchirurg van slag raken door een beuk is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Geen stoel nodig hebben omdat je een zitzak hebt, is nooit grappig Yvon Breuer.

En natuurlijk weer het rijtje van Hans 'rijtjes zijn grappig' Roodhorst:. Een zeehonden-creche starten op Robbeneiland is nooit grappig. Een cabaratier die het gelag moet betalen is nooit grappig. Hevige buien die graag overdrijven zijn nooit grappig. Tot bloedens toe met stomheid geslagen worden is nooit grappig. Een geldschieter die de gaten in je portemonnee knalt is nooit grappig. Een Friese staander die niet gelegen komt is nooit grappig.

Tijdens het klaverjassen voor grootste gemene deler worden uitgemaakt is nooit grappig. Een vrouw met tieten op haar rug die zich Pamela Andersom noemt is nooit grappig. Frans Laarmans is met zijn familie op vakantie aan zee, en daar komt op een dag zijn zwager Jacky die in Parijs woont trots zijn prachtige nieuwe wagen tonen. Er wordt besloten dat Frans, Jacky en hun echtgenotes zussen dus enkele dagen naar de Ardennen trekken met de aanwinst. Diezelfde avond, als ze in het hotel gearriveerd zijn, breekt echter de Tweede Wereldoorlog uit.

Terwijl iedereen naar huis vlucht, blijkt Jacky echter niet zo rouwig te zijn om de oorlog, en bij een glas champagne vertelt hij zijn verhaal. Jacky, die in de maritieme sector werkzaam is, reageerde voor de lol en uit nieuwsgierigheid op een advertentie van een zekere Boorman waarin een tankschip gratis werd aangeboden.

Dat tankschip blijkt eigendom te zijn van een rijke reder uit Marseille die — op aanraden van Boorman — de Franse belastingen om de tuin wil leiden door het schip op te knappen, zodat hij de kosten kan aftrekken van zijn belastingen, en vervolgens zogenaamd te verkopen. In werkelijkheid krijgt de koper het schip echter gratis, op voorwaarde dat hij het verder verkoopt tegen een bedrag dat zeer hoog zal zijn er hangt immers oorlog in de lucht en tankschepen zullen zeer gegeerd zijn door allerlei regeringen , een deel van het geld aan de reder en aan Boorman geeft, en officieel de reder laat weten dat hij niet kan betalen.

Jacky is op dit alles ingegaan, zijn schip ligt nu in Barcelona, de oorlog is uitgebroken en nu kan hij als het ware slapend rijk worden. De ik-verteller uit het begin komt niet meer aan het woord. Het is allemaal niet onaardig en hier is natuurlijk weer de zakenman en reclamejongen Fons De Ridder bezig, maar het maakt allemaal een stuk minder indruk dan bijvoorbeeld Lijmen waarvan Het tankschip een soort blauwdrukje is of Kaas.

Naar aanleiding van het Elsschot-jaar publiceerde Gazet van Antwerpen een bijlage over Elsschot verzorgd door Martine Cuyt , en daarin zegt de dan jarige dochter van Elsschot, Anna De Ridder: Het tweede deel is zo plezierig dat ik ben moeten stoppen met lezen van het lachen.

Nu ja, het menske was al Geestig dus, oké, maar men heeft wel sterk de indruk dat Elsschot hier een beetje te veel drijft op verworven routine en niet echt meer sprankelt. Het kan toch niet dat de oorlogsomstandigheden daar een rol in speelden, want van de oorlog zal Elsschot toch niet al te veel last hebben gehad? Wel is het opvallend dat enerzijds de plot duidelijk ontsproten is uit de geest van iemand die kaas gegeten heeft van het zakenwereldje, maar dat anderzijds de thematiek erop neerkomt dat dit wereldje van poenscheppen en bedrog neergesabeld wordt.

De laatste twee zinnen van het boek werken in dat verband uitermate ironiserend Jacky is aan het woord: En gaan niet deuren en vensters dicht tot de stoet voorbij is? Zozo, Elsschot dus een crypto-communist anno ? Men begrijpt nu een beetje beter waarom Elsschot en Louis Paul Boon in het begin nogal goed overeenkwamen Elsschot zat in de jury die Boons eerste roman De voorstad groeit bekroonde en hij schreef een vriendelijk voorwoord bij Mijn kleine oorlog … Maar veel meer dan saloncommunisme of literaire pose zal het bij Fons De Ridder wel niet geweest zijn.

Al bij al is en blijft Het tankschip een mindere Elsschot, hoewel het niveau toch niet ondermaats is. Merkwaardig dat hij zes jaar later alsnog een absoluut pareltje zou te voorschijn toveren. De structuur van de film is redelijk voorspelbaar: Omdat hij zijn kompanen en maatjes verraadt, krijgt Belfort slechts drie jaar gevangenis en op het einde zien we nog even dat hij na zijn vrijlating aan de kost komt als motivational speaker: Ofschoon hier en daar een sequens misschien iets te lang duurt, heeft Scorsese van The Wolf of Wall Street een spetterend filmspektakel gemaakt waarin DiCaprio in de rol van Belfort het allerbeste van zichzelf geeft het leverde hem trouwens terecht een Oscarnominatie op.

Het is opmerkelijk hoe je als kijker door de in voice-over op zijn leven terugblikkende Belfort wordt meegetrokken in een bacchanaal van beelden waarbij de grenzen van de welvoeglijkheid worden afgetast maar net niet worden overschreden helemaal in het begin reeds een spiernaakte Belfort die cocaïne snuift uit de bilspleet van een prostituee, en verder bijvoorbeeld ook het prijswerpen met dwergen of een vastgebonden Belfort met een kaars in zijn achterwerk waarna een prostituee kaarsvet op zijn rug laat lekken, Belfort die voor de laatste maal met zijn tweede vrouw sekst waarbij zij hem zo snel mogelijk wil doen klaarkomen.

Er zitten ook enkele hilarische momenten in de film, met als hoogtepunt de sequens waarin Belfort en zijn onderdirecteur een overdosis drugs hebben geslikt waarvan de vervaldatum gepasseerd is zodat zij nauwelijks nog kunnen praten, en Belfort moet dan zijn partner verhinderen om te telefoneren met een Zwitserse bank omdat hij net vernomen heeft dat zijn telefoon afgetapt wordt. Prima soundtrack ook naar verluidt verzorgd door Robbie Robertson met leuke oude hitjes, onder meer Ca plane pour moi van onze eigen Plastic Bertrand.

Om maar te zeggen: Die boodschap wordt weliswaar niet opgedrongen het is trouwens alweer opmerkelijk dat de slachtoffers van Belforts financiële kuiperijen nérgens in beeld komen , maar zoals Erik Stockman opmerkte in Humo [nr.

The Wolf of Wall Street is een Amerikaans epos over hebzucht en in dit verband stond er in diezelfde Humo [pp. Stratton Oakmont was maar een microkosmos binnen een veel groter geheel, slechts één exponent van een hardnekkige attitude die bijzonder hard in de Amerikaanse cultuur ingebakken zit. Ik denk ook dat hij [Belfort] op een gegeven moment aan het verdrinken was in die macht. Je voelt je één of andere rare sekteleider.

Dat is wat ik denk dat Jordan gevoeld moet hebben, dat is waarom hij wellicht zó ver is gegaan: Opnieuw is er sprake van een raamvertelling. De ik-figuur ontmoet enkele jaren na de gebeurtenissen uit Lijmen weer toevallig Frans Laarmans, die nu als klerk werkzaam is. Laarmans legt vervolgens uit hoe dit zo komt. Hij en Boorman waren op een markt letterlijk op mevrouw Lauwereyssen gebotst en hadden vastgesteld dat ze een houten been had. Boorman, wiens vrouw kort daarvoor overleden is, wordt gekweld door schuldbesef wellicht had mevrouw Lauwereyssen het door hem afgetroggelde geld beter kunnen gebruiken voor medische zorgen en na advies te hebben ingewonnen van Jan, een neef van Laarmans die pastoor is, wil hij met alle geweld 8.

Mevrouw Lauwereyssen weigert echter in alle toonaarden, ook nadat Boorman er een deurwaarder bij betrokken heeft. Er komt een rechtszaak van, maar dat loopt op niets uit en wanneer de inboedel van de Lauwereyssen-smidse openbaar verkocht wordt en Boorman 8. Op het einde blijkt dat Boorman als een nieuwe Reynaert zijn streken niet verleerd heeft: Qua stijl en sfeer sluit Het been perfect aan bij Lijmen en de humor is in deze novelle vaak nog geslaagder dan in zijn voorganger.

De beschrijvingen van de rechtszaak met de nerveuze rechter die niet begrijpt dat de aanklager geld wil teruggeven in plaats van te vorderen [p. Minder geslaagd is de wat lauwe christelijke thematiek die Elsschot deze keer in het verhaal heeft binnengesmokkeld. Naar het voorbeeld van Petrus en Christus verloochent Laarmans zijn geestelijke vader Boorman driemaal [vergelijk p.

Deze christelijke beeldspraak is louter bedoeld als entertainend en verluchtend element en de ware thematiek is heel wat cynischer.

Aanvankelijk lijkt het te gaan om een mooie en moraliserende boodschap. Met de woorden van Laarmans: Gaandeweg blijken auteur en lezer samen met Boorman echter tot een ander inzicht te komen: Laat het een les voor u zijn.

Waarna Boorman uiteindelijk besluit: Ondertussen hebben we nog een serieuze veeg maatschappijkritiek meegekregen van Elsschot, via een observatie van Boorman in de inrichting naar aanleiding van het mannetje naast hem dat voortdurend zijn bed opmaakt: Om daags nadien, bij een of andere verjaardag of bij de geboorte van een prins, wéér maar op te stappen, ditmaal met een hoge borst alsof de Messias eindelijk gekomen was.

En dan al die wonderlijke mensen die in sneeuw of hitte samenkoeken om op het zicht van die stoetgangers in tranen uit te barsten of zich de longen uit het lijf te jubelen. Wij weten niet waaraan Elsschot in de jaren dertig concreet gedacht heeft de begrafenissen van koning Albert I of koningin Astrid? In kreeg Het been , in tegenstelling tot Lijmen vijftien jaar eerder, meteen ruime en welwillende aandacht, ongetwijfeld terecht. Sindsdien zijn de twee verhalen tot één consistent geheel versmolten en worden zij beschouwd als één van de hoogtepunten van de twintigste-eeuwse Vlaamse literatuur, ofschoon Het been misschien iets minder sterk is dan Lijmen zelf wat vooral door het niet helemaal overtuigende einde komt, waarin mevrouw Lauwereyssen veel te plots na al die tijd blijkt bij te draaien.

In werden de beide boeken verfilmd door Robbe De Hert. Lexicon van Literaire Werken , januari , pp. Willem Elsschot, Verzameld Werk. Deze zevende roman van Elsschot weer is er eerder sprake van een novelle dan van een roman verscheen in november in boekvorm. Verborgen achter het masker van de ik-verteller Frans Laarmans beschrijft Elsschot een gechiedenis die zich in zijn eigen schoon familie had voorgedaan, tijdens en na Wereldoorlog I de namen werden wel veranderd.

Als Willem Verstappen, een broer van zijn vrouw, krijgsgevangen wordt genomen en in een kamp in Duitsland belandt, ontstaat er gerommel rond het militiegeld van Willem. Dat kan omdat Willem vanuit Duitsland het kind erkent als het zijne. Bertha trouwt met ene Wouters, die door een administratieve vergissing zijn naam aan Alfred geeft.

Hierdoor kan Alfred geen aanspraak maken op het pensioen van zijn vader en dat wordt maandelijks opgestreken door de schoonmoeder. Laarmans, alias Elsschot, treedt daarentegen naar voren als de sympathieke beschermer van de underdog.

Ofschoon Elsschots thematiek dus in deze zevende roman niet wezenlijk anders is dan in de vorige, kan men zich toch niet van de indruk ontdoen dat hier kwalitatief een stapje achteruit wordt gezet.

Weliswaar ontmoeten we ook nu weer voortdurend die kleine geestigheden en cynische opmerkingen die bij de lezer een sfeer van vertrouwenwekkende goedmoedigheid genereren p. Laarmans die in Brussel zijn schoonmoeder moet gaan verdedigen voor de Pensioenencommissie , toch komt het geheel hier minder sterk over dan bijvoorbeeld in Lijmen of in Kaas.

Koen Rymenants signaleert dat Elsschot in Pensioen de overwegend realistische poëtica van de eerste romans definitief heeft ingeruild voor een vernieuwender schriftuur die bij het modernisme aanleunt: Boons debuutroman De voorstad groeit uit staat het bewustzijn van een individu nu centraal. In Lijmen introduceerde Elsschot het personage Frans Laarmans dat vervolgens in al zijn romans als ik-verteller optreedt. Kan allemaal waar zijn, maar in Pensioen is het toch net iets minder overtuigend uitgewerkt dan in Lijmen , Kaas of Tsjip en ook in Het been en De leeuwentemmer , twee sequels, zou Elsschot iets minder op dreef blijken.

In elk geval komt het einde van Pensioen een beetje te abrupt over om goed te zijn, en ondanks de erg positieve receptie bij verschijnen, zou Pensioen na de Tweede Wereldoorlog meer en meer uit de belangstelling verdwijnen.

Niet toevallig en ook niet helemaal ten onrechte, lijkt ons. Lexicon van Literaire Werken , 71 september , pp. Over deze Iegor Gran bezitten wij bedroevend weinig informatie.

De achterflap deelt mee dat het om een op zijn tiende naar Frankrijk uitgeweken Rus gaat, dat hij reeds vijf romans schreef en dat Ipso Facto zijn debuut was. Wanneer dat debuut verscheen en welke die andere romans waren, daar wordt jammer genoeg niets over gezegd. Het onderhavige boekje trok onze aandacht op de goede ouwe, traditionele manier: Deze scène is nergens in het verhaal terug te vinden, maar ergens geeft de foto wel een deel van de sfeer van het boek weer.

Iegor Gran heeft met Ipso Facto duidelijk een romannetje in de traditie van Kafka geschreven. In feite is Gran niet meer dan een matig getalenteerde Kafka-epigoon die zich van de meester onderscheidt door de merkwaardig perverse en losse manier waarop hij over seks schrijft.

De nergens met name genoemde hoofdpersoon is een getrouwde man van middelbare leeftijd die als paleontoloog verbonden is aan een Parijs instituut. Als hij na twintig jaar bevorderd wordt tot directeur van de afdeling Iguanodons, rijst er een probleem: Hij verliest zijn baan op het instituut, zijn vrouw laat hem zitten en zijn familie wil niets meer met hem te maken hebben.

Hij heeft alleen nog contact met zijn overbuurman, eveneens een maniakale verzamelaar van formulieren en documenten. Tot op een keer dat eindexamendiploma opduikt op een veiling en voor een heel hoge som verkocht wordt aan een anonieme rijke persoon.

Kort daarna blijken er nog een heleboel andere kopieën van dat diploma in omloop te zijn, het geval krijgt ruchtbaarheid in de pers en de ik-persoon wordt een expert van zijn eigen eindexamendiploma. Hij verwerft geld en aanzien door expertises uit te voeren op de kopieën van dat diploma, tot zijn vrouw die ondertussen een dochtertje heeft en nu, we zijn vijf jaar verder, werkt voor de Bibliothèque Nationale langskomt met een versie van het diploma dat ontdekt werd in de kelders van de BN en het échte exemplaar blijkt te zijn.

De ik verwisselt het echte diploma handig voor een kopie en wordt vervolgens terug aangenomen op het instituut. Het blijft allemaal vrij vaag en oogt ietwat goedkoop, maar er zit wel degelijk nogal wat ironische humor in deze tekst en slecht of vervelend geschreven is Ipso Facto zeer zeker niet. Een curieus aardigheidje, meer is het niet, hoor. Martine Cuyt, boekenredactrice van de Gazet van Antwerpen en Het Belang van Limburg, heeft voor dit boek een heleboel mensen gesproken en geïnterviewd die Willem Elsschot van nabij gekend hebben: Zelfs één van zijn minnaressen, een zekere Liane Bruylants, zelf ooit een onbetekenend Antwerps dichteresje, maar naar de foto van omstreeks te oordelen, wel een knap ding in haar jonge tijd.

Over de eerste keer dat zij dat deden, luidt het: Hij gaf toe dat hij, toen hij jonger was, veel potenter was geweest. Elsschot was toen zestig jaar, Liane zevenentwintig! Dàt soort boek is dit dus: Als men houdt van de boeken van Elsschot, dan is het ook interessant om de vent achter de vorm te leren kennen, zeker in dit geval, want Elsschot was een schrijver die veel autobiografische dingen in zijn romans verwerkte.

En ook los daarvan is het zijdelings boeiend om bijvoorbeeld te vernemen hoe laag Elsschot de romans van Hugo Claus ophad, hoe hij in onmin leefde met Gerard Walschap die tegenover hem woonde in de Lemméstraat omdat de zoon van Walschap Lieven een relatie had met Anna, de veel oudere én getrouwde dochter van Elsschot, dat hij de laatste jaren van zijn leven huidkanker had en stierf op 31 maart Zijn vrouw Fine, die ooit het dienstmeisje was van zijn ouders De Ridder maakte haar zwanger en huwde haar pas na vijf jaar , stierf enkele uren later op 1 april In een recensie in De Standaard der Letteren [9 december , p.

Zeer ten onrechte vervolgt hij echter: Het vuistdikke boek is te polemisch en te betweterig. Het zegt meer over de biograaf dan over zijn onderwerp. Die Van Hattem moeten ze in bepaalde vriendjes kringen echt niet hebben, blijkbaar. Dat Van Hattems boek in werkelijkheid honderd keer interessanter en belangwekkender is dan dat van Cuyt een boekje dat iedereen in feite kan samenstellen die een pen kan vasthouden , blijkt zonneklaar uit onze bespreking van Van Hattems Willem Elsschot — Mythes bij het leven zie aldaar.

De bottomline van dit alles is echter: Elsschot blijft boeien, bijna vijf decennia na zijn dood. Na de goede ontvangst van Kaas had Elsschot de smaak van het schrijven opnieuw te pakken want een jaar later is er alweer een nieuw boekje van hem op de markt.

Dit gaat echter ten koste van het gezin en het werk en daarom belooft hij dat dit de laatste maal zal zijn. Gelukkig voor ons heeft Elsschot die belofte niet gehouden. In werd Tsjip herdrukt en toen werd achteraan het opstel Achter de schermen toegevoegd waarin de auteur op de voor hem zeer typische wijze uitgebreid die Opdracht bijna zin voor zin analyseert.

Nogmaals blijkt hier dat Elsschot ten zeerste begaan was met het communicatiegehalte van de taal en zeer veel belang hechtte aan het juiste woord en de correcte formulering. Je zou zoiets verwachten van iederéén die literatuur produceert, maar: Belangrijk in die analyse is de passage: Adele en Bennek studeren beiden in Antwerpen en raken verloofd, maar na het eindexamen trekt Bennek weer naar Polen en blijft het gezin van Laarmans achter in onzekerheid omtrent de toekomst, ook al omdat de vader van Bennek per brief heeft laten weten niet van een relatie Bennek-Adele te willen weten.

Die vader draait echter bij en er komt toch een huwelijk van, dat eerst in België in beperkte kring gesloten wordt, en dan in Polen. Al snel wordt Adele in Polen zwanger en wordt er een zoontje geboren, Jan. En het is deze Jan Maniewski waar heel de tekst naartoe groeit, want het hoogtepunt van het boek is wanneer Laarmans zijn kleinzoon voor de eerste keer in de armen neemt en er de tuin mee inwandelt, alwaar de mussen hem op de bijnaam Tsjip brengen.

Het abstracte thema is niets anders dan de vitalistische opkikker die de grootvader ervaart dankzij zijn eerste kleinkind. Laarmans, die naar aanleiding van de brief van die Poolse vader in het begin nog noteerde: Mijn Verlosser is gekomen. Hij zal mij met mijzelf verzoenen en mij genezen van al mijn kwalen.

Tegelijk maken we één van de zeldzame momenten mee waarop Elsschot een maatschappijkritische toon aanslaat enkele jaren later zou hij het in Het been opnieuw doen: Dat hij moet opstappen met de verdrukte scharen om vorsten en groten tot brij te vertrappen. Interessant is dat die zin over het vertrappen van vorsten en groten in de Duitse vertaling van werd weggelaten, omdat de Duitse vertaalster moeilijkheden vreesde met de Duitse overheid Hitler dus.

Toen Tsjip en het vervolg De leeuwentemmer tijdens de Duitse bezetting voor het eerst samen verschenen in het Nederlands werd het bewuste zinnetje nochtans niét weggelaten, zonder gevolgen. Het lag dan ook helemaal niet in Elsschots bedoeling om wat of wie dan ook te provoceren ook niet met die passage waarin de bevruchting van Maria door de H.

Geest vergeleken wordt met Leda en de zwaan en waar de toen nog katholieke Marnix Gijsen en Gerard Walschap moeite mee hadden. Tsjip is een helder verwoorde, eenvoudige en ontroerende kleine roman die omwille van het nogal burgerlijke gegeven een stuk braver en ietwat meliger overkomt dan bijvoorbeeld Kaas of Lijmen , en vlak voor het verschijnen in schreef Elsschot dan ook aan diezelfde Greshoff: Dat ondervond ik reeds bij Walschap en bij Gijsen.

En nu weer bij Roelants. Veel wordt echter goedgemaakt door die zeer herkenbare, voortdurend vol kleine geestigheden en cynische opmerkingen stekende stijl, die bij de lezer een sfeer van vertrouwenwekkende goedmoedigheid genereert.

Wanneer Bennek naar Polen vertrokken is en het gezin verweesd achterblijft: Of als Adele begint te wenen als zij op de piano aan het spelen is: Net als Kaas werd Tsjip indertijd dan ook zeer positief ontvangen. Jan van Hattem noteert in zijn Elsschot-biografie: Mythes bij het leven. Wij vatten eerst de inhoud samen. De hoofdpersoon van De Verlossing is Pol Van Domburg die zich kort na zijn huwelijk met Sideria in het dorpje Groendal vestigt als winkelier.

Hij vermoedt dat zijn eerste kind een bastaard is en slaat daarom regelmatig zijn vrouw. Dat eerste kindje sterft al jong, en daarna worden er nog drie dochters geboren. Doordat Pol toevallig kennismaakt met het jonge zoontje van de plaatselijke graaf de eigenaar van alle grond en huizen in Groendal behalve het huis van de pastoor slaagt hij erin via het inpalmen van dat kereltje zijn huis en de grond eromheen voor een appel en een ei te kopen.

Dan sterft de oude pastoor en komt er een nieuwe, meneer Kips, een man met slechts één oog en een karakter van beton. Kort na zijn aanstelling komt de schoonbroer van Pol met een aantal kameraden vanuit de stad propaganda maken voor de socialisten de verkiezingen komen eraan , maar zij worden door Kips propertjes wandelen gestuurd. Doordat die schoonbroer Pol bij het vertrek groet, is Pol die zich daarvoor al weinig katholiek gedroeg ernstig gecompromitteerd en dat leidt al snel tot een confrontatie met de nieuwe pastoor en tot een onverbiddelijke vete.

Door tégen Pol te preken en de plaatselijke onderwijzer een nieuwe winkel te laten openen, zorgt Kips ervoor dat niemand nog bij Pol koopt en deze ziet zich gedwongen zijn winkel in een slecht draaiende herberg te veranderen en verder aan de kost te komen als aannemer.

De jaren verlopen en de twee oudste dochters van Pol trekken beiden — tot grote ergernis van Pol — naar het klooster. De jongste, Anna, blijft thuis. Pol tracht zijn verhaal te halen, eerst bij de bisschop en dan bij de jonge ondertussen volwassen geworden graaf en diens vader: Pols gezondheid begint ten gevolge van deze situatie snel bergaf te gaan en op een dag ligt hij op sterven en laat hij pastoor Kips komen.

Deze kan niet weigeren en begeeft zich zeer tegen zijn zin naar de kamer van de stervende, alwaar Pol hem met een geweer neerschiet. Terwijl Kips kreunend aan het sterven is, roept Pol luidkeels om een priester en Anna loopt in het midden van de nacht om een pater van de naburige abdij, maar deze komt net te laat.

Pol sterft zonder gebiecht te hebben. Na de dood van Kips en Pol opent Sideria opnieuw haar winkeltje, maar vijf maanden later sterft ook zij. Dochter Anna, die het huis geërfd heeft, verhuurt de ene helft en gaat zelf in de andere helft wonen. Anna, altijd al een vrome maagd, ontwikkelt zich nu tot een echte kwezel en wordt lid van de door de nieuwe pastoor opgerichte Congregatie der Heilige Maagd Maria.

Zij gaat een aantal keren op bedevaart en bezoekt één van haar zusters in het klooster de andere zit in de Kongo. Doordat het te laat geworden is, blijft zij overnachten bij haar oom in de stad de socialist van het incident indertijd en zo leert zij haar neef Frits kennen. Die komt met zijn vrouw Ida en zoontje Willem een tijd bij Anna logeren. Anna, die goed met het drie jaar oude ventje overweg kan, profiteert van de situatie om op een dag Willempje te laten dopen door de pater die net te laat bij haar stervende vader arriveerde.

Zij beschouwt deze daad als ingegeven door God en als de beste manier om haar vader uit het vagevuur te verlossen. Ofschoon De Verlossing een volwaardige roman is en geschreven werd in de typische Elsschot-stijl zakelijk-koel en cynisch en toch met de nodige mild-begrijpende humor , weet het werk net zo min als zijn voorganger, Een Ontgoocheling , volledig te overtuigen. Het verhaal van Pol Van Domburg en Kips op zichzelf is nog wel redelijk geslaagd te noemen, al duiken er ook hier al enkele momenten op waarbij Elsschot niet de juiste toon weet te treffen, zoals wanneer hij zeer weinig functioneel uitgebreid begint te citeren uit het oude medische handboek Den Lust der Medicijnen dat Pol raadpleegt in verband met zijn ziekte [pp.

Die laatste zin is er te veel aan. Wanneer echter na de dood van Pol en Kips Anna plots de hoofdpersoon van de roman wordt Anna, die daarvoor nauwelijks aan bod kwam , dan wordt dit door de lezer wel degelijk ervaren als een irritante breuklijn in de plot en als dit staartje van het boek dan ook nog voor niets anders blijkt te dienen dan voor het spuwen van wat anti-katholieke gal en het serveren van een bijzonder weinig overtuigende afloop de Verlossing van Pol via het doopsel van dat kereltje , dan krijgt diezelfde lezer het ongemakkelijk stemmende gevoel dat Elsschot hier naar het einde toe de pedalen danig verliest.

Dat Elsschot vooral in dit laatste deel overigens serieus tegen de schenen van de katholieken aan het stampen is anno ! De Verlossing , een slechts half geslaagde roman, wordt niet tot de belangrijkste werken van Elsschot gerekend, en in feite liet in weinig of niets vermoeden dat deze auteur twee jaar later een meesterwerkje als Lijmen uit de pen zou laten vloeien. Monografieën over Vlaamse Letterkunde — nr. Enkele jaren na het eerder matige De Verlossing is het dan plots zover: Elsschot produceert voor de eerste maal een absoluut meesterwerkje.

De inhoud van deze klassieker uit de twintigste-eeuwse Nederlandse letterkunde mag men geredelijk als bekend veronderstellen. Het gaat in feite om een raamvertelling.

De verder anonieme ik-figuur ontmoet in een café toevallig een oude vriend, Frans Laarmans, die vervolgens bij hem Laarmans thuis uitgebreid en tot in de kleinste details het verhaal vertelt van zijn ontmoeting met Charles Boorman en diens professionele bezigheid, het lijmen.

Reeds op de derde bladzijde van het boek wordt dit fenomeen bij de nog niet begrijpende lezer geïntroduceerd:. De mensen bepraten en dan doen tekenen. En als zij getekend hebben, krijgen zij het ook werkelijk thuis. Laarmans vertelt dan dat hij door Boorman werd aangenomen als diens secretaris en toekomstige opvolger en gaandeweg komt de lezer tot het inzicht dat deze Boorman verkoper is van gebakken lucht: In drie fasen, in feite evenzovele klaroenstoten die het Grote Evenement aankondigen, leren wij deze deontologisch verre van correcte handelwijze beter kennen.

Eerst is er de zaak van de Gentse begrafenisondernemer Korthals die Boorman op kosten jaagt naar aanleiding van het overlijden van diens schoonzuster maar vervolgens door Boorman teruggepakt wordt omdat hij reclame maakt met twee automobielen, één voor dodenvervoer en één voor ziekenvervoer, waarbij het echter om één en hetzelfde voertuig blijkt te gaan. Boorman komt als absolute triomfator uit deze zaak te voorschijn. Vervolgens moet hij nochtans twee tegenslagen incasseren. Tijdens Boormans afwezigheid ontvangt Laarmans een zekere meneer Wilkinson die op het punt staat een grote bestelling te doen, maar nog net op tijd kan terugkrabbelen doordat hij ontdekt dat Laarmans de enige werknemer is op de redactiekantoren van het Wereldtijdschrift.

En wanneer Boorman en Laarmans de beddenverkoper Charles Van Ganzen proberen te lijmen, blijkt dat deze Boorman en zijn trucjes meteen doorheeft. De tweede helft van de roman is volledig gewijd aan de zaak Lauwereyssen. De firma Lauwereyssen is een in keukenliftjes gespecialiseerde smidse die gerund wordt door een oude dame met een ziek been en haar wat simpele broer. Die broer blijkt echter meer gezond verstand te hebben dan zijn zuster, want deze laatste laat zich door Boorman compleet inpakken en bestelt niet minder dan Wat zij daarna ook spartelt, de Waarbij Laarmans als oefening iedere keer het geld ter plaatse moet gaan ophalen.

De raamvertelling wordt gesloten wanneer Laarmans meedeelt dat hij het Wereldtijdschrift van Boorman heeft overgenomen. Hij vraagt nu aan de ik-figuur of deze op zijn beurt secretaris van het Wereldtijdschrift wil worden, maar deze laatste vlucht walgend het huis uit.

Elsschots vierde roman illustreert op een grandioze en cynische wijze de hypocrisie, het bedrog en de immoraliteit die het zaken- en reclamewereldje regeren. Dat gebeurt zo knap dat een aantal ingrediënten van de roman ondertussen klassiekers in het genre zijn geworden: En dat eindigt dan met de volgende treffende en bovendien ook heel goed geschreven passage:.

Ieder wil nummer één zijn of ten minste doorgaan voor nummer één. De meesten gaan er nog liever voor door dan zij er op gesteld zijn het werkelijk te wezen. Jezus Christus, die gepraat heeft als had hij de wijsheid in pacht, heeft daar niets aan veranderd.

En daar de massa van die duivel bezeten is, richten de sluwe jongens van de negotie er zich op in. Alles schittert, alles is goed, alles is beter dan elders. Af en toe gaat er wel een naar de kelder, maar met een slag van zijn staart komt hij weer aan de oppervlakte, zolang er enige veerkracht in zit. En van die pientere broederschap moet ik het nu hebben.

En dan heel cynisch, een bladzijde verder: Wees beleefd tegen je klanten, want het zijn je vijanden, vergeet het niet. Zij laten slechts los wat je ze ontwringt en behouden alles waar je niet voor opkomt met je leven. Alfons De Ridder, alias Willem Elsschot, was anno natuurlijk heel goed geplaatst om dit gif met kennis van zaken te spuien, want zoals Lut Missinne ons meedeelt: De roman Lijmen ligt ons overigens ook na aan het hart omdat we hem in ons eigen leven al meer dan één keer in het echt zijn tegengekomen.

Na onze legerdienst werkten wij gedurende enkele maanden voor het Antwerpse, in transport gespecialiseerde vaktijdschrift Transport Echo en dat was eigenlijk het Algemeen Wereldtijdschrift revisited.

En dan was er [ gecensureerde passage ] In een interview met De Morgen uit zei dochter Ida De Ridder in dat verband over de tijd toen zij op het atheneum zat:. Villa des Roses , Een ontgoocheling , De verlossing en Lijmen. Tussen vuiligheid en rommel.

Nee, hij had afscheid genomen. Dat is de overschot, moet hij hebben gedacht. Er werd nooit meer over Elsschot gesproken. Hij was zich goed bewust van zijn kunnen en de grootheid van zijn werk. Maar het verkocht niet. Guido Goedemé heeft misschien een verklaring: Deze roman, reeds in geschreven volgens de inzichten van de Nieuwe Zakelijkheid, wekt vooralsnog bevreemding; het boek staat buiten een Vlaamse traditie.

Daarom wordt het vrij laat algemeen als waardevol erkend. En wellicht speelden anno ook de sneren naar Christus en God zie de citaten hierboven een belemmerende rol bij de receptie.

Vandaag zijn Elsschot en zijn Lijmen echter terecht al lang gecanoniseerd. Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige literatuur na , november , pp. Ofschoon de film bijna drie uur duurt, is de plot naar verluidt gebaseerd op een stripreeks van Julie Maroh redelijk eenvoudig en rechtlijnig. De vijftienjarige Adèle, die op de middelbare school vooral in literatuur is geïnteresseerd, ontdekt na haar eerste seksuele ervaring dat ze meer van meisjes dan van jongens houdt en dat gevoelen wordt bevestigd als ze een tijdje later verliefd wordt op de enkele jaren oudere kunststudente Emma, een tomboy met blauw geverfde haren.

Tussen Adèle en Emma ontstaat een relatie vol liefde, passie en lichamelijk genot die jaren blijft voortduren. Emma is ondertussen schilderes geworden en Adèle eerst kleuterjuffrouw, dan onderwijzeres. Al durft Adèle noch tegen haar ouders, noch op school iets verklappen over haar lesbische geaardheid: Tot meer en meer blijkt dat de sociaal-culturele context van Adèle en Emma toch nogal verschilt.

Als Emma dat ontdekt, gooit ze Adèle — tot grote wanhoop van deze laatste — zonder pardon op straat. Jaren later spreken ze nog eens een keer af in een restaurant, waar ze aan een vrijpartij beginnen want Emma heeft Adèle al lang vergeven en verlangt nog naar haar die echter halverwege door Emma afgebroken wordt want ze is nu met iemand anders. Een vriendelijke allochtoon, waarmee ze op een feestje al een keer een goed gesprek had, loopt haar zoekend achterna, maar Adèle is reeds om de hoek verdwenen.

Zou Abdellatif Kechiche, wiens vierde film dit is, zich met zijn Tunesische roots in dat allochtone personage geprojecteerd hebben? Het heeft weinig belang, net zomin als het feit dat de plot zich afspeelt in het Noord-Franse stadje Lille, waar wij toch een zekere band mee hebben, al was het slechts omdat het oorspronkelijk een Vlaamse stad was kijk maar naar de straat waar Adèle op het einde doorloopt: Twee maal zagen wij een zeer degelijke prent die volledig — maar dan ook volledig — gedragen wordt door de uitstekende acteerprestaties van de twee hoofdrolspeelsters, Léa Seydoux als Emma en Adèle Exarchopoulos als Adèle.

We moeten dit gegeven nogmaals beklemtonen, omdat Kechiche het hen niet gemakkelijk heeft gemaakt. En we hebben het dan niet over de twee veel te lang durende seksscènes met Emma en Adèle in het midden van de film, maar wel over het feit dat de regisseur niet alleen een voorkeur blijkt te hebben voor abrupte cuttings, maar ook voor het gebruik van de close-up.

Wat van de hoofdactrices bijna constant het uiterste vergt, maar hun mimiek beheersen ze méér dan perfect. Léa Seydoux met haar zelfverzekerde glimlachjes die ze afwisselt met van die wazige en halfverslaafd ogende blikken opzij, maar vooral ook Adèle Exarchopoulos met haar onzeker heen en weer schietende oogopslagen en dat beteuterd openhangende mondje waardoor haar volle, sensuele lippen nog meer opvallen.

Zouden sommigen deze film zo hoog aanslaan omdat ze heimelijk een crush hebben op deze Adèle? En als dat zo is, waarom ook niet, zoiets is toch niet verboden? Feit is dat zowel Emma als Adèle prima gecast zijn. En ook al gebeurt er niet echt zo heel veel in de film, vooral op het einde, tijdens dat lange tafelgesprek in het café wanneer Emma en Adèle weer even nader tot elkaar komen maar Emma van haar hart een steen maakt, zal menige toeschouwer het lastig krijgen om zijn of haar eigen emoties onder controle te houden, want die sequens is me eventjes ontroerend!

Wat natuurlijk een pluim is op de hoed van de regisseur met tegelijk een dikke proficiat richting beide hoofdactrices. Niet alles in dit coming-of-age-verhaal ja, het is er wéér een heeft even veel impact en sommige scènes hadden korter gemogen, maar anderzijds is er toch over vele dingen nagedacht in het begin het lezen van een boek van Marivaux bijvoorbeeld waarin op zoek wordt gegaan naar de psyche van de vrouw, of het lezen in de klas van een gedicht waarbij de vraag aan bod komt of de natuur slecht of goed is en zitten er behalve die caféscène op het einde nog enkele onvergetelijke momenten in de film Adèle die tegen haar zin oesters eet bij de ouders van Emma, de ruzie tussen Emma en Adèle.

We blijven vinden dat de film met zijn minuten iets te lang duurt en geven dus drie-en-een-halve ster. Op een winteravond vindt Seligman, een Joodse vijftiger, de in elkaar geslagen nimfomane vrouw Joe in een steeg in de buurt van zijn huis en neemt haar mee naar binnen, waar hij luistert naar haar levensverhaal.

De film is verdeeld in hoofdstukken, waarvan de titels telkens expliciet op het scherm verschijnen. In hoofdstuk I The complete angler zien we hoe Joe als vijftienjarige op haar eigen verzoek haar maagdelijkheid verliest bij een of andere nozem en hoe zij op de trein een wedstrijdje doet met haar vriendin B: Wie wint, krijgt een zakje snoep.

Dit hoofdstuk wordt telkens onderbroken door Seligman die dan het dient gezegd: In hoofdstuk II Jerome wordt Joe lid van een nimfomanenclubje met als motto mea vulva, mea maxima vulva af en toe is Von Trier inderdaad wel eens koddig en komt ze als secretaresse terecht in het drukkersbedrijfje van ene Jerome, een vroeger neukvriendje dat nu plots geen seks met Joe mag hebben en op wie ze een beetje verliefd wordt.

Jerome trouwt echter en trekt naar het buitenland. In hoofdstuk III Mrs. H krijgen we een lange scène die op zich niet zou misstaan in een of ander provinciaal toneelstukje. Joe, die hele reeksen mannen neukt, geeft een getrouwde man om halfzeven de bons want om zeven uur komt er een andere kandidaat, maar de getrouwde laat een kwartier later zijn vrouw zitten en wil intrekken bij Joe.

Een minuut later staat zijn vrouw daar met hun drie zoontjes en terwijl die andere kandidaat een jonge kerel er ook nog bijkomt, steekt die bedrogen echtgenote een lange, cynische litanie af die iedereen inclusief de toekijkende filmzaal met dichtgeknepen billen zit te bekijken. Hoofdstuk IV Delirium is plots gefilmd in zwartwit en hier maken we mee hoe de vader van Joe in het hospitaal sterft aan een delirium.

Die vader, die ook in andere hoofdstukken van de film regelmatig begint te zeuren over bomen vooral over de es en de eik en over hoe ze in de winter op zielen lijken, doet heel de filmzaal keihard schrikken door plots heel hard en onverwacht de naam van zijn vrouw te roepen, maar even later nadat Joe nog een paar werknemers van het ziekenhuis heeft gevogeld is hij toch dood.

In hoofdstuk V The Little Organ School worden de seksavontuurtjes van Joe op een verschrikkelijk pedante en artificiële manier vergeleken met polyfone muziek, maar uiteindelijk ontmoet zij Jerome opnieuw en zij vormen een koppel. Deel I eindigt met een seksscène waarin Joe huilend zegt: Ondanks enkele opmerkelijke en zelfs niet onaardige sequensen de zaadman in de trein, Mrs.

H en de muziek van Rammstein in de begin- en eindgeneriek maakt dit eerste deel een bijzonder onsamenhangende en gaandeweg meer en meer vervelende indruk. Dat die Seligman met zijn irritante, pseudo-diepzinnig en pseudo-filosofisch geneuzel het verhaal voortdurend onderbreekt, is daar zeker niet weinig debet aan. Von Trier tracht de kijker wel wakker te houden via allerlei cinematografische gimmicks die deels afgekeken zijn van Quentin Tarintino: Een briljante indruk maakt het nochtans allemaal niet, en dan zwijgen we nog over het in flitsen tonen van — zonder uitzondering bijzonder lelijke — pornografische beelden, wat verschrikkelijk branieachtig-puberaal overkomt.

Dat Charlotte Gainsbourg die de volwassen Joe speelt en Stacy Martin de jonge Joe allebei onaantrekkelijke magere sprieten zijn en op een ontzettend enerverend lijzig toontje praten, daar kunnen zij natuurlijk niet aan doen, maar alles tezamen maakte dat wel dat we na onze bioskoopvisie van deel I in januari nog weinig zin hadden om aan een bioskoopvisie van deel II ook nog eens geld te besteden.

In deel II is er plots van Rammstein of van die cinematografische gimmicks geen sprake meer. Hoofdstuk V loopt nog even door. Joe is nog steeds samen met Jerome en betreurt dat ze geen orgasmes meer kan krijgen. In een flashback zien we hoe Joe tijdens een schoolreisje op twaalfjarige leeftijd leviteert terwijl ze een spontaan orgasme krijgt en tegelijk een visioen van Messalina vrouw van keizer Claudius en de Hoer van Babylon. Joe ontdekt ook dat Seligman een maagd is.

The silent duck steekt Joe, die samen met Jerome een restaurant bezoekt, eerst een resem lepels in haar vagina, later wordt ze zwanger en baart met een keizersnede een zoontje Marcel. Jerome vraagt Joe of ze ook andere mannen wil neuken en dan zijn we plots drie jaar later vanaf nu neemt Charlotte Gainsbourg het over van Stacy Martin, wat de pornoscènes betreft natuurlijk met stand-in.

Joe heeft op een hotelkamer halve seks met twee negers die echter in een of ander koeterwaals ruzie beginnen te maken met elkaar een grappige scène, ondanks het brutaal in beeld brengen van de erecte zwarte lullen , we krijgen ook nog wat saaie gesprekken tussen Joe en Seligman en dan gaat Joe een aantal malen op bezoek bij een kerel die blijkbaar gratis en op afspraak masochistische vrouwen van het nodige geweld voorziet.

Joe moet van hem een paardenzweepje kopen en krijgt ook nog een ander soort zweep als kerstcadeau en als zij op een keer veertig Romeinse slagen op haar billen krijgt, bereikt zij eindelijk weer een orgasme. Marcel ligt echter alleen thuis, Jerome ontdekt dat en gooit Joe buiten, het kind komt in een pleeggezin terecht.

In het achtste en laatste hoofdstuk The Gun wordt ze een soort van criminele deurwaarder die op illegale wijze en met de hulp van geweld schuldenaars tot betalen moet dwingen.

Eén van die schuldenaars is een pedofiel die Joe op de knieën krijgt door hem een verhaaltje te vertellen, waarna ze hem pijpt, want ze had medelijden met hem. Via één van de gesprekken met Seligman geeft Von Trier Joe dan de kans om een lans te breken voor alle pedofielen in de wereld die wel pedofiel zijn, maar daar een heel leven lang tegen vechten en niemand kwaad doen.

Iemand van slechte wil zou kunnen vermoeden dat het een oratio pro domo is. Joe wordt stilaan rijker van haar job maar haar grote baas raadt haar aan een opvolgster te zoeken. Dat wordt een jong meisje uit een kapot gezin.

Op een andere keer blijkt Jerome de schuldenaar van dienst te zijn. Joe laat het vuile werk over aan P zoals het meisje genoemd wordt omdat zij nog verliefd is op Jerome, maar als P seks blijkt te hebben met Jerome, besluit Joe hem te doden met het wapen van P. De moordpoging in de steeg bij Seligmans huis mislukt echter omdat Joe het pistool vergat op te spannen en zij wordt door Jerome in elkaar geslagen. Vóór haar ogen neukt Jerome P nog even hier zijn de cijfertjes weer: Joe besluit dat ze in haar verdere leven geen seks meer nodig heeft, Seligman zegt dat ze opgekomen is voor haarzelf als een man en een voorbeeld is voor alle verdrukte vrouwen in de wereldgeschiedenis en dan gaat Joe slapen.

Wat later komt Seligman in zijn hemd opnieuw de kamer binnen en tracht Joe te penetreren. Joe schiet hem neer met het pistool dat ze nu niet vergeet op te spannen. Alleen al de samenvatting van de plot van deze film toont aan dat alles met haken en ogen aan elkaar hangt, van de hak op de tak springt en dus op de duur in het tweede deel nog veel meer dan in het eerste mateloos gaat vervelen, ondanks de constante pogingen van de regisseur om de toeschouwer te epateren met pornografische scènes en situaties die overigens ofwel genant, ofwel puberaal overkomen, nooit opwindend.

Von Trier die de plot zelf verzonnen heeft toont hier volgens ons nogmaals dat hij een warhoofdige sofnar is die weliswaar af en toe wel een leuk narratief of visueel ideetje heeft, maar niet in staat blijkt daar een kunstig geheel mee te breien.


Huisvrouw zoekt sex sexdate zonder registratie


Ze wel op een rijtje hebben maar niet in de juiste volgorde, is nooit grappig Heerle B2 Justin. Je nachtmerrie een baal hooi geven is nooit grappig pinokkio. Een bloemist die niet geschikt is, is nooit grappig Ralphfx.

Een schoonmaakster die bleek ziet is nooit grappig koeke bru. Een paard dat het even niet meer trekt is nooit grappig koeke bru. Een skileraar die op de ski piste is nooit grappig Egbert. De slavenhandel een zwarte periode uit onze geschiedenis noemen is nooit grappig.

Tegen een necrofiel zeggen dat zijn vriendin een beetje bleek ziet is nooit grappig. Niet aan de vuile vaat beginnen omdat het al afwas, is nooit grappig zwitus. Een blinde vragen naar zijn kijk op het leven, is nooit grappig miss. Een begrafenisondernemer die zich doodverveeld is nooit grappig Marcel.

Een junkie naar zijn dopenaam vragen is nooit grappig Vink. Een mank persoon die als een blok voor je valt, is nooit grapig WB. Een slippertje maken in de auto is nooit grappig anymous chaeter. Een hele goeie houthakker een kapster noemen, is nooit grappig Ivar. Aan een dove vragen of dat zo hoort, is nooit grappig Ivar. Je afvragen wat er met de eerst 6 ups gebeurt is nooit grappig miss.

Een verwarmingsketel die je in de kou laat staan is nooit grappig Harry van Essen. Een huisarts die de boel verziekt is nooit grappig LeenJan. Een ballon met dynamiet opblazen is nooit grappig Marcel. Met een lijkwagen een doodlopende straat inrijden, is nooit grappig.

Een roodborstje met een Dcup is nooit grappig Smeetz. Een cactus die prikkelbaar is, is nooit grappig Smeetz. Klein Duimpje op zoek naar zevenmijlssteunzolen is nooit grappig Smeetz. Een dwergkonijn in een reuzenrad is nooit grappig mus.

Een tuinkabouter verkopen aan een dwerg is nooit grappig Smeetz. Een huismus die in een caravan woont, is nooit grappig mus. Een poema met een tijgerslipje is nooit grappig Smeetz. Een vis in je netpanty is nooit grappig Francis meyners. De telefoniste van een datingservices een contactdoos noemen is nooit grappig. Een instructeur op de KMA die een kadetje soldaat maakt is nooit grappig. Een paashaas die zijn ei niet kwijt kan is nooit grappig. Een nicht die zijn poot breekt is nooit grappig Jeroen Bogaers.

Een praatgroep met een spreekverbod is nooit grappig North®. Een voetzoeker die een hand vindt is nooit grappig Smeetz. Op de top van de Mount Everest staan en toch niet je hoogtepunt bereiken, is nooit grappig Michabens. Verboden vruchten opdienen op een verbodsbord is nooit grappig. Tegen een lilliputter zeggen dat hij lang van stof is, is nooit grappig. Een auteur die zijn boekje te buiten gaat is nooit grappig JB. Je hoofd stoten als je voor paal staat is nooit grappig Pim Verheugt.

De kreukelzone van je auto strijken is nooit grappig DePaasHaas. Een loodgieter met een waterhoofd is nooit grappig Blinkiebil. Een bankier met weinig credit is nooit grappig Blinkiebil. Een wit voetje halen bij Patrick Kluivert is nooit grappig. Koos Alberts op een voetstuk zetten is nooit grappig WB.

Je gekloonde kind Pipo noemen is noot grappig Ronald van de Haterd. Drinken alsof je lever er vanaf hangt, is nooit grappig Ro. Je fiat geven aan de reparatie van je Ford is nooit grappig John Werkhoven. Een muis in je kamer hebben maar geen p. Een fysiotherapeut met een muisarm is nooit grappig Appie. Een strooiwagenchauffeur die er als een zoutzak bij zit is nooit grappig Dre. Voor een lopend buffet een warmingup doen is nooit grappig peewee.

Een systeembeheerder met een virus is nooit grappig Frank. Aan je moeder vragen of hij weet wat een travestiet is, is nooit grappig. Een afwasser vragen of hij er al schoon genoeg van heeft, is nooit grappig Daam en Johan. Een modderfiguur slaan in een kuuroord is nooit grappig.

Een notenkraker die verliefd is op je ballen is nooit grappig voltage again. Stemmen in je hoofd hebben die nooit wat zeggen, zijn nooit grappig Michiel ten Kleij. Een vluchtstrook in de gevangenis is nóóit grappig Koelio. Een criminele organisatie die in zijn personeel gaat snijden, is nooit grappig Jurian Vernooij.

Een timmerman die aan de grond genageld staat is nooit grappig. Een militair in een burgeroorlog is nooit grappig. De schone slaapster uit de droom helpen is nooit grappig. Een uitsmijter van een discotheek opeten is nooit grappig! Een schrijver die een boekje open doet is nooit grappig. Een piloot die uit de hoogte doet is nooit grappig.

Een tijdschrift vragen hoe laat het is, is nooit grappig. Als student bokser worden omdat de kans op slagen dan groter is, is nooit grappig Ivar. Een wegwerpcamera tegen je hoofd krijgen is nooit grappig Erik B.

Op een elfenbankje gaan zitten, is nooit grappig.. Tegen een hekje schuttingtaal uitslaan, is nooit grappig. Een theelepel gebruiken om de koffie te roeren, is nooit grappig. Een wandelende tak die van de hak op de tak springt, is noooit grappig vicenzo. Met een tank de weg van de minste weerstand in rijden is nooit grappig. Rijk de Gooyer die de pijp aan Maarten geeft is nooit grappig. Anky van Grunsven op een luipaard is nooit grappig. Marco Borsato uit de droom helpen is nooit grappig.

Een spooktrein op een dwaalspoor zetten is nooit grappig. Een papiervernietiger die zegt dat ie elke dag een snipperdag heeft is nooit grappig. Een vrijgezel een trekpop kado geven is nooit grappig. Zonder ondergoed op een antislipcursus komen is nooit grappig. Hoog van de toren blazen in madurodam is nooit grappig. Een gabber vragen of hij vrienden heeft, is nooit grappig.

Een buikdanseres met gordelroos is nooit grappig. Om escortservice vragen in een Ford garage is nooit grappig. Een olifant een domoor noemen is nooit grappig. Als dove een carbaret voorstelling bekijken is nooit grappig. Soep koken in je hersenpan is nooit grappig. Een kapitein die buiten de boot valt is nooit grappig. Een mongool die zich down voelt is nooit grappig.

Als met kerst je zus wordt geboren is dat nooit grappig. Een loodgieter die de leiding neemt is nooit grappig. Een kraanwagen bestellen als je water is afgesloten is nooit grappig. Een bokser die een gek figuur slaat is nooit grappig. Wij wensen iedereen een fijne jaarwisseling en een "Nooitgrappig" Kortom keep up the good work!

Een moslimvrouw die een tipje van de sluier oplicht is nooit grappig. Te laat thuis komen omdat je bij het knutselen bent blijven plakken, is nooit grappig. Een kangeroe die diep in de buidel moet tasten is nooit grappig. Een honingbij die freebees spaart is nooit grappig. Een tv gids de weg wijzen is nooit grappig.

Iemand met een bloemetjesjurk water geven, is nooit grappig. Nog lang niet jarig zijn op je eigen verjaardag is nooit grappig. Een tovenaar die geen hoge hoed van zichzelf op heeft is nooit grappig. Met een knallend uiteinde op de wc zitten, is nooit grappig. Een schilder met een druiper is nooit grappig. Tegen een beeldhouwer zeggen dat hij zijn beeld niet mag houden, is nooit grappig.

Een gitarist die ontstemd is, is nooit grappig. Een monteur die een sleutelpositie inneemt is nooit grappig. Rekenen op je taalvaardigheid is nooit grappig. Een shovelmachinist die veel opschept is nooit grappig. Nooitgrappigs overtikken uit het archief is nooit grappig, stay original!!!!!!!!!!!! Een chirurg die thuis het vlees snijdt met een scalpel, is nooit grappig.

In bordeel vragen om kinderkorting, is nooit grappig. Aan een klopgeest vragen of hij in het vervolg eerst wil aanbellen, is nooit grappig. Een vette rekening krijgen bij de snackbar is nooit grappig. Een Herniaoperatie die 3 ruggen kost is nooit grappig. Een uitgebluste brandweerman is nooit grappig. Een pedicure die nagels bijt, is nooit grappig. Een euro op de kerstboom zetten omdat je geen piek meer hebt, is nooit grappig.

Iemand die 's winters schaatst met klapschaatsen, zomers laten fietsen met een klapband, is nooit grappig. Een gepensioneerde kapper die nog steeds met zijn handen in het haar zit is nooit grappig. Een gitarist met een gevoelige snaar is nooit grappig. Een lel krijgen van iemand met grote oren, is nooit grappig. Een stier die oude koeien uit de sloot haalt is nooit grappig. Dichters bij een feestelijke opening is nooit grappig. Een Chinees die bamiballen ophangt in zijn kerstboom is nooit grappig.

Je ogen dicht doen in de kijkshop is nooit grappig. Een kleermaker die thuis de broek aan heeft is nooit grappig. Wagenziek worden van je eigen rijgedrag is nooit grappig.

Een klokkenmaker die niet bij de tijd is is nooit grappig. Bij een internet abonnement een surfplank krijgen, is nooit grappig. Een vrouw bij de gynaecoloog een kijkdoos noemen, is nooit grappig.

Een jonge haring naar een school sturen is nooit grappig. Een weekdier met een weekendtas is nooit grappig. Een schroef die geen moer doet, is nooit grappig.

Een vibrator die je eerst moet opwinden, is nooit grappig. Een eekhoorn die op zijn eikel bijt, is nooit grappig. Een keeper die er geen bal aan vindt, is nooit grappig. Een schildersezel die balkt is nooit grappig. Een routeplanner die de weg kwijt is, is nooit grappig.

Een coke snuiver een witte kerst toe wensen is nooit grappig. Iemand die al voor zijn crematie een beetje verstrooid is, is nooit grappig. Een blinddate met een dove hebben, is nooit grappig. Een dode beer een wasbeer noemen is nooit grappig. Een clown die alleen zijn pak vermaakt, is nooit grappig. Als fotograaf geflitst worden is nooit grappig. Je vriend zonder benen een driekwartsmaat noemen, is nooit grappig. Een tandarts die onder de plak zit is nooit grappig.

Een werelddeel waar het relatief veel regent, een incontinent noemen, is nooit grappig. Met drank op een Bobslee besturen is nooit grappig. Frits Spits in de file is nooit grappig. Met een zaklamp kijken of de verlichting uit is is nooit grappig. Een potloodventer een puntenslijper geven is nooit grappig. Een pantoffeldiertje met koude voeten is nooit grappig. Een zwerver van het dak lozen is nooit grappig.

Als kerstpakket een sigaar uit eigen doos krijgen, is nooit grappig. Een potloodventer die met een pen schrijft, is nooit grappig.

Een vogel die zich in de nesten werkt,is nooit grappig. In de Spits de Metro lezen is nooit grappig. De spermabank bellen dat je je pincode bent vergeten is nooit grappig. Een cocaïneverslaafde die z'n neus poedert, is nooit grappig. Een telefoniste aan het lijntje houden, is nooit grappig. Een solliciterende loodgieter met een slechte c. Tatjana Simic op een flatscreen is nooit grappig. Een lilliputter in Madurodam tegenkomen is nooit grappig.

Als piraat je houten been breken is nooit grappig. Op je ligfiets in slaap vallen is nooit grappig. Een hovenier om de tuin leiden is nooit grappig. Een lezing houden over dyslexie, is nooit grappig. Een vrouwelijke drugsverslaafde plat spuiten is nooit grappig. Een alcoholist die een nuchtere opmerking maakt, is nooit grappig.

Een atheïst met een bijgeloof is nooit grappig. Een kompas die de weg kwijt is, is nooit grappig. Een Fries in de kou laten staan, is nooit grappig. Een stotteraar vragen of hij beter wil articuleren is nooit grappig. Een mooie vrouw met een vibrator een stroomstoot noemen is nooit grappig. Iemand die verkouden is een rare snuiter noemen is nooit grappig. Een zebra en een pad kruisen tot een zebrapad is nooit grappig. Een biologieproefwerk over voortplanting verneuken is nooit grappig.

Zeggen dat de beveiliging van Pim Fortuyn tekort schoot is nooit grappig. Een medewerker van een kerncentrale met een stralende glimlach is nooit grappig. Soldaten die een uur lang kwartier maken zijn nooit grappig.

Er gekleurd op staan op een zwartwit foto, is nooit grappig. Samen met een junk ezeltje prikje spelen is nooit grappig. Een chirurg die zichzelf lelijk in de vingers snijdt, is nooit grappig. Gearresteerd worden omdat je even een bioscoopje hebt gepikt is nooit grappig.

Een slager met een geslachtsziekte is nooit grappig. Rob van Eigen Huis en Tuin die de ziekte van vijver heeft is nooit grappig. Iemand die incontinent is in de zeik nemen is nooit grappig. Iemand uit moskou die in amsterdam naar de hoeren gaat een walrus noemen, is nooit grappig. Tijdens het hooien een baaldag nemen is nooit grappig. Rundvlees met koeienletters schrijven is nooit grappig. Een zwarte piet die het eten van de Sint laat verpieteren is nooit grappig.

Op de kunstijsbaan in een wak rijden is nooit grappig. Je baas die je op maandag al een prettig weekend wenst, is nooit grappig.

De Kuip schoonmaken met Ajax is nooit grappig. Een filelezer die zegt dat de spits op gang komt is nooit grappig. Een Jaknikker in de ontkenningsfase is nooit grappig. Maandverband dat gesponsord wordt door Red Bull is nooit grappig.

Verdrinken tijdens surfen op internet is nooit grappig. Een depressie de kop indrukken is nooit grappig. Een postzegel op een voice mail plakken is nooit grappig. Een ballon hebben als blaas is nooit grappig.

Na je ontbijt niks uitvreten, is nooit grappig. Bloemen kweken in je oogkassen, is nooit grappig. Jomanda die het hoog in haar bol heeft is nooit grappig. Je badeend bijvoeren in de winter is nooit grappig. Een waterlelie water geven is nooit grappig. Een flipperkast in het dolfinarium zetten is nooit grappig. In een doodlopende tunnel het licht zien is nooit grappig Jankees Dekker. Een misdadiger die het aan zijn rug heeft omdat hij zwaar crimineel is, is nooit grappig Elmer Tan.

Als je bezig bent met logisch nadenken en dat ontgaat je een beetje, is dat nooit grappig Jan Doldersum. Bergbeklimmen met een gouden gids is nooit grappig Rob Colle. Een kever die met carnaval als monitor verkleed gaat, is nooit grappig Dennis Massop. Als vrijgezel een pik van hout en een hand van schuurpapier hebben is nooit grappig Tarik el Hamdaoui. Houten krukken maken van kreupelhout is nooit grappig Jeroen Spruit.

Een geoloog die zijn eigen niersteen onderzoekt is nooit grappig Dennis Mekel. Dagdromen tijdens een cursus tegen slapeloosheid is nooit grappig Ruud Slewe. Een verhuizer die bij de pakken gaat neerzitten is nooit grappig Jan Doldersum. Anton Geesink op het matje roepen is nooit grappig Rob Colle. Paintballen met onzichtbare inkt is nooit grappig Arthur en Paul. Een skater die staat te ruften op een scheetbord, is nooit grappig Dennis Massop.

Een bakker die in een Kadettje rijdt is nooit grappig Salto van der Maal. Zoeken naar de poezenbuurt in Katwijk is nooit grappig Rob Colle. In een Nissan keer niks rijden, is nooit grappig Dennis Massop. De pijp aan Maarten geven in een niet-rokersruimte is nooit grappig Arthur en Paul. Yvon Breuer heeft het weekend goed besteed, kijk maar:. Je realiseren dat Adam en Eva nooit een navel gehad kunnen hebben, is nooit grappig. Een bolletjesslikker waarbij de tulpen uit z'n broek groeien omdat 'ie de verkeerde heeft geslikt, is nooit grappig.

Je afvragen welke kleur een smurf krijgt als je hem wurgt, is nooit grappig. Brandweerlieden die laaiend enthousiast worden van een brandschone brandweerauto, zijn nooit grappig. Je afvragen waarom Noach die twee muggen niet gewoon heeft doodgemept, is nooit grappig. Dat mannen geen last hebben van cellulites, is voor vrouwen nooit grappig. Een vrouw die een man vindt, die zichzelf succesvol vindt, omdat hij meer verdient dan zij kan uitgeven, succesvol noemen, is nooit grappig.

Chinese katten die de hele nacht onder je raam zitten te Mao-en zijn nooit grappig Cor van Dam. Een boom het bos insturen is nooit grappig Dick Krukkeland. Een ophaalbrug die opgehaald is als je iemand op wilt halen is nooit grappig Patricia Pynaert.

Je klote voelen in een homobar is nooit grappig John Trechsel. Een grillige sfeer in een steakrestaurant, is nooit grappig. Een schoolgebouw met een lessenaarsdak, is nooit grappig. Een vereniging van vrachtwagenchaffeurs met veel aanhangers, is nooit grappig. Klaarkomen in poedervorm als toppunt van aderverkalking, is nooit grappig.

Een vluchteling die zich vastrijdt op een vluchtheuvel, is nooit grappig. De Grote Donderglas uit het prachtige Groningen heeft eens zijn best gedaan. Van je seksuoloog horen als je een afspraak maakt: Een zeeman die zijn zwangere vrouw aanzet tot woelig baren is nooit grappig. Een behendige messenwerper een werpster noemen, is nooit grappig. Na je dood reincarneren als eendagsvlieg is nooit grappig.

Voor een dubbeltje geboren worden terwijl we al lang met euro's betalen, is nooit grappig. Als je alter ego aan schizofrenie lijdt, is dat nooit grappig. In een restaurant het tafelwater afkeuren omdat het "kurk" heeft, is nooit grappig. Op je verjaardag een geslachtsziekte krijgen van je partner, is nooit grappig. Als man een date hebben met een vrouw met ballen, is nooit grappig. Zelfmoord plegen na het eten van een Happy Meal is nooit grappig. Tijdens je begrafenis ontdekken dat je aan claustrofobie lijdt, is nooit grappig.

Tegen een depressieve postbode zeggen dat hij zichzelf eens een leuke dag moet bezorgen, is nooit grappig. Een Duplodocus die vraagt of hij met een Legosaurus mag spelen is nooit grappig Cor van Dam. Speaken bij een mondelinge overhoring Engels is nooit grappig Jaap van Wingerden.

Een strand vol Connie Palmen is nooit grappig Dennis Mekel. Een tolk die zijn vak niet verstaat, is nooit grappig Mark Stunnenberg. De penvriendin zijn van een potloodventer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een wesp "een strontvlieg met een Vitesse-shirt aan" noemen, is nooit grappig Jan Rupke. Een travestiet die aan een hell's angel vraagt "heb ik wat van je aan?

Je hard maken voor condoomgebruik is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Joep Zaad, die zijn achternaam spelt 'met de d van donor' is nooit grappig Ives van Leth.

Als hetero bij Gaytronics werken is nooit grappig Jan Rupke. Je radio aanzetten tot zinloos geweld is nooit grappig Hans van Vugt. Philip Frederiks -pardon- Freriks die de hele lijsten -neemt u mij niet kwalijk- lijst van ooit -sorry- nooit grappigs moet voorlezen in het zuiden van Israël -dit is een ander bericht denk ik- is -eeuuhh- niet- oh nee- nooit grappig Cor Dam -pardon- van Dam.

Een advocaat die, als hij zijn kantoor verlaat, tegen z'n secretaresse zegt dattie pleite gaat, is nooit grappig Nico Bosman. Na het uitgaan nog lang blijven hangen in de garderobe, is nooit grappig Hans van Vugt. Een cardioloog die "hier klopt iets niet" zegt is nooit grappig Tim Bakker.

Een wesp met bijverschijnselen, is nooit grappig Bart van de Beek. Een hongerstaker die een brok in zijn keel krijgt tijdens een gesprek is nooit grappig Maurice Bekkema. In de file rechts ingehaald worden door een lifter is nooit grappig Carin Nix. Een geboortegolf op het strand is nooit grappig Nico Bosman. Een inlegkruisje met klittenband is nooit grappig Harry van Ineveld. In een pijnboom pitten, is nooit grappig Hans van Vugt.

Elke week een jaarmarkt is nooit grappig Robert Bakker. Aan een tandarts vragen of hij bij zijn vrouw ook de gaatjes vult zonder dat ze er wat van voelt, is nooit grappig Peter Korenhof. Met z'n allen in de eerste klas wagons gaan zitten omdat elk spoor van de conducteur ontbreekt, is nooit grappig Yvon Breuer. Een parkeerwachter met klem verzoeken je overtreding ongedaan te maken is nooit grappig Harry van Ineveld. Op je werk kijken of www.

Gas geven terwijl je diesel rijdt, is nooit grappig Jeroen Jongebloed. Lrs v3rv4n93n d00r c1jf3r5 15 n 9r4pp19 J Nl. Je telefoon op laten nemen in het ziekenhuis, is nooit grappig Hans van Vugt. Een seriemoordenaar die om jouw serienummer vraagt is nooit grappig Mischa de Muynck. In een vegetarisch restaurant klagen dat het eten vlees noch vis is is nooit grappig Cor van Dam.

Smeerkaas uit het vuistje, is nooit grappig Peter v. In een topless-bar aan alles een puntje willen zuigen, is nooit grappig Yvon Breuer. In een Duitse schoenenwinkel zeggen dat je maat hebt, is nooit grappig Joost Ekkelboom. Bij de verkiezingen je stem kwijt zijn is nooit grappig Joost Nagtegaal.

Een stoplicht op groene stroom is nooit grappig Arthur Alphenaar. Fiscuswerpen opde Olympische Spelen is nooit grappig Joost Nagtegaal. Een asielzoeker de weg naar een kennel wijzen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een rechter wiens broer linker is, is nooit grappig Stefan Aarts.

Een missionaris die zich geen houding weet te geven is nooit grappig Cor van Dam. Een spin die zijn web afragt, is nooit grappig Dimitri Drijver. Een vriend die pas meevalt als je uitglijdt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Jan Steengoed vinden, is nooit grappig Hans van Vugt. Een geestelijke die er alleen nog maar lichamelijke contacten op na houdt is nooit grappig Ivo Rouwhorst.

Vergeten dat gisteravond je cursus geheugentraining was, is nooit grappig Nico Bosman. Spijkerschrift ontcijferen met een hamer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Succes boeken bij een reisbureau is nooit grappig Stefan Aarts.

Een blaadje sla dat zijn frustraties opkropt, is nooit grappig Arno Theijs. Een cocaïneverslaafde die zijn gram haalt bij de rechtbank is nooit grappig Chabro Mos. Homo's die op een ventweg rijden zijn nooit grappig Eric Consemulder. Een aap die eens niet uit de dwangbuis-mouw komt, is nooit grappig René Veltman. Een bij die blij is dat ie ergens bij is is nooit grappig Erik Kruyzen. Een acteur met een rolberoerte is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een pyromaan die zijn eten laat aanbranden is nooit grappig Erik Kruyzen.

Het bij de dierenarts over koetjes en kalfjes hebben, is nooit grappig Thijs Willink. Je eigen nooit grappigs nooit kunnen vinden in de nooit grappig-lijst is nooit grappig en Dick Krukkeland die mij weer zijn naam laat overtypen, omdat hij niet heeft gelezen dat ik heb verzocht zelf je naam achter je nooit grappig te zetten is nooit grappig.

Een Gangbang met Heinz sandwichspread als hoofdsponsor, is nooit grappig Arno Theijs. In een homobar een biertje drinken uit een fluitje, is nooit grappig Arno Theijs. Een punt zetten op de stippelzone is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Op een onbewoond eiland wonen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een dyslecticus een boek met spelregels geven, is nooit grappig. Een scheepsbouwer die naar de manicure gaat voor z'n klinknagels is nooit. Een hoer die er gelikt uitziet, is nooit grappig Hans van Vugt. Een wegatlas die je niet kunt vinden is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

In de bananenbar uitglijden over een schil, is nooit grappig Arno Theijs. Een colombiaan bij een alcoholcontrole over een witte lijn laten lopen is. Een bloedvergiftiging oplopen omdat je har-kiri pleegde met een roestig zwaard is nooit grappig Bert Dobben. Een inlegkruisje met een maximale inleg van euro, is nooit grappig Arno Theijs. Een geldautomaat, waar je geld voor een snelheidsovertreding moet halen, die. Een weg zonder klkrs, is nooit grappig Hans van Vugt. Een Nederlandse agent die een Duitse automobiliste laat 'blasen', is nooit grappig Fabian Buiter.

Één-Gay-per-reet organiseren, is nooit grappig Hans van Vugt. In slaapvallen tijdens een pitstop, is nooit grappig Hans van Vugt. Een vrouwelijke potloodventer een puntenslijper noemen is nooit grappig. Harry Potter vertellen dat hij sprekend op Balkenende lijkt, is nooit grappig Arno Theijs. Tijdens een bijeenkomst van Weight-Watchers hapjes rondbrengen op een. Een kapperszaak die permanent gesloten is, is nooit grappig Hans van Vugt. Iemand die last heeft van haaruitval een kalender cadeau geven is nooit.

Een porno-acteur die overal zijn neus insteekt is nooit grappig. Tegen de ruiten van een kaartenhuis schoppen is nooit grappig. Een piloot die iemand naar de keel vliegt is nooit grappig. Een nudist die bloot staat aan kritiek is nooit grappig. Pieter van Vollenhoven vleugellam maken is nooit grappig.

Zuurkool inmaken met een nulletje of tien is nooit grappig. Luier dan een pamper zijn is nooit grappig Hans van Vugt. Een dokter die in een zaal gaat staan en vraagt of er misschien een acteur op het toneel is, is nooit grappig Arno Theijs.

Een kapper met een onderscheiding is nooit grappig Oscar Kars. Een fotograaf van onderbelichten is nooit grappig Jerremy Dalman. Een studente die goed kan leren een blokkendoos noemen is nooit grappig Jerremy Dalman. Een doodgraver een schop geven is nooit grappig Edwin Coster. Een papegaai "niks" laten zeggen is nooit grappig Jan Doldersum. Hennie Huisman die bij de buren aan belt is nooit grappig Frank Beentjes. Een exporteur die niets uitvoert is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een pony met hooikoorts is nooit grappig Dimitri Drijver. Je schuldig maken aan witteboordencriminaliteit als je bij Omo werkt is nooit grappig Jerremy Dalman. Achterin de kerk roepen dat je de kogel hebt gevonden is nooit grappig Frank Beentjes. Een doopgezinde drugsverslaafde is nooit grappig Milo Pieters. Je bij een drumband aanmelden met een koektrommel is nooit grappig Jerremy Dalman. Een eskimo met een waterhoofd is nooit grappig Marc Bos. Een trucker een trucje flikken is nooit grappig Mayelle.

Een barman die met consumptie praat is nooit grappig Jerremy Dalman. Een k-mailtje ontvangen uit het Verre Oosten is nooit grappig Rob Schoon. Een lezing over dyslexie is nooit grappig. Iemand die incontinent is in de zeik zetten is nooit grappig Jerremy Dalman. Een nooit grappig die nooit grappig is, is nooit grappig Siep. Een wolk van een baby die van tijd tot tot een bui geeft is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een zakkenroller in de sauna, is nooit grappig Nico Bosman. Dood gaan en wakker worden in een hemelbed is nooit grappig René Overkleeft. Een dokter die tegen je schreeuwt "het klinkt misschien hard, maar u bent doof!!

Een junk vragen naar zijn dopenamen is nooit grappig Cor van Dam. Als excuus voor het te laat zijn bij de tandarts zeggen "sorry, m'n brug stond open" is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een automobilist die in een deuk ligt door een flauwe bocht is nooit grappig Chris.

Een Zwarte Piet die de zak krijgt, is nooit grappig Bart van de Beek. Een brood terugbrengen naar Leen Bakker is nooit grappig Hans van Vugt. Een snipperdag opnemen op video is nooit grappig Hans van Vugt. Een stinkende grijze zak als vuilnisman is nooit grappig Niels. Een kannibaal die nadat hij zijn vriendin heeft gedumpt z'n achterste afveegt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Sinterklaas telkens de zwarte Piet toespelen is nooit grappig Jan Doldersum. Af en toe sex met Klaas Vaak, is nooit grappig Michael Groenendijk. Berdien Stenberg begroeten met een fluitconcert is nooit grappig. Een dokter die tegen een overspannen stripteasedansers zegt, kleedt u zich maar uit is nooit grappig. Met een steekwagen de oversteek wagen is nooit grappig. In de file je motor afzetten tot ie is opgelost is nooit grappig. Een mobiele vibrator zonder trilfunctie is nooit grappig.

Een boktor die uit het goede hout gesneden is is nooit grappig. Met je jachthond een wetsontwerp door 't Parlement jagen is nooit grappig. Je vriendin bij de bewaking een waakvlam noemen is nooit grappig. In een antiekwinkel vragen of ze nog iets nieuws hebben, is nooit grappig Nico Bosman. Een blaasorkest bij de alcoholcontrole is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een stewardess die zwanger is van de automatische piloot is nooit grappig Walter Boekestein. Babi gangbang bestellen bij de chinees is nooit grappig Jerremy Dalman.

Een schoppenboer van harte door een ruit schoppen is nooit grappig Jan Hoogendoorn. Je schoonmoeder opnieuw aansteken als ze uitgaat, is nooit grappig Nico Bosman. Wanneer de postbode je een natte doos bezorgt is dat nooit grappig Jerremy Dalman. In de schaduw de boekhouding doen is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een ladykiller bij wie relaties altijd doodbloeden is nooit grappig Elvin P. Incognito naar het carnaval gaan is nooit grappig Rob Colle. Een boswachter die een uiltje knapt, is nooit grappig René Veltman.

René Veltman die heel hardleers 'niet grappig' blijft typen terwijl het 'nooit grappig' is, is nooit grappig. Stotteren in gebarentaal, is nooit grappig Leon van der Wulp.

Als tuinier achter de geraniums zitten is nooit grappig Jerremy Dalman. Het glazen muiltje van Assepoester dat door de vinder in de glasbak wordt gegooid, is nooit grappig René Veltman. Een luchtbed opblazen met dynamiet is nooit grappig Dirk Peters. Hans Roodrijtjeshorst heeft het weekend weer overleefd. Nu kan hij zich weer helemaal storten op de Nooit Grappige week! En dit kwam er vandaag uit:. Door de woestijn kruipen met een waterhoofd is nooit grappig.

Een manueel therapeut die lid is van de kraakbeweging is nooit grappig. Een dienstverlener die je naar de andere kant van de wereld helpt is nooit grappig. In de kerk een ham-kaas hostie bestellen is nooit grappig. Een homo aanrijden en daarna een ster in je voorruit, is nooit grappig Arno Theijs. Tegen je kind zeggen dat hij over 3 nachtjes slapen gisteren jarig was is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Sita die helemaal zichself ish, is nooit grappig Rick Strong. Een imker bij je houden is nooit grappig Karin Pellekooren. Tegen je vriendin "m'n duifje" zeggen als die beesten weer je auto hebben ondergescheten is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Volkert van der G.

Muntthee trekken van je kleingeld is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Een busje van "Diana's Dildo's" dat bij jou een pakje komt bezorgen is nooit grappig Desirée Köhler. Een oppasser die moet oppassen waar hij op past, is nooit grappig Hans van Vugt. Tegen je gymleraar zeggen dat je aan denksport doet is nooit grappig Sjon Oudejans.

Tegen een Hell's Angel 'ga es opzij met je brommer! Een dove vragen wat beffen is, is nooit grappig hij heeft er nog nooit van gehoord Patrick Geelen. Maxima vragen of ze vaker kikkers kust, is nooit grappig Rinie Raymakers. Aan iemand met geheugenverlies vragen wat hij nou eigenlijk precies vergeten is is nooit grappig Karin Pellekooren.

In de boot genomen worden door een matroos is nooit grappig Tom Veldhuis. Als postbode je eigen bekeuring bezorgen is nooit grappig Jan van der Veen. Een sadist die zijn aan SM verslaafde vriendin niet wil slaan, is nooit grappig Irene Groeneveld.

Als ik iets op mijn eigen eigenwijze wijze wijze doe, is het nooit grappig Jan Hoogendoorn. Een loodgieter vragen of hij een lekkage kan maken is nooit grappig fam. Niet in een pashokje passen, is nooit grappig René Veltman. De mededeling 'roken is minder dodelijk dan het oprichten van een politieke partij', is nooit grappig René Veltman. Een tandarts vragen of hij nog een gaatje heeft is nooit grappig Bastiaan Roubos. Maxima vergelijken met boerenkool omdat die pas echt lekker is als de vorst er over heen is geweest is nooit grappig ene Wim.

Tegen Rick Engelkes zeggen dat je hem nog moest bedanken van je vrouw is nooit grappig Danny Bouman. Een effectenhandelaar die z'n brood belegt is nooit grappig Sjon Oudejans.

Een Australiër die op z'n kop staat, nooit grappig Hans van Vugt. Een vat bier leegdrinken en daarna fustfucken, is nooit grappig Arno Theijs.

Een heroinehoertje op naaldhakken is nooit grappig Desirée Köhler. Zeggen dat de Gazastrook op een steenworp afstand ligt is nooit grappig Sjon Oudejans. Peter de Groot, je weet wel, die van het Rotterdamse literaire tijdschrift Krakatau, heeft weer een lijstje gestuurd:.

Stalkers die ver voor je uit lopen zijn nooit grappig. In je autobiografie een figurantenrol spelen is nooit grappig. Een balletje opgooien waar je zak omheen zit is nooit grappig. De krant halen, omdat hij niet gebracht wordt, is nooit grappig. Een schouderklopje die roos doet opwaaien is nooit grappig.

Een geboortegolf met stuurbekrachtiging is nooit grappig. Een dokter die zieke grappen beter maakt, is nooit grappig. Tegen iemand met hernia zeggen dat hij geen ruggengraat heeft is nooit grappig. Een onbetaalbare nacht een goedkoop avontuurtje noemen is nooit grappig Moederkoekhappen op andermans verjaardag is nooit grappig. Mensen die kippenvel krijgen van haantjesgedrag zijn nooit grappig. Haat zaaien waar de oogst van mislukt is nooit grappig.

Kinderporno in een tekst verwerken om meer bezoekers op je site te krijgen is nooit grappig. Verzuipen in de Stille Oceaan, omdat je een zee van rust verwachtte, is nooit grappig. Een Gouden Regen bestellen en dan één en al gezeik over je heen krijgen, is nooit grappig. Ruzie krijgen met je partner, omdat je dacht dat je een slipperdag moest nemen, is nooit grappig.

Een boomerang die even een pakje sigaretten gaat halen en niet meer terugkomt is nooit grappig. Bij de Ikea informeren naar een zandbank van het type Smotse is nooit grappig. Met je fiets rijden waar je maar 80 mag, is nooit grappig. Een man die op straat per ongeluk yes roept als er een vrouw met grote borsten langsloopt is nooit grappig. Een chagrijnige klootzak gezellig vinden omdat ie dik is is nooit grappig.

Luieruitslag die eindigt in een gelijkspel is nooit grappig. Een genetisch gemanipuleerde banaasappel is nooit grappig. Fellatio pijpen in de volksmond noemen is nooit grappig. Een student die wiet verbouwt een teelbal noemen is nooit grappig. Vlak voor je dood je hele leven als een film voorbij zien komen en er achter komen dat het boek beter is, is nooit grappig Ron Bulters. Vervoer hebben zodat je tòch nog naar de verjaardag van je schoonmoeder kan, is nooit grappig Susan Logher.

Nooit grappige items schrijven in de kroeg terwijl je vrienden vrouwen versieren is nooit grappig Jerremy Dalman. Spaarloon naar werken krijgen, is nooit grappig Lars Mosch. De slaap niet kunnen vatten omdat je buren sinds kort een dakkapel hebben, is nooit grappig René Veltman. Een nichtje dat alleen solliciteert voor nevenfuncties, is nooit grappig Lars Mosch. De Metro in de spits lezen en de Spits in de metro is nooit grappig Luuk Heuker. Ministers met Berouwfraude zijn nooit grappig Sjard v.

Van een straatkrantverkoper in 1 keer al zijn krantjes kopen zodat hij lekker bijtijds naar huis kan is nooit grappig Desiree Voulon. Een lijkwagen met een lekker rouwband is nooit grappig Dimitri Drijver. Iemand die denkt dat de overeenkomst tussen de Bijlmer-bajes en de hersenmassa van een Belg een cellentekort is, is nooit grappig René Veltman. Een flater die terug slaat is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Bij een pedicure een broodje nagelkaas bestellen, is nooit grappig Nienke van Keimpema.

Dart Vader op de Embassy aantreffen is nooit grappig jerremy Dalman. Een werper die de schijn ophoudt, is nooit grappig Marco en Dennis. Zonder cape naar de supermarkt is nooit grappig Amanda Tuma. Een zure Melkertbaan hebben is nooit grappig Marijke Leising. Een homofiele uil die de hele dag "Joehoe" in het bos roept is nooit grappig Ron Bulters.

Dwars door je loopbaan heenfietsen, is nooit grappig Lars Mosch. Een Dikke die aan de Dunne is, is nooit grappig Arno Theijs. Alimentatie betalen voor een ex-vrouw die niet alleen samenwoont maar ook wordt "uitgewoond" is nooit grappig Michel Niks. De omroepster van de Hema die zegt "Nu 3 beha's voor een tientje, daarvoor laat je ze niet hangen " is nooit grappig Gerben van der Snel.

Tegen de lamp lopen in de kruipkelder is nooit grappig Dennis van Zijverden. Een gepeperde rekening krijgen voor de montage van je kruidenrek in de keuken is nooit grappig Harry van Bourgondiën. Met steil haar de zee ingaan en er met watergolven weer uitkomen, is nooit grappig Marco en Dennis.

Stiekem 's middags ontbijtkoek eten is nooit grappig Rob Colle. Te laat op de klok kijken is nooit grappig Luuk Heuker. Je neven die nichten zijn zijn nooit grappig Martin Sla. Ontslag nemen tijdens je sollicitatiegesprek is nooit grappig Luuk Heuker. Een bordeel vol met zuurpruimen is nooit grappig Desirée Köhler. Een avondje doorzakken op een kapotte barkruk is nooit grappig Amanda Tuma. Een chinees die in de snoepwinkel een Snickels koopt is nooit glappig Rob Colle.

Een masochist die de hand aan zichzelf slaat is nooit grappig. Op de theaterschool leren hoe je een sigaret moet uitdrukken is nooit grappig. Je schaamhaar kammen met een hanekam is nooit grappig. Een moordenaar die met hangen en wurgen iemand ombrengt is nooit grappig.

Een lilliputter die het hoogste woord heeft is nooit grappig. De moeder van Pieter van Vollenhoven een vleugelmoer noemen is nooit grappig. Als artiest tijdens een benefietconcert voor de leprastichting het podium oprennen met de kreet "Waar zijn die handjes!!?? De echtscheiding komt er en Adele mag voorlopig het kind houden. Na een tijd hertrouwt Adele. Wanneer Jan op een keer echter weer eens naar zijn vader in Polen gaat, weigert deze laatste het kind terug te geven. Het gezin Laarmans staat op zijn kop.

Ofschoon De leeuwentemmer enkele aardige bladzijden bevat, speelt hij als geheel toch een categorietje lager dan zijn voorganger Tsjip. Als de moeder van Bennek schrijft dat Jan in Polen handkusjes geeft aan haar en haar vriendinnen: Als zij zich geregeld wassen is het zo heel erg niet. Zijn vorderingen in de Poolse taal zijn verbazend, zegt zij.

Niet alleen draait hij zijn kerkelijke teksten meesterlijk af maar hij verstaat reeds bijna alles wat zij zegt. Of als zij per brief aan Bennek vragen of Jantje op vakantie mag komen in België en Bennek antwoordt dat hij zoiets onmogelijk lang op voorhand kan beloven: Goddelijk zijn zulke wendingen en Elsschot lijkt er al vanaf zijn eerste roman een patent op te hebben. Over Villa des Roses gesproken: Lexicon van Literaire Werken , mei , pp. Lexicon van Literaire Werken , augustus , pp.

Willem Elsschot, Verzameld Werk , P. Een minder bekend werkje, geschreven in , tijdens de oorlog dus, een jaar na De leeuwentemmer en zes jaar vóór Het dwaallicht. Dit tiende boek van Elsschot is niet ten onrechte minder bekend. De plot is werkelijk flinterdun en het is gedaan voor je het weet.

Frans Laarmans is met zijn familie op vakantie aan zee, en daar komt op een dag zijn zwager Jacky die in Parijs woont trots zijn prachtige nieuwe wagen tonen. Er wordt besloten dat Frans, Jacky en hun echtgenotes zussen dus enkele dagen naar de Ardennen trekken met de aanwinst. Diezelfde avond, als ze in het hotel gearriveerd zijn, breekt echter de Tweede Wereldoorlog uit. Terwijl iedereen naar huis vlucht, blijkt Jacky echter niet zo rouwig te zijn om de oorlog, en bij een glas champagne vertelt hij zijn verhaal.

Jacky, die in de maritieme sector werkzaam is, reageerde voor de lol en uit nieuwsgierigheid op een advertentie van een zekere Boorman waarin een tankschip gratis werd aangeboden. Dat tankschip blijkt eigendom te zijn van een rijke reder uit Marseille die — op aanraden van Boorman — de Franse belastingen om de tuin wil leiden door het schip op te knappen, zodat hij de kosten kan aftrekken van zijn belastingen, en vervolgens zogenaamd te verkopen.

In werkelijkheid krijgt de koper het schip echter gratis, op voorwaarde dat hij het verder verkoopt tegen een bedrag dat zeer hoog zal zijn er hangt immers oorlog in de lucht en tankschepen zullen zeer gegeerd zijn door allerlei regeringen , een deel van het geld aan de reder en aan Boorman geeft, en officieel de reder laat weten dat hij niet kan betalen.

Jacky is op dit alles ingegaan, zijn schip ligt nu in Barcelona, de oorlog is uitgebroken en nu kan hij als het ware slapend rijk worden. De ik-verteller uit het begin komt niet meer aan het woord. Het is allemaal niet onaardig en hier is natuurlijk weer de zakenman en reclamejongen Fons De Ridder bezig, maar het maakt allemaal een stuk minder indruk dan bijvoorbeeld Lijmen waarvan Het tankschip een soort blauwdrukje is of Kaas. Naar aanleiding van het Elsschot-jaar publiceerde Gazet van Antwerpen een bijlage over Elsschot verzorgd door Martine Cuyt , en daarin zegt de dan jarige dochter van Elsschot, Anna De Ridder: Het tweede deel is zo plezierig dat ik ben moeten stoppen met lezen van het lachen.

Nu ja, het menske was al Geestig dus, oké, maar men heeft wel sterk de indruk dat Elsschot hier een beetje te veel drijft op verworven routine en niet echt meer sprankelt. Het kan toch niet dat de oorlogsomstandigheden daar een rol in speelden, want van de oorlog zal Elsschot toch niet al te veel last hebben gehad? Wel is het opvallend dat enerzijds de plot duidelijk ontsproten is uit de geest van iemand die kaas gegeten heeft van het zakenwereldje, maar dat anderzijds de thematiek erop neerkomt dat dit wereldje van poenscheppen en bedrog neergesabeld wordt.

De laatste twee zinnen van het boek werken in dat verband uitermate ironiserend Jacky is aan het woord: En gaan niet deuren en vensters dicht tot de stoet voorbij is? Zozo, Elsschot dus een crypto-communist anno ? Men begrijpt nu een beetje beter waarom Elsschot en Louis Paul Boon in het begin nogal goed overeenkwamen Elsschot zat in de jury die Boons eerste roman De voorstad groeit bekroonde en hij schreef een vriendelijk voorwoord bij Mijn kleine oorlog … Maar veel meer dan saloncommunisme of literaire pose zal het bij Fons De Ridder wel niet geweest zijn.

Al bij al is en blijft Het tankschip een mindere Elsschot, hoewel het niveau toch niet ondermaats is. Merkwaardig dat hij zes jaar later alsnog een absoluut pareltje zou te voorschijn toveren. De structuur van de film is redelijk voorspelbaar: Omdat hij zijn kompanen en maatjes verraadt, krijgt Belfort slechts drie jaar gevangenis en op het einde zien we nog even dat hij na zijn vrijlating aan de kost komt als motivational speaker: Ofschoon hier en daar een sequens misschien iets te lang duurt, heeft Scorsese van The Wolf of Wall Street een spetterend filmspektakel gemaakt waarin DiCaprio in de rol van Belfort het allerbeste van zichzelf geeft het leverde hem trouwens terecht een Oscarnominatie op.

Het is opmerkelijk hoe je als kijker door de in voice-over op zijn leven terugblikkende Belfort wordt meegetrokken in een bacchanaal van beelden waarbij de grenzen van de welvoeglijkheid worden afgetast maar net niet worden overschreden helemaal in het begin reeds een spiernaakte Belfort die cocaïne snuift uit de bilspleet van een prostituee, en verder bijvoorbeeld ook het prijswerpen met dwergen of een vastgebonden Belfort met een kaars in zijn achterwerk waarna een prostituee kaarsvet op zijn rug laat lekken, Belfort die voor de laatste maal met zijn tweede vrouw sekst waarbij zij hem zo snel mogelijk wil doen klaarkomen.

Er zitten ook enkele hilarische momenten in de film, met als hoogtepunt de sequens waarin Belfort en zijn onderdirecteur een overdosis drugs hebben geslikt waarvan de vervaldatum gepasseerd is zodat zij nauwelijks nog kunnen praten, en Belfort moet dan zijn partner verhinderen om te telefoneren met een Zwitserse bank omdat hij net vernomen heeft dat zijn telefoon afgetapt wordt.

Prima soundtrack ook naar verluidt verzorgd door Robbie Robertson met leuke oude hitjes, onder meer Ca plane pour moi van onze eigen Plastic Bertrand. Om maar te zeggen: Die boodschap wordt weliswaar niet opgedrongen het is trouwens alweer opmerkelijk dat de slachtoffers van Belforts financiële kuiperijen nérgens in beeld komen , maar zoals Erik Stockman opmerkte in Humo [nr. The Wolf of Wall Street is een Amerikaans epos over hebzucht en in dit verband stond er in diezelfde Humo [pp.

Stratton Oakmont was maar een microkosmos binnen een veel groter geheel, slechts één exponent van een hardnekkige attitude die bijzonder hard in de Amerikaanse cultuur ingebakken zit. Ik denk ook dat hij [Belfort] op een gegeven moment aan het verdrinken was in die macht. Je voelt je één of andere rare sekteleider. Dat is wat ik denk dat Jordan gevoeld moet hebben, dat is waarom hij wellicht zó ver is gegaan: Opnieuw is er sprake van een raamvertelling.

De ik-figuur ontmoet enkele jaren na de gebeurtenissen uit Lijmen weer toevallig Frans Laarmans, die nu als klerk werkzaam is. Laarmans legt vervolgens uit hoe dit zo komt. Hij en Boorman waren op een markt letterlijk op mevrouw Lauwereyssen gebotst en hadden vastgesteld dat ze een houten been had. Boorman, wiens vrouw kort daarvoor overleden is, wordt gekweld door schuldbesef wellicht had mevrouw Lauwereyssen het door hem afgetroggelde geld beter kunnen gebruiken voor medische zorgen en na advies te hebben ingewonnen van Jan, een neef van Laarmans die pastoor is, wil hij met alle geweld 8.

Mevrouw Lauwereyssen weigert echter in alle toonaarden, ook nadat Boorman er een deurwaarder bij betrokken heeft. Er komt een rechtszaak van, maar dat loopt op niets uit en wanneer de inboedel van de Lauwereyssen-smidse openbaar verkocht wordt en Boorman 8. Op het einde blijkt dat Boorman als een nieuwe Reynaert zijn streken niet verleerd heeft: Qua stijl en sfeer sluit Het been perfect aan bij Lijmen en de humor is in deze novelle vaak nog geslaagder dan in zijn voorganger.

De beschrijvingen van de rechtszaak met de nerveuze rechter die niet begrijpt dat de aanklager geld wil teruggeven in plaats van te vorderen [p.

Minder geslaagd is de wat lauwe christelijke thematiek die Elsschot deze keer in het verhaal heeft binnengesmokkeld. Naar het voorbeeld van Petrus en Christus verloochent Laarmans zijn geestelijke vader Boorman driemaal [vergelijk p. Deze christelijke beeldspraak is louter bedoeld als entertainend en verluchtend element en de ware thematiek is heel wat cynischer.

Aanvankelijk lijkt het te gaan om een mooie en moraliserende boodschap. Met de woorden van Laarmans: Gaandeweg blijken auteur en lezer samen met Boorman echter tot een ander inzicht te komen: Laat het een les voor u zijn. Waarna Boorman uiteindelijk besluit: Ondertussen hebben we nog een serieuze veeg maatschappijkritiek meegekregen van Elsschot, via een observatie van Boorman in de inrichting naar aanleiding van het mannetje naast hem dat voortdurend zijn bed opmaakt: Om daags nadien, bij een of andere verjaardag of bij de geboorte van een prins, wéér maar op te stappen, ditmaal met een hoge borst alsof de Messias eindelijk gekomen was.

En dan al die wonderlijke mensen die in sneeuw of hitte samenkoeken om op het zicht van die stoetgangers in tranen uit te barsten of zich de longen uit het lijf te jubelen. Wij weten niet waaraan Elsschot in de jaren dertig concreet gedacht heeft de begrafenissen van koning Albert I of koningin Astrid? In kreeg Het been , in tegenstelling tot Lijmen vijftien jaar eerder, meteen ruime en welwillende aandacht, ongetwijfeld terecht.

Sindsdien zijn de twee verhalen tot één consistent geheel versmolten en worden zij beschouwd als één van de hoogtepunten van de twintigste-eeuwse Vlaamse literatuur, ofschoon Het been misschien iets minder sterk is dan Lijmen zelf wat vooral door het niet helemaal overtuigende einde komt, waarin mevrouw Lauwereyssen veel te plots na al die tijd blijkt bij te draaien.

In werden de beide boeken verfilmd door Robbe De Hert. Lexicon van Literaire Werken , januari , pp. Willem Elsschot, Verzameld Werk. Deze zevende roman van Elsschot weer is er eerder sprake van een novelle dan van een roman verscheen in november in boekvorm. Verborgen achter het masker van de ik-verteller Frans Laarmans beschrijft Elsschot een gechiedenis die zich in zijn eigen schoon familie had voorgedaan, tijdens en na Wereldoorlog I de namen werden wel veranderd.

Als Willem Verstappen, een broer van zijn vrouw, krijgsgevangen wordt genomen en in een kamp in Duitsland belandt, ontstaat er gerommel rond het militiegeld van Willem.

Dat kan omdat Willem vanuit Duitsland het kind erkent als het zijne. Bertha trouwt met ene Wouters, die door een administratieve vergissing zijn naam aan Alfred geeft. Hierdoor kan Alfred geen aanspraak maken op het pensioen van zijn vader en dat wordt maandelijks opgestreken door de schoonmoeder.

Laarmans, alias Elsschot, treedt daarentegen naar voren als de sympathieke beschermer van de underdog. Ofschoon Elsschots thematiek dus in deze zevende roman niet wezenlijk anders is dan in de vorige, kan men zich toch niet van de indruk ontdoen dat hier kwalitatief een stapje achteruit wordt gezet. Weliswaar ontmoeten we ook nu weer voortdurend die kleine geestigheden en cynische opmerkingen die bij de lezer een sfeer van vertrouwenwekkende goedmoedigheid genereren p.

Laarmans die in Brussel zijn schoonmoeder moet gaan verdedigen voor de Pensioenencommissie , toch komt het geheel hier minder sterk over dan bijvoorbeeld in Lijmen of in Kaas. Koen Rymenants signaleert dat Elsschot in Pensioen de overwegend realistische poëtica van de eerste romans definitief heeft ingeruild voor een vernieuwender schriftuur die bij het modernisme aanleunt: Boons debuutroman De voorstad groeit uit staat het bewustzijn van een individu nu centraal.

In Lijmen introduceerde Elsschot het personage Frans Laarmans dat vervolgens in al zijn romans als ik-verteller optreedt. Kan allemaal waar zijn, maar in Pensioen is het toch net iets minder overtuigend uitgewerkt dan in Lijmen , Kaas of Tsjip en ook in Het been en De leeuwentemmer , twee sequels, zou Elsschot iets minder op dreef blijken.

In elk geval komt het einde van Pensioen een beetje te abrupt over om goed te zijn, en ondanks de erg positieve receptie bij verschijnen, zou Pensioen na de Tweede Wereldoorlog meer en meer uit de belangstelling verdwijnen. Niet toevallig en ook niet helemaal ten onrechte, lijkt ons. Lexicon van Literaire Werken , 71 september , pp. Over deze Iegor Gran bezitten wij bedroevend weinig informatie.

De achterflap deelt mee dat het om een op zijn tiende naar Frankrijk uitgeweken Rus gaat, dat hij reeds vijf romans schreef en dat Ipso Facto zijn debuut was. Wanneer dat debuut verscheen en welke die andere romans waren, daar wordt jammer genoeg niets over gezegd.

Het onderhavige boekje trok onze aandacht op de goede ouwe, traditionele manier: Deze scène is nergens in het verhaal terug te vinden, maar ergens geeft de foto wel een deel van de sfeer van het boek weer. Iegor Gran heeft met Ipso Facto duidelijk een romannetje in de traditie van Kafka geschreven. In feite is Gran niet meer dan een matig getalenteerde Kafka-epigoon die zich van de meester onderscheidt door de merkwaardig perverse en losse manier waarop hij over seks schrijft.

De nergens met name genoemde hoofdpersoon is een getrouwde man van middelbare leeftijd die als paleontoloog verbonden is aan een Parijs instituut. Als hij na twintig jaar bevorderd wordt tot directeur van de afdeling Iguanodons, rijst er een probleem: Hij verliest zijn baan op het instituut, zijn vrouw laat hem zitten en zijn familie wil niets meer met hem te maken hebben.

Hij heeft alleen nog contact met zijn overbuurman, eveneens een maniakale verzamelaar van formulieren en documenten. Tot op een keer dat eindexamendiploma opduikt op een veiling en voor een heel hoge som verkocht wordt aan een anonieme rijke persoon.

Kort daarna blijken er nog een heleboel andere kopieën van dat diploma in omloop te zijn, het geval krijgt ruchtbaarheid in de pers en de ik-persoon wordt een expert van zijn eigen eindexamendiploma. Hij verwerft geld en aanzien door expertises uit te voeren op de kopieën van dat diploma, tot zijn vrouw die ondertussen een dochtertje heeft en nu, we zijn vijf jaar verder, werkt voor de Bibliothèque Nationale langskomt met een versie van het diploma dat ontdekt werd in de kelders van de BN en het échte exemplaar blijkt te zijn.

De ik verwisselt het echte diploma handig voor een kopie en wordt vervolgens terug aangenomen op het instituut. Het blijft allemaal vrij vaag en oogt ietwat goedkoop, maar er zit wel degelijk nogal wat ironische humor in deze tekst en slecht of vervelend geschreven is Ipso Facto zeer zeker niet. Een curieus aardigheidje, meer is het niet, hoor. Martine Cuyt, boekenredactrice van de Gazet van Antwerpen en Het Belang van Limburg, heeft voor dit boek een heleboel mensen gesproken en geïnterviewd die Willem Elsschot van nabij gekend hebben: Zelfs één van zijn minnaressen, een zekere Liane Bruylants, zelf ooit een onbetekenend Antwerps dichteresje, maar naar de foto van omstreeks te oordelen, wel een knap ding in haar jonge tijd.

Over de eerste keer dat zij dat deden, luidt het: Hij gaf toe dat hij, toen hij jonger was, veel potenter was geweest. Elsschot was toen zestig jaar, Liane zevenentwintig! Dàt soort boek is dit dus: Als men houdt van de boeken van Elsschot, dan is het ook interessant om de vent achter de vorm te leren kennen, zeker in dit geval, want Elsschot was een schrijver die veel autobiografische dingen in zijn romans verwerkte. En ook los daarvan is het zijdelings boeiend om bijvoorbeeld te vernemen hoe laag Elsschot de romans van Hugo Claus ophad, hoe hij in onmin leefde met Gerard Walschap die tegenover hem woonde in de Lemméstraat omdat de zoon van Walschap Lieven een relatie had met Anna, de veel oudere én getrouwde dochter van Elsschot, dat hij de laatste jaren van zijn leven huidkanker had en stierf op 31 maart Zijn vrouw Fine, die ooit het dienstmeisje was van zijn ouders De Ridder maakte haar zwanger en huwde haar pas na vijf jaar , stierf enkele uren later op 1 april In een recensie in De Standaard der Letteren [9 december , p.

Zeer ten onrechte vervolgt hij echter: Het vuistdikke boek is te polemisch en te betweterig. Het zegt meer over de biograaf dan over zijn onderwerp. Die Van Hattem moeten ze in bepaalde vriendjes kringen echt niet hebben, blijkbaar. Dat Van Hattems boek in werkelijkheid honderd keer interessanter en belangwekkender is dan dat van Cuyt een boekje dat iedereen in feite kan samenstellen die een pen kan vasthouden , blijkt zonneklaar uit onze bespreking van Van Hattems Willem Elsschot — Mythes bij het leven zie aldaar.

De bottomline van dit alles is echter: Elsschot blijft boeien, bijna vijf decennia na zijn dood. Na de goede ontvangst van Kaas had Elsschot de smaak van het schrijven opnieuw te pakken want een jaar later is er alweer een nieuw boekje van hem op de markt.

Dit gaat echter ten koste van het gezin en het werk en daarom belooft hij dat dit de laatste maal zal zijn. Gelukkig voor ons heeft Elsschot die belofte niet gehouden. In werd Tsjip herdrukt en toen werd achteraan het opstel Achter de schermen toegevoegd waarin de auteur op de voor hem zeer typische wijze uitgebreid die Opdracht bijna zin voor zin analyseert.

Nogmaals blijkt hier dat Elsschot ten zeerste begaan was met het communicatiegehalte van de taal en zeer veel belang hechtte aan het juiste woord en de correcte formulering. Je zou zoiets verwachten van iederéén die literatuur produceert, maar: Belangrijk in die analyse is de passage: Adele en Bennek studeren beiden in Antwerpen en raken verloofd, maar na het eindexamen trekt Bennek weer naar Polen en blijft het gezin van Laarmans achter in onzekerheid omtrent de toekomst, ook al omdat de vader van Bennek per brief heeft laten weten niet van een relatie Bennek-Adele te willen weten.

Die vader draait echter bij en er komt toch een huwelijk van, dat eerst in België in beperkte kring gesloten wordt, en dan in Polen. Al snel wordt Adele in Polen zwanger en wordt er een zoontje geboren, Jan. En het is deze Jan Maniewski waar heel de tekst naartoe groeit, want het hoogtepunt van het boek is wanneer Laarmans zijn kleinzoon voor de eerste keer in de armen neemt en er de tuin mee inwandelt, alwaar de mussen hem op de bijnaam Tsjip brengen.

Het abstracte thema is niets anders dan de vitalistische opkikker die de grootvader ervaart dankzij zijn eerste kleinkind. Laarmans, die naar aanleiding van de brief van die Poolse vader in het begin nog noteerde: Mijn Verlosser is gekomen.

Hij zal mij met mijzelf verzoenen en mij genezen van al mijn kwalen. Tegelijk maken we één van de zeldzame momenten mee waarop Elsschot een maatschappijkritische toon aanslaat enkele jaren later zou hij het in Het been opnieuw doen: Dat hij moet opstappen met de verdrukte scharen om vorsten en groten tot brij te vertrappen.

Interessant is dat die zin over het vertrappen van vorsten en groten in de Duitse vertaling van werd weggelaten, omdat de Duitse vertaalster moeilijkheden vreesde met de Duitse overheid Hitler dus. Toen Tsjip en het vervolg De leeuwentemmer tijdens de Duitse bezetting voor het eerst samen verschenen in het Nederlands werd het bewuste zinnetje nochtans niét weggelaten, zonder gevolgen.

Het lag dan ook helemaal niet in Elsschots bedoeling om wat of wie dan ook te provoceren ook niet met die passage waarin de bevruchting van Maria door de H. Geest vergeleken wordt met Leda en de zwaan en waar de toen nog katholieke Marnix Gijsen en Gerard Walschap moeite mee hadden.

Tsjip is een helder verwoorde, eenvoudige en ontroerende kleine roman die omwille van het nogal burgerlijke gegeven een stuk braver en ietwat meliger overkomt dan bijvoorbeeld Kaas of Lijmen , en vlak voor het verschijnen in schreef Elsschot dan ook aan diezelfde Greshoff: Dat ondervond ik reeds bij Walschap en bij Gijsen.

En nu weer bij Roelants. Veel wordt echter goedgemaakt door die zeer herkenbare, voortdurend vol kleine geestigheden en cynische opmerkingen stekende stijl, die bij de lezer een sfeer van vertrouwenwekkende goedmoedigheid genereert.

Wanneer Bennek naar Polen vertrokken is en het gezin verweesd achterblijft: Of als Adele begint te wenen als zij op de piano aan het spelen is: Net als Kaas werd Tsjip indertijd dan ook zeer positief ontvangen.

Jan van Hattem noteert in zijn Elsschot-biografie: Mythes bij het leven. Wij vatten eerst de inhoud samen. De hoofdpersoon van De Verlossing is Pol Van Domburg die zich kort na zijn huwelijk met Sideria in het dorpje Groendal vestigt als winkelier.

Hij vermoedt dat zijn eerste kind een bastaard is en slaat daarom regelmatig zijn vrouw. Dat eerste kindje sterft al jong, en daarna worden er nog drie dochters geboren. Doordat Pol toevallig kennismaakt met het jonge zoontje van de plaatselijke graaf de eigenaar van alle grond en huizen in Groendal behalve het huis van de pastoor slaagt hij erin via het inpalmen van dat kereltje zijn huis en de grond eromheen voor een appel en een ei te kopen.

Dan sterft de oude pastoor en komt er een nieuwe, meneer Kips, een man met slechts één oog en een karakter van beton. Kort na zijn aanstelling komt de schoonbroer van Pol met een aantal kameraden vanuit de stad propaganda maken voor de socialisten de verkiezingen komen eraan , maar zij worden door Kips propertjes wandelen gestuurd. Doordat die schoonbroer Pol bij het vertrek groet, is Pol die zich daarvoor al weinig katholiek gedroeg ernstig gecompromitteerd en dat leidt al snel tot een confrontatie met de nieuwe pastoor en tot een onverbiddelijke vete.

Door tégen Pol te preken en de plaatselijke onderwijzer een nieuwe winkel te laten openen, zorgt Kips ervoor dat niemand nog bij Pol koopt en deze ziet zich gedwongen zijn winkel in een slecht draaiende herberg te veranderen en verder aan de kost te komen als aannemer.

De jaren verlopen en de twee oudste dochters van Pol trekken beiden — tot grote ergernis van Pol — naar het klooster. De jongste, Anna, blijft thuis. Pol tracht zijn verhaal te halen, eerst bij de bisschop en dan bij de jonge ondertussen volwassen geworden graaf en diens vader: Pols gezondheid begint ten gevolge van deze situatie snel bergaf te gaan en op een dag ligt hij op sterven en laat hij pastoor Kips komen. Deze kan niet weigeren en begeeft zich zeer tegen zijn zin naar de kamer van de stervende, alwaar Pol hem met een geweer neerschiet.

Terwijl Kips kreunend aan het sterven is, roept Pol luidkeels om een priester en Anna loopt in het midden van de nacht om een pater van de naburige abdij, maar deze komt net te laat. Pol sterft zonder gebiecht te hebben. Na de dood van Kips en Pol opent Sideria opnieuw haar winkeltje, maar vijf maanden later sterft ook zij. Dochter Anna, die het huis geërfd heeft, verhuurt de ene helft en gaat zelf in de andere helft wonen. Anna, altijd al een vrome maagd, ontwikkelt zich nu tot een echte kwezel en wordt lid van de door de nieuwe pastoor opgerichte Congregatie der Heilige Maagd Maria.

Zij gaat een aantal keren op bedevaart en bezoekt één van haar zusters in het klooster de andere zit in de Kongo. Doordat het te laat geworden is, blijft zij overnachten bij haar oom in de stad de socialist van het incident indertijd en zo leert zij haar neef Frits kennen. Die komt met zijn vrouw Ida en zoontje Willem een tijd bij Anna logeren.

Anna, die goed met het drie jaar oude ventje overweg kan, profiteert van de situatie om op een dag Willempje te laten dopen door de pater die net te laat bij haar stervende vader arriveerde. Zij beschouwt deze daad als ingegeven door God en als de beste manier om haar vader uit het vagevuur te verlossen. Ofschoon De Verlossing een volwaardige roman is en geschreven werd in de typische Elsschot-stijl zakelijk-koel en cynisch en toch met de nodige mild-begrijpende humor , weet het werk net zo min als zijn voorganger, Een Ontgoocheling , volledig te overtuigen.

Het verhaal van Pol Van Domburg en Kips op zichzelf is nog wel redelijk geslaagd te noemen, al duiken er ook hier al enkele momenten op waarbij Elsschot niet de juiste toon weet te treffen, zoals wanneer hij zeer weinig functioneel uitgebreid begint te citeren uit het oude medische handboek Den Lust der Medicijnen dat Pol raadpleegt in verband met zijn ziekte [pp. Die laatste zin is er te veel aan. Wanneer echter na de dood van Pol en Kips Anna plots de hoofdpersoon van de roman wordt Anna, die daarvoor nauwelijks aan bod kwam , dan wordt dit door de lezer wel degelijk ervaren als een irritante breuklijn in de plot en als dit staartje van het boek dan ook nog voor niets anders blijkt te dienen dan voor het spuwen van wat anti-katholieke gal en het serveren van een bijzonder weinig overtuigende afloop de Verlossing van Pol via het doopsel van dat kereltje , dan krijgt diezelfde lezer het ongemakkelijk stemmende gevoel dat Elsschot hier naar het einde toe de pedalen danig verliest.

Dat Elsschot vooral in dit laatste deel overigens serieus tegen de schenen van de katholieken aan het stampen is anno ! De Verlossing , een slechts half geslaagde roman, wordt niet tot de belangrijkste werken van Elsschot gerekend, en in feite liet in weinig of niets vermoeden dat deze auteur twee jaar later een meesterwerkje als Lijmen uit de pen zou laten vloeien. Monografieën over Vlaamse Letterkunde — nr. Enkele jaren na het eerder matige De Verlossing is het dan plots zover: Elsschot produceert voor de eerste maal een absoluut meesterwerkje.

De inhoud van deze klassieker uit de twintigste-eeuwse Nederlandse letterkunde mag men geredelijk als bekend veronderstellen.

Het gaat in feite om een raamvertelling. De verder anonieme ik-figuur ontmoet in een café toevallig een oude vriend, Frans Laarmans, die vervolgens bij hem Laarmans thuis uitgebreid en tot in de kleinste details het verhaal vertelt van zijn ontmoeting met Charles Boorman en diens professionele bezigheid, het lijmen.

Reeds op de derde bladzijde van het boek wordt dit fenomeen bij de nog niet begrijpende lezer geïntroduceerd:. De mensen bepraten en dan doen tekenen. En als zij getekend hebben, krijgen zij het ook werkelijk thuis. Laarmans vertelt dan dat hij door Boorman werd aangenomen als diens secretaris en toekomstige opvolger en gaandeweg komt de lezer tot het inzicht dat deze Boorman verkoper is van gebakken lucht: In drie fasen, in feite evenzovele klaroenstoten die het Grote Evenement aankondigen, leren wij deze deontologisch verre van correcte handelwijze beter kennen.

Eerst is er de zaak van de Gentse begrafenisondernemer Korthals die Boorman op kosten jaagt naar aanleiding van het overlijden van diens schoonzuster maar vervolgens door Boorman teruggepakt wordt omdat hij reclame maakt met twee automobielen, één voor dodenvervoer en één voor ziekenvervoer, waarbij het echter om één en hetzelfde voertuig blijkt te gaan.

Boorman komt als absolute triomfator uit deze zaak te voorschijn. Vervolgens moet hij nochtans twee tegenslagen incasseren. Tijdens Boormans afwezigheid ontvangt Laarmans een zekere meneer Wilkinson die op het punt staat een grote bestelling te doen, maar nog net op tijd kan terugkrabbelen doordat hij ontdekt dat Laarmans de enige werknemer is op de redactiekantoren van het Wereldtijdschrift.

En wanneer Boorman en Laarmans de beddenverkoper Charles Van Ganzen proberen te lijmen, blijkt dat deze Boorman en zijn trucjes meteen doorheeft. De tweede helft van de roman is volledig gewijd aan de zaak Lauwereyssen. De firma Lauwereyssen is een in keukenliftjes gespecialiseerde smidse die gerund wordt door een oude dame met een ziek been en haar wat simpele broer.

Die broer blijkt echter meer gezond verstand te hebben dan zijn zuster, want deze laatste laat zich door Boorman compleet inpakken en bestelt niet minder dan Wat zij daarna ook spartelt, de Waarbij Laarmans als oefening iedere keer het geld ter plaatse moet gaan ophalen.

De raamvertelling wordt gesloten wanneer Laarmans meedeelt dat hij het Wereldtijdschrift van Boorman heeft overgenomen. Hij vraagt nu aan de ik-figuur of deze op zijn beurt secretaris van het Wereldtijdschrift wil worden, maar deze laatste vlucht walgend het huis uit.

Elsschots vierde roman illustreert op een grandioze en cynische wijze de hypocrisie, het bedrog en de immoraliteit die het zaken- en reclamewereldje regeren.

Dat gebeurt zo knap dat een aantal ingrediënten van de roman ondertussen klassiekers in het genre zijn geworden: En dat eindigt dan met de volgende treffende en bovendien ook heel goed geschreven passage:. Ieder wil nummer één zijn of ten minste doorgaan voor nummer één. De meesten gaan er nog liever voor door dan zij er op gesteld zijn het werkelijk te wezen. Jezus Christus, die gepraat heeft als had hij de wijsheid in pacht, heeft daar niets aan veranderd. En daar de massa van die duivel bezeten is, richten de sluwe jongens van de negotie er zich op in.

Alles schittert, alles is goed, alles is beter dan elders. Af en toe gaat er wel een naar de kelder, maar met een slag van zijn staart komt hij weer aan de oppervlakte, zolang er enige veerkracht in zit.

En van die pientere broederschap moet ik het nu hebben. En dan heel cynisch, een bladzijde verder: Wees beleefd tegen je klanten, want het zijn je vijanden, vergeet het niet. Zij laten slechts los wat je ze ontwringt en behouden alles waar je niet voor opkomt met je leven. Alfons De Ridder, alias Willem Elsschot, was anno natuurlijk heel goed geplaatst om dit gif met kennis van zaken te spuien, want zoals Lut Missinne ons meedeelt: De roman Lijmen ligt ons overigens ook na aan het hart omdat we hem in ons eigen leven al meer dan één keer in het echt zijn tegengekomen.

Na onze legerdienst werkten wij gedurende enkele maanden voor het Antwerpse, in transport gespecialiseerde vaktijdschrift Transport Echo en dat was eigenlijk het Algemeen Wereldtijdschrift revisited.

En dan was er [ gecensureerde passage ] In een interview met De Morgen uit zei dochter Ida De Ridder in dat verband over de tijd toen zij op het atheneum zat:. Villa des Roses , Een ontgoocheling , De verlossing en Lijmen. Tussen vuiligheid en rommel. Nee, hij had afscheid genomen. Dat is de overschot, moet hij hebben gedacht. Er werd nooit meer over Elsschot gesproken.

Hij was zich goed bewust van zijn kunnen en de grootheid van zijn werk. Maar het verkocht niet. Guido Goedemé heeft misschien een verklaring: Deze roman, reeds in geschreven volgens de inzichten van de Nieuwe Zakelijkheid, wekt vooralsnog bevreemding; het boek staat buiten een Vlaamse traditie. Daarom wordt het vrij laat algemeen als waardevol erkend. En wellicht speelden anno ook de sneren naar Christus en God zie de citaten hierboven een belemmerende rol bij de receptie.

Vandaag zijn Elsschot en zijn Lijmen echter terecht al lang gecanoniseerd. Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige literatuur na , november , pp. Ofschoon de film bijna drie uur duurt, is de plot naar verluidt gebaseerd op een stripreeks van Julie Maroh redelijk eenvoudig en rechtlijnig.

De vijftienjarige Adèle, die op de middelbare school vooral in literatuur is geïnteresseerd, ontdekt na haar eerste seksuele ervaring dat ze meer van meisjes dan van jongens houdt en dat gevoelen wordt bevestigd als ze een tijdje later verliefd wordt op de enkele jaren oudere kunststudente Emma, een tomboy met blauw geverfde haren.

Tussen Adèle en Emma ontstaat een relatie vol liefde, passie en lichamelijk genot die jaren blijft voortduren. Emma is ondertussen schilderes geworden en Adèle eerst kleuterjuffrouw, dan onderwijzeres. Al durft Adèle noch tegen haar ouders, noch op school iets verklappen over haar lesbische geaardheid: Tot meer en meer blijkt dat de sociaal-culturele context van Adèle en Emma toch nogal verschilt.

Als Emma dat ontdekt, gooit ze Adèle — tot grote wanhoop van deze laatste — zonder pardon op straat. Jaren later spreken ze nog eens een keer af in een restaurant, waar ze aan een vrijpartij beginnen want Emma heeft Adèle al lang vergeven en verlangt nog naar haar die echter halverwege door Emma afgebroken wordt want ze is nu met iemand anders. Een vriendelijke allochtoon, waarmee ze op een feestje al een keer een goed gesprek had, loopt haar zoekend achterna, maar Adèle is reeds om de hoek verdwenen.

Zou Abdellatif Kechiche, wiens vierde film dit is, zich met zijn Tunesische roots in dat allochtone personage geprojecteerd hebben? Het heeft weinig belang, net zomin als het feit dat de plot zich afspeelt in het Noord-Franse stadje Lille, waar wij toch een zekere band mee hebben, al was het slechts omdat het oorspronkelijk een Vlaamse stad was kijk maar naar de straat waar Adèle op het einde doorloopt: Twee maal zagen wij een zeer degelijke prent die volledig — maar dan ook volledig — gedragen wordt door de uitstekende acteerprestaties van de twee hoofdrolspeelsters, Léa Seydoux als Emma en Adèle Exarchopoulos als Adèle.

We moeten dit gegeven nogmaals beklemtonen, omdat Kechiche het hen niet gemakkelijk heeft gemaakt. En we hebben het dan niet over de twee veel te lang durende seksscènes met Emma en Adèle in het midden van de film, maar wel over het feit dat de regisseur niet alleen een voorkeur blijkt te hebben voor abrupte cuttings, maar ook voor het gebruik van de close-up. Wat van de hoofdactrices bijna constant het uiterste vergt, maar hun mimiek beheersen ze méér dan perfect.

Léa Seydoux met haar zelfverzekerde glimlachjes die ze afwisselt met van die wazige en halfverslaafd ogende blikken opzij, maar vooral ook Adèle Exarchopoulos met haar onzeker heen en weer schietende oogopslagen en dat beteuterd openhangende mondje waardoor haar volle, sensuele lippen nog meer opvallen.

Zouden sommigen deze film zo hoog aanslaan omdat ze heimelijk een crush hebben op deze Adèle? En als dat zo is, waarom ook niet, zoiets is toch niet verboden? Feit is dat zowel Emma als Adèle prima gecast zijn. En ook al gebeurt er niet echt zo heel veel in de film, vooral op het einde, tijdens dat lange tafelgesprek in het café wanneer Emma en Adèle weer even nader tot elkaar komen maar Emma van haar hart een steen maakt, zal menige toeschouwer het lastig krijgen om zijn of haar eigen emoties onder controle te houden, want die sequens is me eventjes ontroerend!

Wat natuurlijk een pluim is op de hoed van de regisseur met tegelijk een dikke proficiat richting beide hoofdactrices. Niet alles in dit coming-of-age-verhaal ja, het is er wéér een heeft even veel impact en sommige scènes hadden korter gemogen, maar anderzijds is er toch over vele dingen nagedacht in het begin het lezen van een boek van Marivaux bijvoorbeeld waarin op zoek wordt gegaan naar de psyche van de vrouw, of het lezen in de klas van een gedicht waarbij de vraag aan bod komt of de natuur slecht of goed is en zitten er behalve die caféscène op het einde nog enkele onvergetelijke momenten in de film Adèle die tegen haar zin oesters eet bij de ouders van Emma, de ruzie tussen Emma en Adèle.

We blijven vinden dat de film met zijn minuten iets te lang duurt en geven dus drie-en-een-halve ster. Op een winteravond vindt Seligman, een Joodse vijftiger, de in elkaar geslagen nimfomane vrouw Joe in een steeg in de buurt van zijn huis en neemt haar mee naar binnen, waar hij luistert naar haar levensverhaal.

De film is verdeeld in hoofdstukken, waarvan de titels telkens expliciet op het scherm verschijnen. In hoofdstuk I The complete angler zien we hoe Joe als vijftienjarige op haar eigen verzoek haar maagdelijkheid verliest bij een of andere nozem en hoe zij op de trein een wedstrijdje doet met haar vriendin B: Wie wint, krijgt een zakje snoep.

Dit hoofdstuk wordt telkens onderbroken door Seligman die dan het dient gezegd: In hoofdstuk II Jerome wordt Joe lid van een nimfomanenclubje met als motto mea vulva, mea maxima vulva af en toe is Von Trier inderdaad wel eens koddig en komt ze als secretaresse terecht in het drukkersbedrijfje van ene Jerome, een vroeger neukvriendje dat nu plots geen seks met Joe mag hebben en op wie ze een beetje verliefd wordt.

Jerome trouwt echter en trekt naar het buitenland. In hoofdstuk III Mrs. H krijgen we een lange scène die op zich niet zou misstaan in een of ander provinciaal toneelstukje. Joe, die hele reeksen mannen neukt, geeft een getrouwde man om halfzeven de bons want om zeven uur komt er een andere kandidaat, maar de getrouwde laat een kwartier later zijn vrouw zitten en wil intrekken bij Joe.

Een minuut later staat zijn vrouw daar met hun drie zoontjes en terwijl die andere kandidaat een jonge kerel er ook nog bijkomt, steekt die bedrogen echtgenote een lange, cynische litanie af die iedereen inclusief de toekijkende filmzaal met dichtgeknepen billen zit te bekijken. Hoofdstuk IV Delirium is plots gefilmd in zwartwit en hier maken we mee hoe de vader van Joe in het hospitaal sterft aan een delirium.

Die vader, die ook in andere hoofdstukken van de film regelmatig begint te zeuren over bomen vooral over de es en de eik en over hoe ze in de winter op zielen lijken, doet heel de filmzaal keihard schrikken door plots heel hard en onverwacht de naam van zijn vrouw te roepen, maar even later nadat Joe nog een paar werknemers van het ziekenhuis heeft gevogeld is hij toch dood.

In hoofdstuk V The Little Organ School worden de seksavontuurtjes van Joe op een verschrikkelijk pedante en artificiële manier vergeleken met polyfone muziek, maar uiteindelijk ontmoet zij Jerome opnieuw en zij vormen een koppel.

Deel I eindigt met een seksscène waarin Joe huilend zegt: Ondanks enkele opmerkelijke en zelfs niet onaardige sequensen de zaadman in de trein, Mrs.

H en de muziek van Rammstein in de begin- en eindgeneriek maakt dit eerste deel een bijzonder onsamenhangende en gaandeweg meer en meer vervelende indruk.

Dat die Seligman met zijn irritante, pseudo-diepzinnig en pseudo-filosofisch geneuzel het verhaal voortdurend onderbreekt, is daar zeker niet weinig debet aan. Von Trier tracht de kijker wel wakker te houden via allerlei cinematografische gimmicks die deels afgekeken zijn van Quentin Tarintino: Een briljante indruk maakt het nochtans allemaal niet, en dan zwijgen we nog over het in flitsen tonen van — zonder uitzondering bijzonder lelijke — pornografische beelden, wat verschrikkelijk branieachtig-puberaal overkomt.

Dat Charlotte Gainsbourg die de volwassen Joe speelt en Stacy Martin de jonge Joe allebei onaantrekkelijke magere sprieten zijn en op een ontzettend enerverend lijzig toontje praten, daar kunnen zij natuurlijk niet aan doen, maar alles tezamen maakte dat wel dat we na onze bioskoopvisie van deel I in januari nog weinig zin hadden om aan een bioskoopvisie van deel II ook nog eens geld te besteden. In deel II is er plots van Rammstein of van die cinematografische gimmicks geen sprake meer. Hoofdstuk V loopt nog even door.

Joe is nog steeds samen met Jerome en betreurt dat ze geen orgasmes meer kan krijgen. In een flashback zien we hoe Joe tijdens een schoolreisje op twaalfjarige leeftijd leviteert terwijl ze een spontaan orgasme krijgt en tegelijk een visioen van Messalina vrouw van keizer Claudius en de Hoer van Babylon.

Joe ontdekt ook dat Seligman een maagd is. The silent duck steekt Joe, die samen met Jerome een restaurant bezoekt, eerst een resem lepels in haar vagina, later wordt ze zwanger en baart met een keizersnede een zoontje Marcel. Jerome vraagt Joe of ze ook andere mannen wil neuken en dan zijn we plots drie jaar later vanaf nu neemt Charlotte Gainsbourg het over van Stacy Martin, wat de pornoscènes betreft natuurlijk met stand-in.

pijpen tiener negerinnen kutjes

Penetratie film sm sex film gratis


Geen ruk uitvoeren in een sperma bank is nooit grappig DG Erfelijke onvruchtbaarheid is nooit grappig Hans Schuurman. Een rokkenjager die een geweer mee neemt als hij uitgaat, is nooit grappig Piet. Een bordje "niet roken" in een crematorium is nooit grappig Rudie de beste. Een lama die het spuugzat is is nooit grappig Rina Abbenhuis. Een muis die een piepshow opvoert is nooit grappig.

Met je hond over een catwalk lopen is nooit grappig. Een symposium voor zwangere vrouwen een persconferentie noemen is nooit grappig Martijn Vis.

Tegen een lijnrechter zeggen dat ie de kantjes er van afloopt is nooit grappig TelkaZ Raamsdonksveer. Door je veter gestrikt worden is nooit grappig dynamite. Een doelpunt in de herhaling missen is nooit grappig dynamite. Met een parachute van het tapijt moeten springen is nooit grappig dynamite. Zelfmoord strafbaar maken is nooit grappig Gerald Hampsink. Vaste klant zijn in een bruidsmode zaak is nooit grappig! Een boom die geen blad voor de mond neemt, is nooit grappig.

Het licht in een doodlopende tunnel zien is nooit grappig truus. Een hoer met een wipneus, is nooit grappig. Een voetballer die het ver schopt is nooit grappig Ramon. Een Lama die het achterste van zijn tong laat zien, is nooit grappig.

Een terrorist die airmiles verzamelt, is nooit grappig Piet. Grappig uit de hoek komen waar de klappen vallen, is nooit grappig. In slaap vallen op een mistbank, is nooit grappig Piet. Een cactussenkweker in een netelige situatie is nooit grappig Martin Koers.

Een konijn met een hazelip is nooit grappig Matigoal. Een gynaecoloog met een muisarm, is nooit grappig. Een vibrator met een druiper, is nooit grappig Piet. Een koor dat voor het zingen de kerk uit gaat, is nooit grappig Piet.

Achter in de kerk zeggen dat je de kogel hebt gevonden, is nooit grappig Japiejoo. Een begrafenisondernemer op reis uitzonderlijk noemen is nooit grappig. Kim van der Velden. Tegen een eendagsvlieg zeggen dat hij morgen jarig is, is nooit grappig Piet.

Ze wel op een rijtje hebben maar niet in de juiste volgorde, is nooit grappig Heerle B2 Justin. Je nachtmerrie een baal hooi geven is nooit grappig pinokkio.

Een bloemist die niet geschikt is, is nooit grappig Ralphfx. Een schoonmaakster die bleek ziet is nooit grappig koeke bru. Een paard dat het even niet meer trekt is nooit grappig koeke bru.

Een skileraar die op de ski piste is nooit grappig Egbert. De slavenhandel een zwarte periode uit onze geschiedenis noemen is nooit grappig. Tegen een necrofiel zeggen dat zijn vriendin een beetje bleek ziet is nooit grappig.

Niet aan de vuile vaat beginnen omdat het al afwas, is nooit grappig zwitus. Een blinde vragen naar zijn kijk op het leven, is nooit grappig miss. Een begrafenisondernemer die zich doodverveeld is nooit grappig Marcel.

Een junkie naar zijn dopenaam vragen is nooit grappig Vink. Een mank persoon die als een blok voor je valt, is nooit grapig WB. Een slippertje maken in de auto is nooit grappig anymous chaeter. Een hele goeie houthakker een kapster noemen, is nooit grappig Ivar. Aan een dove vragen of dat zo hoort, is nooit grappig Ivar.

Je afvragen wat er met de eerst 6 ups gebeurt is nooit grappig miss. Een verwarmingsketel die je in de kou laat staan is nooit grappig Harry van Essen. Een huisarts die de boel verziekt is nooit grappig LeenJan. Een ballon met dynamiet opblazen is nooit grappig Marcel. Met een lijkwagen een doodlopende straat inrijden, is nooit grappig. Een roodborstje met een Dcup is nooit grappig Smeetz.

Een cactus die prikkelbaar is, is nooit grappig Smeetz. Klein Duimpje op zoek naar zevenmijlssteunzolen is nooit grappig Smeetz. Een dwergkonijn in een reuzenrad is nooit grappig mus. Een tuinkabouter verkopen aan een dwerg is nooit grappig Smeetz. Een huismus die in een caravan woont, is nooit grappig mus. Een poema met een tijgerslipje is nooit grappig Smeetz. Een vis in je netpanty is nooit grappig Francis meyners.

De telefoniste van een datingservices een contactdoos noemen is nooit grappig. Een instructeur op de KMA die een kadetje soldaat maakt is nooit grappig. Een paashaas die zijn ei niet kwijt kan is nooit grappig. Een nicht die zijn poot breekt is nooit grappig Jeroen Bogaers. Een praatgroep met een spreekverbod is nooit grappig North®. Een voetzoeker die een hand vindt is nooit grappig Smeetz. Op de top van de Mount Everest staan en toch niet je hoogtepunt bereiken, is nooit grappig Michabens.

Verboden vruchten opdienen op een verbodsbord is nooit grappig. Tegen een lilliputter zeggen dat hij lang van stof is, is nooit grappig. Een auteur die zijn boekje te buiten gaat is nooit grappig JB. Je hoofd stoten als je voor paal staat is nooit grappig Pim Verheugt. De kreukelzone van je auto strijken is nooit grappig DePaasHaas. Een loodgieter met een waterhoofd is nooit grappig Blinkiebil. Een bankier met weinig credit is nooit grappig Blinkiebil.

Een wit voetje halen bij Patrick Kluivert is nooit grappig. Koos Alberts op een voetstuk zetten is nooit grappig WB. Je gekloonde kind Pipo noemen is noot grappig Ronald van de Haterd. Drinken alsof je lever er vanaf hangt, is nooit grappig Ro. Je fiat geven aan de reparatie van je Ford is nooit grappig John Werkhoven. Een muis in je kamer hebben maar geen p.

Een fysiotherapeut met een muisarm is nooit grappig Appie. Een strooiwagenchauffeur die er als een zoutzak bij zit is nooit grappig Dre.

Voor een lopend buffet een warmingup doen is nooit grappig peewee. Een systeembeheerder met een virus is nooit grappig Frank. Aan je moeder vragen of hij weet wat een travestiet is, is nooit grappig. Een afwasser vragen of hij er al schoon genoeg van heeft, is nooit grappig Daam en Johan. Een modderfiguur slaan in een kuuroord is nooit grappig. Een notenkraker die verliefd is op je ballen is nooit grappig voltage again. Stemmen in je hoofd hebben die nooit wat zeggen, zijn nooit grappig Michiel ten Kleij.

Een vluchtstrook in de gevangenis is nóóit grappig Koelio. Een criminele organisatie die in zijn personeel gaat snijden, is nooit grappig Jurian Vernooij. Een timmerman die aan de grond genageld staat is nooit grappig. Een militair in een burgeroorlog is nooit grappig.

De schone slaapster uit de droom helpen is nooit grappig. Een uitsmijter van een discotheek opeten is nooit grappig! Een schrijver die een boekje open doet is nooit grappig. Een piloot die uit de hoogte doet is nooit grappig. Een tijdschrift vragen hoe laat het is, is nooit grappig. Als student bokser worden omdat de kans op slagen dan groter is, is nooit grappig Ivar. Een wegwerpcamera tegen je hoofd krijgen is nooit grappig Erik B. Op een elfenbankje gaan zitten, is nooit grappig..

Tegen een hekje schuttingtaal uitslaan, is nooit grappig. Een theelepel gebruiken om de koffie te roeren, is nooit grappig. Een wandelende tak die van de hak op de tak springt, is noooit grappig vicenzo. Met een tank de weg van de minste weerstand in rijden is nooit grappig. Rijk de Gooyer die de pijp aan Maarten geeft is nooit grappig. Anky van Grunsven op een luipaard is nooit grappig. Marco Borsato uit de droom helpen is nooit grappig.

Een spooktrein op een dwaalspoor zetten is nooit grappig. Een papiervernietiger die zegt dat ie elke dag een snipperdag heeft is nooit grappig. Een vrijgezel een trekpop kado geven is nooit grappig. Zonder ondergoed op een antislipcursus komen is nooit grappig. Hoog van de toren blazen in madurodam is nooit grappig. Een gabber vragen of hij vrienden heeft, is nooit grappig. Een buikdanseres met gordelroos is nooit grappig. Om escortservice vragen in een Ford garage is nooit grappig.

Een olifant een domoor noemen is nooit grappig. Als dove een carbaret voorstelling bekijken is nooit grappig. Soep koken in je hersenpan is nooit grappig.

Een kapitein die buiten de boot valt is nooit grappig. Een mongool die zich down voelt is nooit grappig. Als met kerst je zus wordt geboren is dat nooit grappig.

Een loodgieter die de leiding neemt is nooit grappig. Een kraanwagen bestellen als je water is afgesloten is nooit grappig. Een bokser die een gek figuur slaat is nooit grappig. Wij wensen iedereen een fijne jaarwisseling en een "Nooitgrappig" Kortom keep up the good work! Een moslimvrouw die een tipje van de sluier oplicht is nooit grappig.

Te laat thuis komen omdat je bij het knutselen bent blijven plakken, is nooit grappig. Een kangeroe die diep in de buidel moet tasten is nooit grappig. Een honingbij die freebees spaart is nooit grappig. Een tv gids de weg wijzen is nooit grappig. Iemand met een bloemetjesjurk water geven, is nooit grappig. Nog lang niet jarig zijn op je eigen verjaardag is nooit grappig. Een tovenaar die geen hoge hoed van zichzelf op heeft is nooit grappig. Met een knallend uiteinde op de wc zitten, is nooit grappig.

Een schilder met een druiper is nooit grappig. Tegen een beeldhouwer zeggen dat hij zijn beeld niet mag houden, is nooit grappig. Een gitarist die ontstemd is, is nooit grappig. Een monteur die een sleutelpositie inneemt is nooit grappig. Rekenen op je taalvaardigheid is nooit grappig. Een shovelmachinist die veel opschept is nooit grappig. Nooitgrappigs overtikken uit het archief is nooit grappig, stay original!!!!!!!!!!!! Een chirurg die thuis het vlees snijdt met een scalpel, is nooit grappig.

In bordeel vragen om kinderkorting, is nooit grappig. Aan een klopgeest vragen of hij in het vervolg eerst wil aanbellen, is nooit grappig.

Een vette rekening krijgen bij de snackbar is nooit grappig. Een Herniaoperatie die 3 ruggen kost is nooit grappig. Een uitgebluste brandweerman is nooit grappig. Een pedicure die nagels bijt, is nooit grappig. Een euro op de kerstboom zetten omdat je geen piek meer hebt, is nooit grappig. Iemand die 's winters schaatst met klapschaatsen, zomers laten fietsen met een klapband, is nooit grappig. Een gepensioneerde kapper die nog steeds met zijn handen in het haar zit is nooit grappig.

Een gitarist met een gevoelige snaar is nooit grappig. Een lel krijgen van iemand met grote oren, is nooit grappig. Een stier die oude koeien uit de sloot haalt is nooit grappig. Dichters bij een feestelijke opening is nooit grappig. Een Chinees die bamiballen ophangt in zijn kerstboom is nooit grappig. Je ogen dicht doen in de kijkshop is nooit grappig.

Een kleermaker die thuis de broek aan heeft is nooit grappig. Wagenziek worden van je eigen rijgedrag is nooit grappig. Een klokkenmaker die niet bij de tijd is is nooit grappig. Bij een internet abonnement een surfplank krijgen, is nooit grappig. Een vrouw bij de gynaecoloog een kijkdoos noemen, is nooit grappig. Een jonge haring naar een school sturen is nooit grappig.

Een weekdier met een weekendtas is nooit grappig. Een schroef die geen moer doet, is nooit grappig. Een vibrator die je eerst moet opwinden, is nooit grappig. Een eekhoorn die op zijn eikel bijt, is nooit grappig. Een keeper die er geen bal aan vindt, is nooit grappig. Een schildersezel die balkt is nooit grappig. Een routeplanner die de weg kwijt is, is nooit grappig.

Een coke snuiver een witte kerst toe wensen is nooit grappig. Iemand die al voor zijn crematie een beetje verstrooid is, is nooit grappig. Een blinddate met een dove hebben, is nooit grappig. Een dode beer een wasbeer noemen is nooit grappig. Een clown die alleen zijn pak vermaakt, is nooit grappig.

Als fotograaf geflitst worden is nooit grappig. Je vriend zonder benen een driekwartsmaat noemen, is nooit grappig. Een tandarts die onder de plak zit is nooit grappig. Een werelddeel waar het relatief veel regent, een incontinent noemen, is nooit grappig. Met drank op een Bobslee besturen is nooit grappig. Frits Spits in de file is nooit grappig.

Met een zaklamp kijken of de verlichting uit is is nooit grappig. Een potloodventer een puntenslijper geven is nooit grappig. Een pantoffeldiertje met koude voeten is nooit grappig. Een zwerver van het dak lozen is nooit grappig. Als kerstpakket een sigaar uit eigen doos krijgen, is nooit grappig. Een potloodventer die met een pen schrijft, is nooit grappig.

Een vogel die zich in de nesten werkt,is nooit grappig. In de Spits de Metro lezen is nooit grappig. De spermabank bellen dat je je pincode bent vergeten is nooit grappig. Een cocaïneverslaafde die z'n neus poedert, is nooit grappig. Een telefoniste aan het lijntje houden, is nooit grappig. Een solliciterende loodgieter met een slechte c. Tatjana Simic op een flatscreen is nooit grappig. Een lilliputter in Madurodam tegenkomen is nooit grappig. Als piraat je houten been breken is nooit grappig.

Op je ligfiets in slaap vallen is nooit grappig. Een hovenier om de tuin leiden is nooit grappig. Een lezing houden over dyslexie, is nooit grappig. Een vrouwelijke drugsverslaafde plat spuiten is nooit grappig. Een alcoholist die een nuchtere opmerking maakt, is nooit grappig. Een atheïst met een bijgeloof is nooit grappig. Een kompas die de weg kwijt is, is nooit grappig. Een Fries in de kou laten staan, is nooit grappig. Een stotteraar vragen of hij beter wil articuleren is nooit grappig.

Een mooie vrouw met een vibrator een stroomstoot noemen is nooit grappig. Iemand die verkouden is een rare snuiter noemen is nooit grappig. Een zebra en een pad kruisen tot een zebrapad is nooit grappig. Een biologieproefwerk over voortplanting verneuken is nooit grappig. Zeggen dat de beveiliging van Pim Fortuyn tekort schoot is nooit grappig.

Een medewerker van een kerncentrale met een stralende glimlach is nooit grappig. Soldaten die een uur lang kwartier maken zijn nooit grappig. Er gekleurd op staan op een zwartwit foto, is nooit grappig. Samen met een junk ezeltje prikje spelen is nooit grappig. Een chirurg die zichzelf lelijk in de vingers snijdt, is nooit grappig. Gearresteerd worden omdat je even een bioscoopje hebt gepikt is nooit grappig. Een slager met een geslachtsziekte is nooit grappig.

Rob van Eigen Huis en Tuin die de ziekte van vijver heeft is nooit grappig. Iemand die incontinent is in de zeik nemen is nooit grappig. Iemand uit moskou die in amsterdam naar de hoeren gaat een walrus noemen, is nooit grappig. Tijdens het hooien een baaldag nemen is nooit grappig.

Rundvlees met koeienletters schrijven is nooit grappig. Een zwarte piet die het eten van de Sint laat verpieteren is nooit grappig. Op de kunstijsbaan in een wak rijden is nooit grappig. Je baas die je op maandag al een prettig weekend wenst, is nooit grappig.

De Kuip schoonmaken met Ajax is nooit grappig. Een filelezer die zegt dat de spits op gang komt is nooit grappig. Een Jaknikker in de ontkenningsfase is nooit grappig. Maandverband dat gesponsord wordt door Red Bull is nooit grappig. Verdrinken tijdens surfen op internet is nooit grappig. Een depressie de kop indrukken is nooit grappig. Een postzegel op een voice mail plakken is nooit grappig. Een ballon hebben als blaas is nooit grappig. Na je ontbijt niks uitvreten, is nooit grappig.

Bloemen kweken in je oogkassen, is nooit grappig. Jomanda die het hoog in haar bol heeft is nooit grappig. Je badeend bijvoeren in de winter is nooit grappig.

Een waterlelie water geven is nooit grappig. Een flipperkast in het dolfinarium zetten is nooit grappig. In een doodlopende tunnel het licht zien is nooit grappig Jankees Dekker.

Een misdadiger die het aan zijn rug heeft omdat hij zwaar crimineel is, is nooit grappig Elmer Tan. Als je bezig bent met logisch nadenken en dat ontgaat je een beetje, is dat nooit grappig Jan Doldersum. Bergbeklimmen met een gouden gids is nooit grappig Rob Colle. Een kever die met carnaval als monitor verkleed gaat, is nooit grappig Dennis Massop. Als vrijgezel een pik van hout en een hand van schuurpapier hebben is nooit grappig Tarik el Hamdaoui.

Houten krukken maken van kreupelhout is nooit grappig Jeroen Spruit. Een geoloog die zijn eigen niersteen onderzoekt is nooit grappig Dennis Mekel. Dagdromen tijdens een cursus tegen slapeloosheid is nooit grappig Ruud Slewe. Een verhuizer die bij de pakken gaat neerzitten is nooit grappig Jan Doldersum. Anton Geesink op het matje roepen is nooit grappig Rob Colle. Paintballen met onzichtbare inkt is nooit grappig Arthur en Paul.

Een skater die staat te ruften op een scheetbord, is nooit grappig Dennis Massop. Een bakker die in een Kadettje rijdt is nooit grappig Salto van der Maal. Zoeken naar de poezenbuurt in Katwijk is nooit grappig Rob Colle. In een Nissan keer niks rijden, is nooit grappig Dennis Massop.

De pijp aan Maarten geven in een niet-rokersruimte is nooit grappig Arthur en Paul. Yvon Breuer heeft het weekend goed besteed, kijk maar:. Je realiseren dat Adam en Eva nooit een navel gehad kunnen hebben, is nooit grappig.

Een bolletjesslikker waarbij de tulpen uit z'n broek groeien omdat 'ie de verkeerde heeft geslikt, is nooit grappig. Je afvragen welke kleur een smurf krijgt als je hem wurgt, is nooit grappig.

Brandweerlieden die laaiend enthousiast worden van een brandschone brandweerauto, zijn nooit grappig. Je afvragen waarom Noach die twee muggen niet gewoon heeft doodgemept, is nooit grappig. Dat mannen geen last hebben van cellulites, is voor vrouwen nooit grappig. Een vrouw die een man vindt, die zichzelf succesvol vindt, omdat hij meer verdient dan zij kan uitgeven, succesvol noemen, is nooit grappig.

Chinese katten die de hele nacht onder je raam zitten te Mao-en zijn nooit grappig Cor van Dam. Een boom het bos insturen is nooit grappig Dick Krukkeland. Een ophaalbrug die opgehaald is als je iemand op wilt halen is nooit grappig Patricia Pynaert. Je klote voelen in een homobar is nooit grappig John Trechsel.

Een grillige sfeer in een steakrestaurant, is nooit grappig. Een schoolgebouw met een lessenaarsdak, is nooit grappig. Een vereniging van vrachtwagenchaffeurs met veel aanhangers, is nooit grappig.

Klaarkomen in poedervorm als toppunt van aderverkalking, is nooit grappig. Een vluchteling die zich vastrijdt op een vluchtheuvel, is nooit grappig. De Grote Donderglas uit het prachtige Groningen heeft eens zijn best gedaan. Van je seksuoloog horen als je een afspraak maakt: Een zeeman die zijn zwangere vrouw aanzet tot woelig baren is nooit grappig. Een behendige messenwerper een werpster noemen, is nooit grappig. Na je dood reincarneren als eendagsvlieg is nooit grappig.

Voor een dubbeltje geboren worden terwijl we al lang met euro's betalen, is nooit grappig. Als je alter ego aan schizofrenie lijdt, is dat nooit grappig. In een restaurant het tafelwater afkeuren omdat het "kurk" heeft, is nooit grappig. Op je verjaardag een geslachtsziekte krijgen van je partner, is nooit grappig. Als man een date hebben met een vrouw met ballen, is nooit grappig. Zelfmoord plegen na het eten van een Happy Meal is nooit grappig. Tijdens je begrafenis ontdekken dat je aan claustrofobie lijdt, is nooit grappig.

Tegen een depressieve postbode zeggen dat hij zichzelf eens een leuke dag moet bezorgen, is nooit grappig. Een Duplodocus die vraagt of hij met een Legosaurus mag spelen is nooit grappig Cor van Dam. Speaken bij een mondelinge overhoring Engels is nooit grappig Jaap van Wingerden. Een strand vol Connie Palmen is nooit grappig Dennis Mekel. Een tolk die zijn vak niet verstaat, is nooit grappig Mark Stunnenberg. De penvriendin zijn van een potloodventer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een wesp "een strontvlieg met een Vitesse-shirt aan" noemen, is nooit grappig Jan Rupke. Een travestiet die aan een hell's angel vraagt "heb ik wat van je aan? Je hard maken voor condoomgebruik is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Joep Zaad, die zijn achternaam spelt 'met de d van donor' is nooit grappig Ives van Leth. Als hetero bij Gaytronics werken is nooit grappig Jan Rupke. Je radio aanzetten tot zinloos geweld is nooit grappig Hans van Vugt. Philip Frederiks -pardon- Freriks die de hele lijsten -neemt u mij niet kwalijk- lijst van ooit -sorry- nooit grappigs moet voorlezen in het zuiden van Israël -dit is een ander bericht denk ik- is -eeuuhh- niet- oh nee- nooit grappig Cor Dam -pardon- van Dam.

Een advocaat die, als hij zijn kantoor verlaat, tegen z'n secretaresse zegt dattie pleite gaat, is nooit grappig Nico Bosman. Na het uitgaan nog lang blijven hangen in de garderobe, is nooit grappig Hans van Vugt.

Een cardioloog die "hier klopt iets niet" zegt is nooit grappig Tim Bakker. Een wesp met bijverschijnselen, is nooit grappig Bart van de Beek. Een hongerstaker die een brok in zijn keel krijgt tijdens een gesprek is nooit grappig Maurice Bekkema. In de file rechts ingehaald worden door een lifter is nooit grappig Carin Nix. Een geboortegolf op het strand is nooit grappig Nico Bosman.

Een inlegkruisje met klittenband is nooit grappig Harry van Ineveld. In een pijnboom pitten, is nooit grappig Hans van Vugt. Elke week een jaarmarkt is nooit grappig Robert Bakker. Aan een tandarts vragen of hij bij zijn vrouw ook de gaatjes vult zonder dat ze er wat van voelt, is nooit grappig Peter Korenhof.

Met z'n allen in de eerste klas wagons gaan zitten omdat elk spoor van de conducteur ontbreekt, is nooit grappig Yvon Breuer. Een parkeerwachter met klem verzoeken je overtreding ongedaan te maken is nooit grappig Harry van Ineveld. Op je werk kijken of www.

Gas geven terwijl je diesel rijdt, is nooit grappig Jeroen Jongebloed. Lrs v3rv4n93n d00r c1jf3r5 15 n 9r4pp19 J Nl.

Je telefoon op laten nemen in het ziekenhuis, is nooit grappig Hans van Vugt. Een seriemoordenaar die om jouw serienummer vraagt is nooit grappig Mischa de Muynck. In een vegetarisch restaurant klagen dat het eten vlees noch vis is is nooit grappig Cor van Dam.

Smeerkaas uit het vuistje, is nooit grappig Peter v. In een topless-bar aan alles een puntje willen zuigen, is nooit grappig Yvon Breuer. In een Duitse schoenenwinkel zeggen dat je maat hebt, is nooit grappig Joost Ekkelboom. Bij de verkiezingen je stem kwijt zijn is nooit grappig Joost Nagtegaal. Een stoplicht op groene stroom is nooit grappig Arthur Alphenaar. Fiscuswerpen opde Olympische Spelen is nooit grappig Joost Nagtegaal.

Een asielzoeker de weg naar een kennel wijzen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een rechter wiens broer linker is, is nooit grappig Stefan Aarts. Een missionaris die zich geen houding weet te geven is nooit grappig Cor van Dam. Een spin die zijn web afragt, is nooit grappig Dimitri Drijver. Een vriend die pas meevalt als je uitglijdt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Jan Steengoed vinden, is nooit grappig Hans van Vugt. Een geestelijke die er alleen nog maar lichamelijke contacten op na houdt is nooit grappig Ivo Rouwhorst. Vergeten dat gisteravond je cursus geheugentraining was, is nooit grappig Nico Bosman. Spijkerschrift ontcijferen met een hamer is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Succes boeken bij een reisbureau is nooit grappig Stefan Aarts. Een blaadje sla dat zijn frustraties opkropt, is nooit grappig Arno Theijs.

Een cocaïneverslaafde die zijn gram haalt bij de rechtbank is nooit grappig Chabro Mos. Homo's die op een ventweg rijden zijn nooit grappig Eric Consemulder. Een aap die eens niet uit de dwangbuis-mouw komt, is nooit grappig René Veltman.

Een bij die blij is dat ie ergens bij is is nooit grappig Erik Kruyzen. Een acteur met een rolberoerte is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een pyromaan die zijn eten laat aanbranden is nooit grappig Erik Kruyzen.

Het bij de dierenarts over koetjes en kalfjes hebben, is nooit grappig Thijs Willink. Je eigen nooit grappigs nooit kunnen vinden in de nooit grappig-lijst is nooit grappig en Dick Krukkeland die mij weer zijn naam laat overtypen, omdat hij niet heeft gelezen dat ik heb verzocht zelf je naam achter je nooit grappig te zetten is nooit grappig.

Een Gangbang met Heinz sandwichspread als hoofdsponsor, is nooit grappig Arno Theijs. In een homobar een biertje drinken uit een fluitje, is nooit grappig Arno Theijs. Een punt zetten op de stippelzone is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Op een onbewoond eiland wonen, is nooit grappig Hans van Vugt. Een dyslecticus een boek met spelregels geven, is nooit grappig. Een scheepsbouwer die naar de manicure gaat voor z'n klinknagels is nooit. Een hoer die er gelikt uitziet, is nooit grappig Hans van Vugt.

Een wegatlas die je niet kunt vinden is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. In de bananenbar uitglijden over een schil, is nooit grappig Arno Theijs. Een colombiaan bij een alcoholcontrole over een witte lijn laten lopen is. Een bloedvergiftiging oplopen omdat je har-kiri pleegde met een roestig zwaard is nooit grappig Bert Dobben. Een inlegkruisje met een maximale inleg van euro, is nooit grappig Arno Theijs. Een geldautomaat, waar je geld voor een snelheidsovertreding moet halen, die.

Een weg zonder klkrs, is nooit grappig Hans van Vugt. Een Nederlandse agent die een Duitse automobiliste laat 'blasen', is nooit grappig Fabian Buiter. Één-Gay-per-reet organiseren, is nooit grappig Hans van Vugt. In slaapvallen tijdens een pitstop, is nooit grappig Hans van Vugt. Een vrouwelijke potloodventer een puntenslijper noemen is nooit grappig.

Harry Potter vertellen dat hij sprekend op Balkenende lijkt, is nooit grappig Arno Theijs. Tijdens een bijeenkomst van Weight-Watchers hapjes rondbrengen op een. Een kapperszaak die permanent gesloten is, is nooit grappig Hans van Vugt. Iemand die last heeft van haaruitval een kalender cadeau geven is nooit. Een porno-acteur die overal zijn neus insteekt is nooit grappig. Tegen de ruiten van een kaartenhuis schoppen is nooit grappig. Een piloot die iemand naar de keel vliegt is nooit grappig.

Een nudist die bloot staat aan kritiek is nooit grappig. Pieter van Vollenhoven vleugellam maken is nooit grappig. Zuurkool inmaken met een nulletje of tien is nooit grappig. Luier dan een pamper zijn is nooit grappig Hans van Vugt. Een dokter die in een zaal gaat staan en vraagt of er misschien een acteur op het toneel is, is nooit grappig Arno Theijs. Een kapper met een onderscheiding is nooit grappig Oscar Kars. Een fotograaf van onderbelichten is nooit grappig Jerremy Dalman.

Een studente die goed kan leren een blokkendoos noemen is nooit grappig Jerremy Dalman. Een doodgraver een schop geven is nooit grappig Edwin Coster. Een papegaai "niks" laten zeggen is nooit grappig Jan Doldersum. Hennie Huisman die bij de buren aan belt is nooit grappig Frank Beentjes. Een exporteur die niets uitvoert is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een pony met hooikoorts is nooit grappig Dimitri Drijver. Je schuldig maken aan witteboordencriminaliteit als je bij Omo werkt is nooit grappig Jerremy Dalman. Achterin de kerk roepen dat je de kogel hebt gevonden is nooit grappig Frank Beentjes. Een doopgezinde drugsverslaafde is nooit grappig Milo Pieters. Je bij een drumband aanmelden met een koektrommel is nooit grappig Jerremy Dalman. Een eskimo met een waterhoofd is nooit grappig Marc Bos. Een trucker een trucje flikken is nooit grappig Mayelle.

Een barman die met consumptie praat is nooit grappig Jerremy Dalman. Een k-mailtje ontvangen uit het Verre Oosten is nooit grappig Rob Schoon. Een lezing over dyslexie is nooit grappig. Iemand die incontinent is in de zeik zetten is nooit grappig Jerremy Dalman. Een nooit grappig die nooit grappig is, is nooit grappig Siep. Een wolk van een baby die van tijd tot tot een bui geeft is nooit grappig Jean-Luc Huguenin.

Een zakkenroller in de sauna, is nooit grappig Nico Bosman. Dood gaan en wakker worden in een hemelbed is nooit grappig René Overkleeft. Een dokter die tegen je schreeuwt "het klinkt misschien hard, maar u bent doof!! Een junk vragen naar zijn dopenamen is nooit grappig Cor van Dam. Als excuus voor het te laat zijn bij de tandarts zeggen "sorry, m'n brug stond open" is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Een automobilist die in een deuk ligt door een flauwe bocht is nooit grappig Chris.

Een Zwarte Piet die de zak krijgt, is nooit grappig Bart van de Beek. Een brood terugbrengen naar Leen Bakker is nooit grappig Hans van Vugt. Een snipperdag opnemen op video is nooit grappig Hans van Vugt. Een stinkende grijze zak als vuilnisman is nooit grappig Niels.

Een kannibaal die nadat hij zijn vriendin heeft gedumpt z'n achterste afveegt is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Sinterklaas telkens de zwarte Piet toespelen is nooit grappig Jan Doldersum. Af en toe sex met Klaas Vaak, is nooit grappig Michael Groenendijk. Berdien Stenberg begroeten met een fluitconcert is nooit grappig. Een dokter die tegen een overspannen stripteasedansers zegt, kleedt u zich maar uit is nooit grappig.

Met een steekwagen de oversteek wagen is nooit grappig. In de file je motor afzetten tot ie is opgelost is nooit grappig. Een mobiele vibrator zonder trilfunctie is nooit grappig. Een boktor die uit het goede hout gesneden is is nooit grappig. Met je jachthond een wetsontwerp door 't Parlement jagen is nooit grappig.

Je vriendin bij de bewaking een waakvlam noemen is nooit grappig. In een antiekwinkel vragen of ze nog iets nieuws hebben, is nooit grappig Nico Bosman. Een blaasorkest bij de alcoholcontrole is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een stewardess die zwanger is van de automatische piloot is nooit grappig Walter Boekestein. Babi gangbang bestellen bij de chinees is nooit grappig Jerremy Dalman.

Een schoppenboer van harte door een ruit schoppen is nooit grappig Jan Hoogendoorn. Je schoonmoeder opnieuw aansteken als ze uitgaat, is nooit grappig Nico Bosman. Wanneer de postbode je een natte doos bezorgt is dat nooit grappig Jerremy Dalman. In de schaduw de boekhouding doen is nooit grappig Stefan Elsendoorn. Een ladykiller bij wie relaties altijd doodbloeden is nooit grappig Elvin P. Incognito naar het carnaval gaan is nooit grappig Rob Colle.

Een boswachter die een uiltje knapt, is nooit grappig René Veltman. René Veltman die heel hardleers 'niet grappig' blijft typen terwijl het 'nooit grappig' is, is nooit grappig. Stotteren in gebarentaal, is nooit grappig Leon van der Wulp. Als tuinier achter de geraniums zitten is nooit grappig Jerremy Dalman.

Het glazen muiltje van Assepoester dat door de vinder in de glasbak wordt gegooid, is nooit grappig René Veltman.

Een luchtbed opblazen met dynamiet is nooit grappig Dirk Peters. Hans Roodrijtjeshorst heeft het weekend weer overleefd. Nu kan hij zich weer helemaal storten op de Nooit Grappige week! En dit kwam er vandaag uit:. Door de woestijn kruipen met een waterhoofd is nooit grappig. Een manueel therapeut die lid is van de kraakbeweging is nooit grappig.

Een dienstverlener die je naar de andere kant van de wereld helpt is nooit grappig. In de kerk een ham-kaas hostie bestellen is nooit grappig. Een homo aanrijden en daarna een ster in je voorruit, is nooit grappig Arno Theijs. Tegen je kind zeggen dat hij over 3 nachtjes slapen gisteren jarig was is nooit grappig Jean-Luc Huguenin. Sita die helemaal zichself ish, is nooit grappig Rick Strong.

Een imker bij je houden is nooit grappig Karin Pellekooren. Tegen je vriendin "m'n duifje" zeggen als die beesten weer je auto hebben ondergescheten is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Volkert van der G. Muntthee trekken van je kleingeld is nooit grappig Jean Luc Huguenin. Een busje van "Diana's Dildo's" dat bij jou een pakje komt bezorgen is nooit grappig Desirée Köhler.

Een oppasser die moet oppassen waar hij op past, is nooit grappig Hans van Vugt. Tegen je gymleraar zeggen dat je aan denksport doet is nooit grappig Sjon Oudejans. Tegen een Hell's Angel 'ga es opzij met je brommer! Een dove vragen wat beffen is, is nooit grappig hij heeft er nog nooit van gehoord Patrick Geelen. Maxima vragen of ze vaker kikkers kust, is nooit grappig Rinie Raymakers. Aan iemand met geheugenverlies vragen wat hij nou eigenlijk precies vergeten is is nooit grappig Karin Pellekooren.

In de boot genomen worden door een matroos is nooit grappig Tom Veldhuis. Als postbode je eigen bekeuring bezorgen is nooit grappig Jan van der Veen. Een sadist die zijn aan SM verslaafde vriendin niet wil slaan, is nooit grappig Irene Groeneveld. Als ik iets op mijn eigen eigenwijze wijze wijze doe, is het nooit grappig Jan Hoogendoorn.

Een loodgieter vragen of hij een lekkage kan maken is nooit grappig fam. Niet in een pashokje passen, is nooit grappig René Veltman.

De mededeling 'roken is minder dodelijk dan het oprichten van een politieke partij', is nooit grappig René Veltman. Een tandarts vragen of hij nog een gaatje heeft is nooit grappig Bastiaan Roubos. Maxima vergelijken met boerenkool omdat die pas echt lekker is als de vorst er over heen is geweest is nooit grappig ene Wim. Tegen Rick Engelkes zeggen dat je hem nog moest bedanken van je vrouw is nooit grappig Danny Bouman.

Een effectenhandelaar die z'n brood belegt is nooit grappig Sjon Oudejans. Een Australiër die op z'n kop staat, nooit grappig Hans van Vugt. Een vat bier leegdrinken en daarna fustfucken, is nooit grappig Arno Theijs. Een heroinehoertje op naaldhakken is nooit grappig Desirée Köhler. Zeggen dat de Gazastrook op een steenworp afstand ligt is nooit grappig Sjon Oudejans. Peter de Groot, je weet wel, die van het Rotterdamse literaire tijdschrift Krakatau, heeft weer een lijstje gestuurd:.

Stalkers die ver voor je uit lopen zijn nooit grappig. In je autobiografie een figurantenrol spelen is nooit grappig. Een balletje opgooien waar je zak omheen zit is nooit grappig. De krant halen, omdat hij niet gebracht wordt, is nooit grappig. Een schouderklopje die roos doet opwaaien is nooit grappig. Een geboortegolf met stuurbekrachtiging is nooit grappig.

Een dokter die zieke grappen beter maakt, is nooit grappig. Tegen iemand met hernia zeggen dat hij geen ruggengraat heeft is nooit grappig.

Een onbetaalbare nacht een goedkoop avontuurtje noemen is nooit grappig Moederkoekhappen op andermans verjaardag is nooit grappig. Mensen die kippenvel krijgen van haantjesgedrag zijn nooit grappig. Haat zaaien waar de oogst van mislukt is nooit grappig.

Kinderporno in een tekst verwerken om meer bezoekers op je site te krijgen is nooit grappig. Verzuipen in de Stille Oceaan, omdat je een zee van rust verwachtte, is nooit grappig. Een Gouden Regen bestellen en dan één en al gezeik over je heen krijgen, is nooit grappig. Ruzie krijgen met je partner, omdat je dacht dat je een slipperdag moest nemen, is nooit grappig.

Een boomerang die even een pakje sigaretten gaat halen en niet meer terugkomt is nooit grappig. Bij de Ikea informeren naar een zandbank van het type Smotse is nooit grappig. Met je fiets rijden waar je maar 80 mag, is nooit grappig. Een man die op straat per ongeluk yes roept als er een vrouw met grote borsten langsloopt is nooit grappig.

Een chagrijnige klootzak gezellig vinden omdat ie dik is is nooit grappig. Luieruitslag die eindigt in een gelijkspel is nooit grappig. Een genetisch gemanipuleerde banaasappel is nooit grappig. Fellatio pijpen in de volksmond noemen is nooit grappig. Een student die wiet verbouwt een teelbal noemen is nooit grappig. Vlak voor je dood je hele leven als een film voorbij zien komen en er achter komen dat het boek beter is, is nooit grappig Ron Bulters.

Vervoer hebben zodat je tòch nog naar de verjaardag van je schoonmoeder kan, is nooit grappig Susan Logher. Nooit grappige items schrijven in de kroeg terwijl je vrienden vrouwen versieren is nooit grappig Jerremy Dalman. Spaarloon naar werken krijgen, is nooit grappig Lars Mosch. De slaap niet kunnen vatten omdat je buren sinds kort een dakkapel hebben, is nooit grappig René Veltman. Een nichtje dat alleen solliciteert voor nevenfuncties, is nooit grappig Lars Mosch.

De Metro in de spits lezen en de Spits in de metro is nooit grappig Luuk Heuker. Ministers met Berouwfraude zijn nooit grappig Sjard v. Die laatste zin is er te veel aan. Wanneer echter na de dood van Pol en Kips Anna plots de hoofdpersoon van de roman wordt Anna, die daarvoor nauwelijks aan bod kwam , dan wordt dit door de lezer wel degelijk ervaren als een irritante breuklijn in de plot en als dit staartje van het boek dan ook nog voor niets anders blijkt te dienen dan voor het spuwen van wat anti-katholieke gal en het serveren van een bijzonder weinig overtuigende afloop de Verlossing van Pol via het doopsel van dat kereltje , dan krijgt diezelfde lezer het ongemakkelijk stemmende gevoel dat Elsschot hier naar het einde toe de pedalen danig verliest.

Dat Elsschot vooral in dit laatste deel overigens serieus tegen de schenen van de katholieken aan het stampen is anno ! De Verlossing , een slechts half geslaagde roman, wordt niet tot de belangrijkste werken van Elsschot gerekend, en in feite liet in weinig of niets vermoeden dat deze auteur twee jaar later een meesterwerkje als Lijmen uit de pen zou laten vloeien.

Monografieën over Vlaamse Letterkunde — nr. Enkele jaren na het eerder matige De Verlossing is het dan plots zover: Elsschot produceert voor de eerste maal een absoluut meesterwerkje. De inhoud van deze klassieker uit de twintigste-eeuwse Nederlandse letterkunde mag men geredelijk als bekend veronderstellen. Het gaat in feite om een raamvertelling. De verder anonieme ik-figuur ontmoet in een café toevallig een oude vriend, Frans Laarmans, die vervolgens bij hem Laarmans thuis uitgebreid en tot in de kleinste details het verhaal vertelt van zijn ontmoeting met Charles Boorman en diens professionele bezigheid, het lijmen.

Reeds op de derde bladzijde van het boek wordt dit fenomeen bij de nog niet begrijpende lezer geïntroduceerd:. De mensen bepraten en dan doen tekenen. En als zij getekend hebben, krijgen zij het ook werkelijk thuis.

Laarmans vertelt dan dat hij door Boorman werd aangenomen als diens secretaris en toekomstige opvolger en gaandeweg komt de lezer tot het inzicht dat deze Boorman verkoper is van gebakken lucht: In drie fasen, in feite evenzovele klaroenstoten die het Grote Evenement aankondigen, leren wij deze deontologisch verre van correcte handelwijze beter kennen.

Eerst is er de zaak van de Gentse begrafenisondernemer Korthals die Boorman op kosten jaagt naar aanleiding van het overlijden van diens schoonzuster maar vervolgens door Boorman teruggepakt wordt omdat hij reclame maakt met twee automobielen, één voor dodenvervoer en één voor ziekenvervoer, waarbij het echter om één en hetzelfde voertuig blijkt te gaan.

Boorman komt als absolute triomfator uit deze zaak te voorschijn. Vervolgens moet hij nochtans twee tegenslagen incasseren. Tijdens Boormans afwezigheid ontvangt Laarmans een zekere meneer Wilkinson die op het punt staat een grote bestelling te doen, maar nog net op tijd kan terugkrabbelen doordat hij ontdekt dat Laarmans de enige werknemer is op de redactiekantoren van het Wereldtijdschrift.

En wanneer Boorman en Laarmans de beddenverkoper Charles Van Ganzen proberen te lijmen, blijkt dat deze Boorman en zijn trucjes meteen doorheeft.

De tweede helft van de roman is volledig gewijd aan de zaak Lauwereyssen. De firma Lauwereyssen is een in keukenliftjes gespecialiseerde smidse die gerund wordt door een oude dame met een ziek been en haar wat simpele broer.

Die broer blijkt echter meer gezond verstand te hebben dan zijn zuster, want deze laatste laat zich door Boorman compleet inpakken en bestelt niet minder dan Wat zij daarna ook spartelt, de Waarbij Laarmans als oefening iedere keer het geld ter plaatse moet gaan ophalen. De raamvertelling wordt gesloten wanneer Laarmans meedeelt dat hij het Wereldtijdschrift van Boorman heeft overgenomen. Hij vraagt nu aan de ik-figuur of deze op zijn beurt secretaris van het Wereldtijdschrift wil worden, maar deze laatste vlucht walgend het huis uit.

Elsschots vierde roman illustreert op een grandioze en cynische wijze de hypocrisie, het bedrog en de immoraliteit die het zaken- en reclamewereldje regeren. Dat gebeurt zo knap dat een aantal ingrediënten van de roman ondertussen klassiekers in het genre zijn geworden: En dat eindigt dan met de volgende treffende en bovendien ook heel goed geschreven passage:.

Ieder wil nummer één zijn of ten minste doorgaan voor nummer één. De meesten gaan er nog liever voor door dan zij er op gesteld zijn het werkelijk te wezen.

Jezus Christus, die gepraat heeft als had hij de wijsheid in pacht, heeft daar niets aan veranderd. En daar de massa van die duivel bezeten is, richten de sluwe jongens van de negotie er zich op in. Alles schittert, alles is goed, alles is beter dan elders. Af en toe gaat er wel een naar de kelder, maar met een slag van zijn staart komt hij weer aan de oppervlakte, zolang er enige veerkracht in zit. En van die pientere broederschap moet ik het nu hebben.

En dan heel cynisch, een bladzijde verder: Wees beleefd tegen je klanten, want het zijn je vijanden, vergeet het niet. Zij laten slechts los wat je ze ontwringt en behouden alles waar je niet voor opkomt met je leven. Alfons De Ridder, alias Willem Elsschot, was anno natuurlijk heel goed geplaatst om dit gif met kennis van zaken te spuien, want zoals Lut Missinne ons meedeelt: De roman Lijmen ligt ons overigens ook na aan het hart omdat we hem in ons eigen leven al meer dan één keer in het echt zijn tegengekomen.

Na onze legerdienst werkten wij gedurende enkele maanden voor het Antwerpse, in transport gespecialiseerde vaktijdschrift Transport Echo en dat was eigenlijk het Algemeen Wereldtijdschrift revisited. En dan was er [ gecensureerde passage ] In een interview met De Morgen uit zei dochter Ida De Ridder in dat verband over de tijd toen zij op het atheneum zat:. Villa des Roses , Een ontgoocheling , De verlossing en Lijmen. Tussen vuiligheid en rommel. Nee, hij had afscheid genomen.

Dat is de overschot, moet hij hebben gedacht. Er werd nooit meer over Elsschot gesproken. Hij was zich goed bewust van zijn kunnen en de grootheid van zijn werk. Maar het verkocht niet. Guido Goedemé heeft misschien een verklaring: Deze roman, reeds in geschreven volgens de inzichten van de Nieuwe Zakelijkheid, wekt vooralsnog bevreemding; het boek staat buiten een Vlaamse traditie.

Daarom wordt het vrij laat algemeen als waardevol erkend. En wellicht speelden anno ook de sneren naar Christus en God zie de citaten hierboven een belemmerende rol bij de receptie.

Vandaag zijn Elsschot en zijn Lijmen echter terecht al lang gecanoniseerd. Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige literatuur na , november , pp. Ofschoon de film bijna drie uur duurt, is de plot naar verluidt gebaseerd op een stripreeks van Julie Maroh redelijk eenvoudig en rechtlijnig. De vijftienjarige Adèle, die op de middelbare school vooral in literatuur is geïnteresseerd, ontdekt na haar eerste seksuele ervaring dat ze meer van meisjes dan van jongens houdt en dat gevoelen wordt bevestigd als ze een tijdje later verliefd wordt op de enkele jaren oudere kunststudente Emma, een tomboy met blauw geverfde haren.

Tussen Adèle en Emma ontstaat een relatie vol liefde, passie en lichamelijk genot die jaren blijft voortduren. Emma is ondertussen schilderes geworden en Adèle eerst kleuterjuffrouw, dan onderwijzeres. Al durft Adèle noch tegen haar ouders, noch op school iets verklappen over haar lesbische geaardheid: Tot meer en meer blijkt dat de sociaal-culturele context van Adèle en Emma toch nogal verschilt.

Als Emma dat ontdekt, gooit ze Adèle — tot grote wanhoop van deze laatste — zonder pardon op straat. Jaren later spreken ze nog eens een keer af in een restaurant, waar ze aan een vrijpartij beginnen want Emma heeft Adèle al lang vergeven en verlangt nog naar haar die echter halverwege door Emma afgebroken wordt want ze is nu met iemand anders.

Een vriendelijke allochtoon, waarmee ze op een feestje al een keer een goed gesprek had, loopt haar zoekend achterna, maar Adèle is reeds om de hoek verdwenen. Zou Abdellatif Kechiche, wiens vierde film dit is, zich met zijn Tunesische roots in dat allochtone personage geprojecteerd hebben?

Het heeft weinig belang, net zomin als het feit dat de plot zich afspeelt in het Noord-Franse stadje Lille, waar wij toch een zekere band mee hebben, al was het slechts omdat het oorspronkelijk een Vlaamse stad was kijk maar naar de straat waar Adèle op het einde doorloopt: Twee maal zagen wij een zeer degelijke prent die volledig — maar dan ook volledig — gedragen wordt door de uitstekende acteerprestaties van de twee hoofdrolspeelsters, Léa Seydoux als Emma en Adèle Exarchopoulos als Adèle.

We moeten dit gegeven nogmaals beklemtonen, omdat Kechiche het hen niet gemakkelijk heeft gemaakt. En we hebben het dan niet over de twee veel te lang durende seksscènes met Emma en Adèle in het midden van de film, maar wel over het feit dat de regisseur niet alleen een voorkeur blijkt te hebben voor abrupte cuttings, maar ook voor het gebruik van de close-up.

Wat van de hoofdactrices bijna constant het uiterste vergt, maar hun mimiek beheersen ze méér dan perfect. Léa Seydoux met haar zelfverzekerde glimlachjes die ze afwisselt met van die wazige en halfverslaafd ogende blikken opzij, maar vooral ook Adèle Exarchopoulos met haar onzeker heen en weer schietende oogopslagen en dat beteuterd openhangende mondje waardoor haar volle, sensuele lippen nog meer opvallen. Zouden sommigen deze film zo hoog aanslaan omdat ze heimelijk een crush hebben op deze Adèle?

En als dat zo is, waarom ook niet, zoiets is toch niet verboden? Feit is dat zowel Emma als Adèle prima gecast zijn. En ook al gebeurt er niet echt zo heel veel in de film, vooral op het einde, tijdens dat lange tafelgesprek in het café wanneer Emma en Adèle weer even nader tot elkaar komen maar Emma van haar hart een steen maakt, zal menige toeschouwer het lastig krijgen om zijn of haar eigen emoties onder controle te houden, want die sequens is me eventjes ontroerend!

Wat natuurlijk een pluim is op de hoed van de regisseur met tegelijk een dikke proficiat richting beide hoofdactrices. Niet alles in dit coming-of-age-verhaal ja, het is er wéér een heeft even veel impact en sommige scènes hadden korter gemogen, maar anderzijds is er toch over vele dingen nagedacht in het begin het lezen van een boek van Marivaux bijvoorbeeld waarin op zoek wordt gegaan naar de psyche van de vrouw, of het lezen in de klas van een gedicht waarbij de vraag aan bod komt of de natuur slecht of goed is en zitten er behalve die caféscène op het einde nog enkele onvergetelijke momenten in de film Adèle die tegen haar zin oesters eet bij de ouders van Emma, de ruzie tussen Emma en Adèle.

We blijven vinden dat de film met zijn minuten iets te lang duurt en geven dus drie-en-een-halve ster. Op een winteravond vindt Seligman, een Joodse vijftiger, de in elkaar geslagen nimfomane vrouw Joe in een steeg in de buurt van zijn huis en neemt haar mee naar binnen, waar hij luistert naar haar levensverhaal. De film is verdeeld in hoofdstukken, waarvan de titels telkens expliciet op het scherm verschijnen.

In hoofdstuk I The complete angler zien we hoe Joe als vijftienjarige op haar eigen verzoek haar maagdelijkheid verliest bij een of andere nozem en hoe zij op de trein een wedstrijdje doet met haar vriendin B: Wie wint, krijgt een zakje snoep. Dit hoofdstuk wordt telkens onderbroken door Seligman die dan het dient gezegd: In hoofdstuk II Jerome wordt Joe lid van een nimfomanenclubje met als motto mea vulva, mea maxima vulva af en toe is Von Trier inderdaad wel eens koddig en komt ze als secretaresse terecht in het drukkersbedrijfje van ene Jerome, een vroeger neukvriendje dat nu plots geen seks met Joe mag hebben en op wie ze een beetje verliefd wordt.

Jerome trouwt echter en trekt naar het buitenland. In hoofdstuk III Mrs. H krijgen we een lange scène die op zich niet zou misstaan in een of ander provinciaal toneelstukje. Joe, die hele reeksen mannen neukt, geeft een getrouwde man om halfzeven de bons want om zeven uur komt er een andere kandidaat, maar de getrouwde laat een kwartier later zijn vrouw zitten en wil intrekken bij Joe. Een minuut later staat zijn vrouw daar met hun drie zoontjes en terwijl die andere kandidaat een jonge kerel er ook nog bijkomt, steekt die bedrogen echtgenote een lange, cynische litanie af die iedereen inclusief de toekijkende filmzaal met dichtgeknepen billen zit te bekijken.

Hoofdstuk IV Delirium is plots gefilmd in zwartwit en hier maken we mee hoe de vader van Joe in het hospitaal sterft aan een delirium. Die vader, die ook in andere hoofdstukken van de film regelmatig begint te zeuren over bomen vooral over de es en de eik en over hoe ze in de winter op zielen lijken, doet heel de filmzaal keihard schrikken door plots heel hard en onverwacht de naam van zijn vrouw te roepen, maar even later nadat Joe nog een paar werknemers van het ziekenhuis heeft gevogeld is hij toch dood.

In hoofdstuk V The Little Organ School worden de seksavontuurtjes van Joe op een verschrikkelijk pedante en artificiële manier vergeleken met polyfone muziek, maar uiteindelijk ontmoet zij Jerome opnieuw en zij vormen een koppel.

Deel I eindigt met een seksscène waarin Joe huilend zegt: Ondanks enkele opmerkelijke en zelfs niet onaardige sequensen de zaadman in de trein, Mrs. H en de muziek van Rammstein in de begin- en eindgeneriek maakt dit eerste deel een bijzonder onsamenhangende en gaandeweg meer en meer vervelende indruk.

Dat die Seligman met zijn irritante, pseudo-diepzinnig en pseudo-filosofisch geneuzel het verhaal voortdurend onderbreekt, is daar zeker niet weinig debet aan. Von Trier tracht de kijker wel wakker te houden via allerlei cinematografische gimmicks die deels afgekeken zijn van Quentin Tarintino: Een briljante indruk maakt het nochtans allemaal niet, en dan zwijgen we nog over het in flitsen tonen van — zonder uitzondering bijzonder lelijke — pornografische beelden, wat verschrikkelijk branieachtig-puberaal overkomt.

Dat Charlotte Gainsbourg die de volwassen Joe speelt en Stacy Martin de jonge Joe allebei onaantrekkelijke magere sprieten zijn en op een ontzettend enerverend lijzig toontje praten, daar kunnen zij natuurlijk niet aan doen, maar alles tezamen maakte dat wel dat we na onze bioskoopvisie van deel I in januari nog weinig zin hadden om aan een bioskoopvisie van deel II ook nog eens geld te besteden.

In deel II is er plots van Rammstein of van die cinematografische gimmicks geen sprake meer. Hoofdstuk V loopt nog even door. Joe is nog steeds samen met Jerome en betreurt dat ze geen orgasmes meer kan krijgen.

In een flashback zien we hoe Joe tijdens een schoolreisje op twaalfjarige leeftijd leviteert terwijl ze een spontaan orgasme krijgt en tegelijk een visioen van Messalina vrouw van keizer Claudius en de Hoer van Babylon.

Joe ontdekt ook dat Seligman een maagd is. The silent duck steekt Joe, die samen met Jerome een restaurant bezoekt, eerst een resem lepels in haar vagina, later wordt ze zwanger en baart met een keizersnede een zoontje Marcel. Jerome vraagt Joe of ze ook andere mannen wil neuken en dan zijn we plots drie jaar later vanaf nu neemt Charlotte Gainsbourg het over van Stacy Martin, wat de pornoscènes betreft natuurlijk met stand-in.

Joe heeft op een hotelkamer halve seks met twee negers die echter in een of ander koeterwaals ruzie beginnen te maken met elkaar een grappige scène, ondanks het brutaal in beeld brengen van de erecte zwarte lullen , we krijgen ook nog wat saaie gesprekken tussen Joe en Seligman en dan gaat Joe een aantal malen op bezoek bij een kerel die blijkbaar gratis en op afspraak masochistische vrouwen van het nodige geweld voorziet.

Joe moet van hem een paardenzweepje kopen en krijgt ook nog een ander soort zweep als kerstcadeau en als zij op een keer veertig Romeinse slagen op haar billen krijgt, bereikt zij eindelijk weer een orgasme. Marcel ligt echter alleen thuis, Jerome ontdekt dat en gooit Joe buiten, het kind komt in een pleeggezin terecht. In het achtste en laatste hoofdstuk The Gun wordt ze een soort van criminele deurwaarder die op illegale wijze en met de hulp van geweld schuldenaars tot betalen moet dwingen.

Eén van die schuldenaars is een pedofiel die Joe op de knieën krijgt door hem een verhaaltje te vertellen, waarna ze hem pijpt, want ze had medelijden met hem.

Via één van de gesprekken met Seligman geeft Von Trier Joe dan de kans om een lans te breken voor alle pedofielen in de wereld die wel pedofiel zijn, maar daar een heel leven lang tegen vechten en niemand kwaad doen. Iemand van slechte wil zou kunnen vermoeden dat het een oratio pro domo is.

Joe wordt stilaan rijker van haar job maar haar grote baas raadt haar aan een opvolgster te zoeken. Dat wordt een jong meisje uit een kapot gezin. Op een andere keer blijkt Jerome de schuldenaar van dienst te zijn. Joe laat het vuile werk over aan P zoals het meisje genoemd wordt omdat zij nog verliefd is op Jerome, maar als P seks blijkt te hebben met Jerome, besluit Joe hem te doden met het wapen van P.

De moordpoging in de steeg bij Seligmans huis mislukt echter omdat Joe het pistool vergat op te spannen en zij wordt door Jerome in elkaar geslagen. Vóór haar ogen neukt Jerome P nog even hier zijn de cijfertjes weer: Joe besluit dat ze in haar verdere leven geen seks meer nodig heeft, Seligman zegt dat ze opgekomen is voor haarzelf als een man en een voorbeeld is voor alle verdrukte vrouwen in de wereldgeschiedenis en dan gaat Joe slapen.

Wat later komt Seligman in zijn hemd opnieuw de kamer binnen en tracht Joe te penetreren. Joe schiet hem neer met het pistool dat ze nu niet vergeet op te spannen. Alleen al de samenvatting van de plot van deze film toont aan dat alles met haken en ogen aan elkaar hangt, van de hak op de tak springt en dus op de duur in het tweede deel nog veel meer dan in het eerste mateloos gaat vervelen, ondanks de constante pogingen van de regisseur om de toeschouwer te epateren met pornografische scènes en situaties die overigens ofwel genant, ofwel puberaal overkomen, nooit opwindend.

Von Trier die de plot zelf verzonnen heeft toont hier volgens ons nogmaals dat hij een warhoofdige sofnar is die weliswaar af en toe wel een leuk narratief of visueel ideetje heeft, maar niet in staat blijkt daar een kunstig geheel mee te breien. Bovendien werpen sommige elementen uit deze film onvermijdelijk de vraag op of die Lars Von Trier ze wel allemaal op een rijtje heeft in zijn bovenkamer. Of is het gewoon zo dat hij in deze film brutaalweg een aantal van zijn persoonlijke seksuele frustraties en obsessies geventileerd heeft en blijft hij uiteindelijk toch genoeg gezond verstand overhebben om dat allemaal lekker commercieel uit te buiten?

Haar hees gefluisterde versie van Hey Joe in de eindgenerieken heeft overigens wel iets, daar niet van. In verband met dat als actrice gevraagd worden door Von Trier nog iets grappigs nou ja, grappigs.

We hadden indertijd toch opgevangen dat onze Vlaamsche Lien Van De Kelder ook zou optreden in deze prent? Wel, wat lezen we in de kleine lettertjes van de aftiteling? Clerk in horse shop: Lien Van De Kelder. Het grappige is dan dat die scène nergens in de film te bekennen is, ongetwijfeld geschrapt door Von Trier. Misschien krijgen we die scène alsnog te zien in de langere, ongecensureerde versie van Nymphomaniac die ons nog te wachten staat.

Als we die ooit te zien krijgen, want wie interesseert het in feite nog? De zoveelste van Brusselmans, want wie kan ze nog tellen, het zijn er vast al meer dan zestig. Dat speelt allemaal onmiskenbaar mee in dit boek al heet Tania deze keer Poppy, Eddie is het hondje en de journaliste wordt Manon genoemd. Maar levert het ook een goede roman op? Op pagina staat: De eerste vier hoofdstukken bladzijden kan je beschouwen als een vlucht van de auteur, weg van de pijnlijke realiteit, richting fictie en fantasie.

Helaas kiest Brusselmans hier voor een onsamenhangende, absurdistische schrijfstijl, zoals hij ook regelmatig doet in zijn columns voor kranten en tijdschriften wanneer hij weer eens niet weet wat schrijven. Je krijgt dan een aaneenrijging van non-sequiturs en eindeloos geleuter met een heel dunne verhaaldraad die nauwelijks of niet waarneembaar is. In het eerste hoofdstuk trekt de ikpersoon een tijdje op met een slecht zingende negerin, Paraplubak Bongo Bongo, die moet gaan optreden in Waarloos, en in de volgende hoofdstukken passeren nog een aantal meisjes, maar boeien doet het allemaal niet, door die van de hak op de tak springende stijl verloopt de leesact bijzonder moeizaam wat zeker niet altijd het geval is in andere boeken van Brusselmans en helaas nogmaals zijn de links en rechts ondernomen pogingen tot humor ronduit abominabel.

We herinneren ons nog dat de recensent van Knack Focus omtrent dat laatste hoofdstuk iets schreef in de trant van we hebben de tekst niet meer bij de hand: Dat laatste hoofdstuk is gelukkig iets leesbaarder dan de vorige vier en het mag dan al een delicate thematiek aanraken met kanker en met liefde valt nooit te spotten , maar literair gezien staat het op een even laag niveau als de rest van het boek.

Wij hebben het al meer gezegd en we blijven erbij: Dit keer heeft Brusselmans in elk geval bladzijden bagger geproduceerd. Edited with and English translation.

Liefde of De retorica van de verleiding. Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien. In boek I I. Een Latijns prozatraktaat over de liefde. De meest voorkomende titel in de handschriften is De amore Over de liefde. Andere titels zijn Tractatus de amore , Liber de amore , Galteri de amore en Liber amoris [1]. Hoogstwaarschijnlijk werd deze tekst geschreven rond het midden van de jaren [2].

Walsh vermeldt twaalf bewaarde handschriften []. Acht hiervan dateren uit de vijftiende eeuw, drie uit de veertiende eeuw en één uit de dertiende eeuw. Afgezien van enkele inleidende hoofdstukken, waarin onder meer gesteld wordt dat liefde alleen kan bestaan tussen personen van verschillend geslacht en dat mannen ouder dan zestig en vrouwen ouder dan vijftig nog wel seks kunnen hebben, maar geen liefde meer kunnen ervaren, bestaat dit eerste boek hoofdzakelijk uit acht lange en ook bijzonder langdradige modelconversaties tussen verschillende soorten koppels.

Aan bod komen gesprekken tussen een gewone man en een gewone vrouw, tussen een gewone man en een edeldame, tussen een gewone man een dame van hogere adel, tussen een edelman en een gewone vrouw, tussen een edelman en een edeldame, tussen een man van hogere adel en een gewoon meisje, tussen een man van hogere adel en een edeldame, en tussen een man van hogere adel en een dame van hogere adel.

Opmerkelijk in dit laatste gesprek is dat op een bepaald moment de vraag wordt gesteld wat een minnaar het eerst moet nastreven in de liefde, het bovenste of het onderste gedeelte van zijn geliefde, en dat het dan de edelman is die zegt: In deze laatste dialoog gaat het ook over de vraag of liefde kan bestaan binnen het huwelijk.

Voor het antwoord raadpleegt men per brief Marie van Champagne, die als haar oordeel geeft dat liefde en huwelijk onverenigbaar zijn. In de laatste hoofdstukjes wordt gesteld dat klerken zich beter niet met de liefde bezighouden, en wordt het beminnen van nonnen, van vrouwen die op geld uit zijn, van te veel op seks beluste vrouwen, van boerinnen en van hoeren afgekeurd. Dit hele eerste boek maakt, afgezien van een enkele passage zoals die over het onder- en het bovenlijf , een uitermate vervelende indruk.

Het eerste boek behandelde de vraag hoe de liefde kan gewonnen worden, het tweede boek behandelt eerst de vraag hoe de liefde kan bewaard en verdiept worden. Vervolgens wordt ingegaan op de vraag hoe de liefde vermindert en ten slotte eindigt. Aan bod komen ook de vragen hoe men wederzijdse liefde kan herkennen en hoe het zit met minnaars die elkaar ontrouw zijn. Grote wijsheden of interessante wetenswaardigheden zijn ook in dit deel niet te vinden.

Het laatste deel bestaat uit een heel kort Arturromannetje dat eindigt met 31 liefdeswetten. Ook dit tweede boek maakt een erg saaie totaalindruk. Het derde boek is plots compleet anders van toon dan de twee voorgaande: Liefde en seks buiten het huwelijk worden scherp veroordeeld: Een heleboel slechte eigenschappen en nadelen van de liefde worden opgesomd. Vervolgens wordt bladzijden lang uitgevaren tegen de slechtheid en de ondeugden van de vrouwen, waarbij Andreas werkelijk alle registers van de middeleeuwse misogynie opentrekt.

Dat gaat dan bijvoorbeeld zo: Maar hoe daadkrachtig een man op dat terrein ook is, nooit zal hij de potentie hebben om de lust van welke vrouw dan ook te doen afnemen'. De lyriek van de troubadours heeft bijvoorbeeld manifest invloed op hem uitgeoefend.

Men is het er echter niet langer over eens of het concept van de hoofse liefde wel echt leefde in de twaalfde eeuw. Men is van oordeel dat de amour courtois wel bestond als literair fenomeen, maar dat het geen echte levenshouding was. De ontkenning van het bestaan van echte liefde binnen het huwelijk is duidelijker aanwezig bij Andreas zie b.

De De amore is in de eerste twee boeken een merkwaardige mengeling van bekende ideeën en vormen, samengeraapt uit verschillende bronnen Ovidius, Arturromans, debatten in de volkstaal, geleerde Latijnse poëzie, troubadourspoëzie. De harde veroordeling van de liefde in het derde boek staat in de traditie van de christelijke apologetische auteurs [12].

Dit derde boek verschilt niet alleen van de eerste twee qua inhoud, maar is ook totaal anders van toon agressiever. Andreas spreekt zelf van een duplicam sententiam twee verschillende visies [III. Het is nochtans merkwaardig dat zijn naam na verdwijnt in de documenten van het hof van Champagne te Troyes, wat zou kunnen duiden op een breuk met Marie de Champagne []. De amore is gericht aan een vriend van Andreas, een zekere Gualterus Walter , maar men is er niet in geslaagd deze te identificeren.

Misschien gaat het hier om een literair trucje. Aangezien Marie de Champagne vermoedelijk niet zo goed Latijn kon, is het onwaarschijnlijk dat het boek rechtstreeks voor haar geschreven is, al zijn er duidelijk een aantal elementen die verwijzen naar het hof van Champagne.

Aannemelijk is in elk geval dat Andreas zijn De amore in de eerste plaats schreef voor een publiek van klerken dat zijn niet altijd eenvoudig Latijn kon appreciëren []. We hebben hier dus blijkbaar te maken met hofliteratuur, maar met een sterk klerikaal accent. Onze verwachting dat De amore zou kunnen gelezen worden als een soort handleiding bij de hoofse liefde, is niet uitgekomen. Zoals Joachim Bumke in al stelde: Dat vermindert zijn betekenis weliswaar niet.

Geen ander literair werk uit deze tijd geeft ons zulke nauwkeurige informatie over de grote rol die de discussie van liefdesvragen in de Franse hofhouding van de 12e eeuw heeft gespeeld'. De manier waarop in het derde boek met de vrouwen de vloer aangeveegd wordt, is zó bij de haren getrokken, dat hier toch nog enig leesplezier te rapen valt. De volkomen tegengestelde visie van enerzijds boek I en II, en anderzijds boek III, roept natuurlijk de vraag op wat nu eigenlijk het standpunt van Andreas zelf was.

Men mag daarbij niet uit het oog verliezen, zoals Bumke reeds signaleerde, dat Andreas het thema van de liefde behandelt op scholastieke wijze, wat betekent dat men een onderwerp uitgebreid bekijkt vanuit twee verschillende standpunten zonder dat daarbij het ene als juist en het andere als fout wordt voorgesteld.

Er is veel maar toegegeven: In het derde boek zou hij dan, als priester, het traditionele standpunt van de Kerk hebben vertolkt. Op de internetsite http: Delahoyde citeert in dit verband E. Nou ja, zeker zullen we het wel nooit weten. Net zoals bij de Roman de la Rose moet men in elk geval zeer voorzichtig zijn bij het citeren van puntige uitspraken in verband met liefde en seks uit De amore , zeker wanneer het gaat om die dialogen uit boek I: En eigenlijk geldt hetzelfde voor de rest van het boek.

Literatuur en samenleving in de volle Middeleeuwen. Een alien komt terecht op de aarde meer bepaald in Schotland en neemt daar de gedaante aan van een knappe aardse vrouw meer bepaald Scarlett Johansson.

Zij rijdt rond in een van en pikt mannen op. De eerste twee lokt zij mee naar ergens binnenshuis waar zij achter haar aanlopen en langzaam verdwijnen in de blubberachtige, viskeuze vloer. De derde is een man met een elefantiasiskop en die komt eerst naakt in een veld buiten de stad terecht om dan in de koffer van een auto te verdwijnen. Laat u alstublief niet misleiden door snobistische recensenten die deze film drie, vier of zelfs vijf sterren cadeau geven want Under the skin is echt waar niet meer dan een onvervalste vervelende kutfilm alhoewel sommigen er misschien ten onrechte een cultfilm van zouden willen maken met een scenario dat compleet staat als een tang op een varken: Heeft deze prent dan helemaal niets te bieden?

Bovendien hebben wij dankzij deze film meer kunnen zien van Schotland dan toen we er in juli zelf drie weken ronddwaalden, want toen regende het bijna de hele tijd. Maar om daarom nu dit pretentieuze, arty-farty rotding meer dan twee sterren te geven, nee! The Juliette Society , ]. Sasha Grey ° is een Amerikaanse ex-pornoactrice zij was actief tussen en die nu een erotische roman heeft geschreven.

Ja, zo is het natuurlijk gemakkelijk om een uitgever te vinden! Nochtans doet Sasha op de achterflap flink haar best om er zo braaf en truttig mogelijk uit te zien en ook de cover oogt eerder onschuldig: De uitgeverij zal gedacht hebben: Nu, wij hebben geen werkimmanent onderzoek gedaan naar de verzamelde filmografie van Miss Grey, we kennen haar enkel van een via cyberspace tot ons gekomen gespecialiseerde vignette uit , waarin zij samen met ene Kelly Divine in volle glorie te bewonderen is.

Ofschoon de achterflap bazuint dat Greys carrière in de pornowereld flitsend was en dat haar klim naar de top van de erotische ladder werd bijgehouden door een groeiend aantal media, blijkt er noch in verband met haar ontblote fysiek noch naar aanleiding van haar erotische prestaties vóór de camera iets speciaals te melden, of het moest zijn dat ze een aardig potje kan vuilbekken en dat ze geen bezwaar lijkt te maken tegen anaal verkeer.

In een interviewtje met Jan Herregods dat op 14 februari verscheen in Metro, zegt Grey: Alsof dat verleden in dit geval een hinderpaal zou zijn!

En bovendien is Greys zonet vernoemde talent om te vuilbekken haar goed van pas gekomen in deze roman, want zij neemt hoegenaamd geen blad voor de mond en menige passage in haar boek kan niet anders dan hardcore porno genoemd worden, ook al zijn die passages een stuk gesofistikeerder en fijner geslepen dan het o yes, fuck my ass -niveau uit het filmpje dat wij zagen.

Dat Grey moeite heeft gedaan om de loutere trivialiteit van een simpel pornoromannetje te overstijgen, blijkt overigens niet alleen uit het plotje dat zij heeft verzonnen en de dosis cultuur vooral filmcultuur die zij in haar tekst heeft geïnjecteerd, maar eveneens uit bladzijden waarin zij het vrouwelijke hoofdpersonage als het ware laat filosoferen in de breedste zin van het woord over pikante dingen, zoals bijvoorbeeld haar voorliefde voor en omgang met sperma bijna vier bladzijden lang, van pagina 62 tot 65 en internetporno van pagina 78 tot Verfrissend om zulke zaken uit de pen van een vrouwelijke auteur te horen vloeien, en men heeft werkelijk de indruk dat het hier niet gaat om een commerciële pose, maar dat zij het echt meent.

En ook de onverholen satire op sensatiegerichte Amerikaanse emoshows in hoofdstuk 17 geeft het verhaal een zekere meerwaarde. Dat vrouwelijke hoofdpersonage is overigens een zekere Catherine die studeert aan de filmschool, samenwoont met haar vriendje Jack en bevriend is met collega-studente Anna. Bundy komen ze terecht op een orgie van het Juliette-genootschap, een geheime vereniging van rijke en belangrijke personen die ongestoord hun lusten botvieren.

Tegen betaling, zoals Catherine tot haar ontsteltenis achteraf merkt er zit een bundeltje geld in haar tas. In de tweede helft van het boek blijkt echter dat Grey totaal incompetent is om een overtuigende romanstructuur op poten te zetten. Om een onduidelijke reden verdwijnt Anna en met Jack, op wie Catherine blijkbaar echt verliefd is, komt het weer goed.

Zij gaan samen logeren bij Bob DeVille thuis, alwaar zij tijdens de afwezigheid van de gastheer en zijn vrouw naaktzwemmen en anale seks bedrijven. Wat we nog niet vermeld hebben, is dat de loop van het verhaal regelmatig onder meer in de hoofdstukken 13, 14 en 19 onderbroken wordt door erotische droomfantasieën van Catherine die narratologisch gezien de plot alleen maar verwarrend maken en eigenlijk alleen maar bedoeld lijken om nog wat meer seks in het boek te pompen.

Het wordt allemaal nog verwarrender wanneer Catherine in het lange voorlaatste hoofdstuk 21 op zoek gaat naar Anna en terechtkomt in een villa van het Juliette-genootschap. Deze bevindt zich boven een soort onderwereldgrot, een soort mengeling van een vals paradijs en de hel, waarin Catherine afdaalt en allerlei kinky erotische taferelen aanschouwt, tot zij uiteindelijk seks heeft met Bob DeVille en zij elkaar beurtelings om een of andere reden proberen te wurgen. Hoofdstuk 21 zou op zichzelf wellicht dienst kunnen doen als script voor een arty-farty pornofilm, maar binnen deze roman slaat het niet weinig als een tang op een varken en komt het alleen maar nodeloos ontregelend over.

Dat de achternaam van Bob DeVille expliciet in verband wordt gebracht met het woord devil komt de hele zaak nog wat wolliger maken, net als Bobs uitleg op pagina Horen we daar zowaar een echo van Jeroen Bosch? In het laatste hoofdstukje, dat de indruk maakt snel even een slot te willen breien aan alle daarvoor verzamelde ongein, wint Bob de verkiezingen en heeft Jack uitzicht op een mooie functie, op voorwaarde dat Catherine haar mond houdt over Bobs geheime uitspattingen.

Dat moet dan uitmonden in een soortement diepere thematiek. Met de woorden van ikverteller Catherine: En ik ben nog jong. Maar ik zal ook mijn hele leven met dit besef moeten leven. Ik kan niet zeggen dat ik blij ben met dat vooruitzicht.

Seks en macht, samen vormen ze een niet onaardig motiefkoppel, maar de wijze waarop het hier door Grey vorm werd gegeven, is — no pun intended — om met ballen naar te gooien. In verband met de zwakke structuur van deze roman zouden we ook kunnen signaleren dat er weinig of niets functioneels gedaan wordt met die droomfantasieën of met die filmdocent Marcus, die in het begin nogal veel te veel aandacht krijgt en op het einde compleet achter de horizon verdwijnt, maar Het Juliette Genootschap wordt geplaagd door nog andere minpunten.

Grey produceert voortdurend van die eenvoudige korte zinnetjes die in een kleuterboek niet zouden misstaan. In de marge van zijn interview noteerde Jan Herregods: Veel humor hebben we nochtans niet kunnen ontdekken. Op pagina misschien, waar Catherine in die onderwereldgrot een beeld beschrijft van een sater die een geit neukt: Ze ligt op haar rug, met de poten in de lucht. De geitman neukt haar en trekt tegelijkertijd aan de baard.

En de geit, nou, die lijkt niet verschrikkelijk blij te zijn met de hele situatie. Dat moet ik er wel bij zeggen. Ze ziet er zelfs doodsbang uit. Vermeldenswaard is ten slotte ook de aandacht die Catherine en via haar de auteur besteedt aan films. Het geeft niet enkel zowaar een intellectualistisch cachet aan het verhaal want de films die vermeld worden, zijn niet zomaar de eerste de beste: Grey verknoeit deze gimmick echter doordat ze geen maat weet te houden: Men leze bijvoorbeeld de laatste bladzijde waar de tekst voor bijna negentig procent alleen maar bestaat uit verwijzingen naar twee verschillende films, vlak achter elkaar.

Op die manier sluit Het Juliette Genootschap manifest aan bij het rijtje erotische romans van vrouwelijke auteurs die de laatste jaren op het lezerspubliek werden losgelaten à la Het seksuele leven van Catherine M.

Net zomin als Catherine Millet en E. James is Sasha Grey een dommerdje en het is verre van onaangenaam te merken dat ook vrouwelijke auteurs op een bevrijdende en ongeremde wijze over seks kunnen schrijven, maar helaas blijkt nogmaals dat voor het schrijven van een geslaagde erotische roman nog wat meer vereist is dan een geile fantasie en een vuilbekkend smoeltje.

Deze derde film van de in in Arkansas geboren Jeff Nichols zijn vorige films waren Shotgun Stories uit en Take Shelter uit begint boeiend, intrigerend en zelfs ietwat geheimzinnig. Twee veertienjarige jongens, Ellis en Neckbone, ontdekken op een eilandje in de Mississippi een kerel die blijkbaar op de vlucht is voor de politie en een voorlopige schuilplaats heeft gevonden in een bootje dat daar in een boom hangt het gevolg van een overstroming.

Hij zegt dat hij Mud heet en beweert dat hij zit te wachten op zijn vriendin. De nieuwsgierigheid van de kijker is gewekt wie is die met een revolver gewapende man en zijn de jongens, die hem eten bezorgen, wel veilig bij hem? Mud blijkt ook een beetje spiritueel, of is het eerder bijgelovig, te zijn: Gaandeweg krijgt de film ook een duidelijke thematiek mee, die draait rond liefde en geborgenheid in het gezin. Mud wordt nu niet alleen gezocht door de politie maar ook door de familie van die vermoorde kerel en wanneer Juniper in het dorpje arriveert, verschijnt ook al snel die familie, op zoek naar bloedwraak.

Mud beweert dat hij net als Neckbone zijn ouders nooit heeft gekend, maar aan de overkant van de stroom woont een oude man, Tom Blankenship, van wie we kunnen vermoeden dat hij de vader van Mud is.

Hij wil nochtans zijn zoon niet helpen, omdat hij teleurgesteld in hem is. Ellis, die duidelijk belangrijker is in het verhaal dan Neckbone, wil Mud wel helpen, omwille van diens liefde voor Juniper. Het in de boom hangende bootje wordt met de hulp van de jongens hersteld en op een dag zullen zij Juniper naar het eilandje brengen, zodat zij met Mud kan vluchten.

Zij is echter niet op de afspraak en wordt door de jongens betrapt als zij hangt te flirten in een of andere bar. Mud laat haar dan een briefje bezorgen waarmee hij een einde maakt hun relatie, tot grote teleurstelling van Ellis die terug op het eiland kwaad wegloopt van Mud, in een beek valt en gebeten wordt door één van die slangen.

Mud redt Ellis door hem snel naar een ziekenhuis te brengen, maar moet zich op die manier blootgeven. Als hij bij Ellis thuis afscheid komt nemen, heeft de familie van de vermoorde kerel hem te pakken, met een vuurgevecht tot gevolg, dat echter dankzij Muds vader aan de overkant ooit scherpschutter bij de Marines eindigt met de dood van die hele familie. Zoals de lezer misschien zelf al gemerkt heeft, begint naar het einde van de film toe, wanneer de losse draadjes aan elkaar geknoopt moeten worden, de plot een beetje te wankelen.

Terwijl het filmverhaal daarvoor langzaam en aangenaam voortkabbelde, wordt het nu plots allemaal wat rommelig en hektisch die vriendin die plots niet op de afspraak is, die val in een beek, dat vuurgevecht en zelfs wat ongeloofwaardig waarom moet die Mud perse nog afscheid komen nemen van Ellis, niet erg slim toch want hij weet dat die familie op hem loert.

Het einde van de film kan dan ook niet echt overtuigen. Zijn vader zet hem af met de auto, aan de overkant stappen drie tienermeisjes en één van hen wuift naar Ellis. Die wuift even terug, staat wat te denken, begint dan te glimlachen en gaat naar binnen. Waarschijnlijk bedoelt Jeff Nichols hier dat Ellis nog altijd gelooft in liefde en geborgenheid, maar door dat uit te beelden via dat wuivende tienermeisje, komt het wat raar over, zo kort nadat Ellis nog een pijnlijk blauwtje heeft gelopen met een gelijkaardig tienermeisje.

Laatste sequens van de film: Hij gaat in de kajuit Mud halen die daar ligt te genezen van een schotwond en zegt: De camera draait dan en wij zien wat zij zien: Het is een prachtig eind beeld, maar dit keer zouden we bij God niet weten wat Jeff Nichols ermee bedoelt. Lijkt ons een kandidaat voor filmforums op middelbare scholen. Don Juan en de laatste nimf is de novelle waarmee Hubert Lampo in debuteerde.

Het werk werd geschreven in , middenin de oorlogsjaren, en dient dan ook gezien als een vlucht uit de grauwheid van het dagdagelijkse bestaan. Toch heeft de oorlog invloed gehad op de auteur en meer bepaald bij zijn keuze om het verhaal te situeren in het door Spaanse troepen bezette Vlaanderen van de zestiende eeuw. Wegens zijn uitspattingen met de Spaanse vrouwtjes en wegens een ongelukkig afgelopen twist met een jaloerse echtgenoot, werd hij door Filips II als commandeur van één van zijn legers naar de Lage Landen bij de Zee gestuurd.

Bij het begin van de novelle rukt Don Juan aan de leiding van zijn soldaten op naar het kettersnest Antwerpen.

pijpen tiener negerinnen kutjes